Afleidingsmanoeuvre

In een poging hun eigen aandeel in het debacle rond het REZ zo veel mogelijk te bagatelliseren hebben de SP coryfeeën Stolk en Keesman nieuwe vragen gesteld aan het college.

Daarin beweren ze: “In 2017 heeft de gemeenteraad unaniem en de meerderheid van de aanwezige burgers gekozen voor de variant Bastionmodel als model voor de locatie waar het bungalowpark op het Recreatieoord Enkhuizer Zand moet komen.” 

Dat is, voor de zoveelste keer, een onjuiste voorstelling van zaken.

De raad was (door middel van haar go/no go besluit) er mee akkoord gegaan, dat daaropvolgende besluiten door het college zouden worden genomen.

Voor wat betreft de kwaliteit van de plannen geadviseerd door een (door haarzelf te benoemen) beoordelingscommissie.

Wie er in die commissie zaten weet ik nog steeds niet, maar wel dat het een drietal stedenbouwkundigen betreft. Daarom ben ik nieuwsgierig naar het advies ze bij het voorlopige, maar ook bij het definitieve ontwerp hebben uitgebracht over de kwaliteit van de plannen.

Vragen daarover heb ik gesteld in mijn WOB verzoek.

De SP beweert dus ten onrechte, dat raad en burgers een keuze konden maken. Die keuze mogelijkheid was, met instemming van de raad, aan een ander gegeven.

Waar de SP ook over zwijgt is, dat zij (net als de grootst mogelijke meerderheid van de raad) er mee had ingestemd, dat alle verdere besluiten in dit project door het college konden worden genomen.

Met als gevolg dat grond (met een “straatwaarde” van 20 miljoen) aan de ontwikkelaar werd overhandigd, zonder duidelijke omschrijving van de voorwaarden (zoals de prijs bijvoorbeeld) en zonder dat de hoogste autoriteit binnen de gemeente (de raad) in staat was gesteld om haar bezwaren daartegen kenbaar te maken.

Want dat is natuurlijk het echte schandaal, waar de SP, maar ook alle andere partijen het liever niet over hebben.

Wie op de websites van Droomparken rondkijkt, ziet dat bouwkavels met een huurprijs van € 6000,- geen uitzondering zijn. Dat wil zeggen, dat project Enkhuizen, alleen voor wat de opbrengst uit grondhuur betreft de potentie heeft voor een jaarlijkse opbrengst van 1,2 miljoen. (200 kavels à € 6000,-)

De meest urgente vraag lijkt me dan ook, wie is verantwoordelijk voor het feit dat het oorspronkelijke  uitgangspunt (dat de grond in erfpacht zou worden uitgegeven) werd gewijzigd in een besluit om de grond voor een schijntje te verkopen.

En waarom is dat besluit nooit voorgelegd aan de gemeenteraad. Ook daarover heb ik vragen gesteld in mijn WOB verzoek.

Omdat, op 1 na alle partijen verantwoordelijk zijn voor die nalatigheid, hebben ze met het college één gezamenlijk belang.

En dus zoeken ze, samen met college, naar onderwerpen die de aandacht kunnen afleiden van hun eigen nalatigheid.

De door de SP gestelde vragen maken deel uit van die afleidingsmanoeuvre. Omdat ze de aandacht proberen te vestigen op vermeende tekortkomingen van de provincie, maar de  eigen tekortkomingen van college en raad doodzwijgen.

Drastische stappen.

Waar ik me over verbaas is de onvervalste weerzin, die er door een meerderheid van de raad ten toon wordt gespreid jegens het ZZM. Een nauwelijks verholen afkeer, die onderbouwd wordt met speculaties over mogelijk duistere  motieven van het ZZM.

Kennelijk is een directie, die zich inzet voor wat ze ziet als haar taak (het verdedigen van het museale belang) verdacht. Zo ook de instanties die haar daarbij steunen, zoals het ministerie OCW en de provincie. Allemaal inconsequent en enigszins verdacht als we de SP leiding mogen geloven.

Als er raadsfracties zijn die begrip hebben voor het ZZM, dan hebben ze dat tot dusver verdomd goed weten te verbergen.

Waarschijnlijk heeft het te maken met de woeste beschuldigingen die ex-burgemeester Baas (bij zijn afscheid) uitsprak en is deze vorm van wantrouwen, jegens andere dan de eigen opvattingen, inmiddels in Enkhuizen salonfähig geworden.

Dat onverholen wantrouwen komt ook naar voren, als de SP het begrip “museale beleving” probeert af te schilderen als een recente uitvinding van het museum.

Als Jeu de Boules speler had ik me aangemeld voor de voorlichtingsbijeenkomst voor de stakeholders in februari 2017. Toen werd het eerste (voorlopige) ontwerp gepresenteerd.

Na afloop sprak ik voor het eerst van mijn leven met de directeur van het ZZM. Hij liet me weten, bijgevallen door een lid van de Raad van Bestuur, dat het museum zeer grote bezwaren koesterde tegen de plannen van Orez. Vanwege de aantasting van wat hij toen al de de museale beleving noemde.

Hoe kan het, dat ik sinds februari 2017 weet, dat het museum problemen heeft met het plan van Orez (omdat het een inbreuk vormde op de museale beleving) en dat de SP (en al die andere raadsfracties) dat volledig is ontgaan. En dat ze daarom denken dat het om een recent verzinsel van het ZZM gaat?

Zou het misschien komen, omdat de raad haar kennis (over welk onderwerp dan ook) in de eerste plaats ontleent aan wat het college haar daarover vertelt? En dat, als het college anderhalf jaar lang de raad in onwetendheid houdt over de problemen die het ZZM heeft met het “voorlopige” ontwerp, de raad er dan domweg vanuit mag gaan dat die problemen er ook niet zijn?

Raadsleden hadden natuurlijk ook zelf even bij het ZZM kunnen informeren, maar zulke drastische stappen nemen ze niet graag.

Liever wachten ze tot het college hen vertelt wat wel en wat niet van belang is. Iets doen aan de bezwaren van het ZZM vond het college aantoonbaar niet van belang. Waarmee tevens de opvatting van de raad is verklaard.

De resterende vraag is, of die opvatting gedeeld zal worden door de bestuursrechter van de Raad van State. [Tenzij de provincie eerder ingrijpt natuurlijk. In dat geval wordt het bestemmingsplan gedeeltelijk buiten werking gesteld tot het moment dat het bestuur van de gemeente weer bij zinnen is.]

Nog is Enkhuizen niet verloren.

Dat het de SP er veel aan gelegen is, om het project REZ (met behulp van het zogenaamde complete verhaal) te verdedigen is begrijpelijk.

De eerste stappen van het project (juni 2014) werden gezet, toen de SP een dominante positie in het college van Enkhuizen had. Ze heeft er dus belang bij om het proces af te schilderen als een aaneenschakeling van logische (uit elkaar voortvloeiende) besluiten. Genomen door de gemeenteraad.

Niets is echter minder waar. Aanvankelijk werd gekozen voor een competitieve dialoog met de markt. Toen dat een doodlopende weg bleek te zijn, werd geruisloos overgeschakeld naar een Europese aanbesteding. Waar dat voor nodig was heb ik me vele malen publiekelijk afgevraagd en is me, tot op de dag van vandaag, onduidelijk.

Immers, het enige wat de gemeente moest aanbesteden was de aanleg van een stukje strand. De kosten daarvan waren bij een eerdere gelegenheid begroot op 1.3 miljoen. Door de benodigde grond in erfpacht uit te geven aan een recreatie-ondernemer, zou men de kosten van de aanleg van het strand, uit de inkomsten van erfpacht kunnen betalen.

Verder leek het me, dat je het wel aan de recreatie-ondernemers kunt overlaten om van zijn onderneming iets moois te maken en dat ambtelijke ondersteuning en interventie volstrekt overbodig zou zijn. Tenzij het ging om de toepassing van wet en regelgeving.

Maar nee, waarom eenvoud nastreven als het ook moeilijk kan?

Bovendien, moeilijk doen vormt een garantie voor ambtelijke werkgelegenheid. En dus  werd ingezet op een volstrekt overbodige Europese aanbesteding, die tot overmaat van ramp ook nog mislukte.

Formeel dien je een mislukte tender, opnieuw te doen, maar college en raad zagen toch nog een mogelijkheid om (geheel vrijblijvend) in gesprek te blijven met wat op het eerste gezicht een combinatie van 4 Noord-Hollandse ondernemers was.

Die (zoals later zou blijken) een visje hadden uitgegooid om een opdracht (die ver boven hun capaciteiten ging) binnen te kunnen hengelen. Wat ze uiteindelijk ook is gelukt. Niet dat men het plan zelf wilde uitvoeren, maar om het met winst door te kunnen verkopen aan hun zakenpartner en ogenschijnlijke opdrachtgever. Droomparken.

Dus wat de SP probeert af te schilderen als een gladjes en soepel verlopen proces, was in werkelijkheid een aaneenschakeling van ambtelijke en politieke misvattingen, met als uiteindelijk resultaat, een plan dat nooit zal worden uitgevoerd.

De schuld daarvoor ligt niet bij de talloze bezwaarmakers, maar bij het incompetente politieke en ambtelijke optreden. Die hadden gezamenlijk moeten beseffen, wat wel en niet acceptabel zou zijn. Echter in plaats van zich daarmee bezig te houden, ging men (onder druk van Orez) akkoord met een overeenkomst die zoveel bezwaren oproept, dat de uitvoering van het plan (in overeengekomen vorm) vrijwel ondenkbaar is.

Het presenteren van een plan waarvan de uitvoering ondenkbaar is, is een politieke en ambtelijke blunder van de eerste orde en een bewijs van incompetentie.

Maar nog is Enkhuizen niet verloren. Want na het verwerpen van deze”deal” door de provincie of de rechter, komt er ongetwijfeld weer een nieuwe. Wat kleiner van omvang misschien, maar net zo stijlvol en aantrekkelijk als wat nu wordt aangeboden, want dat kun je met een gerust hart aan Droomparken overlaten.

Nog completer.

Op het SP blog presenteert Margreet Keesman het complete verhaal over het REZ dat, bij nadere beschouwing, toch niet zo compleet is als wordt voorgesteld.

In een eerdere column heb ik al gewezen op het verdraaien van het oorspronkelijke uitgangspunt met betrekking tot de grondverkoop. In plaats van  het gedurende 30 jaar vrij van erfpacht uit te geven, wordt de grond verkocht tegen een onbekende prijs.

Helaas is dat niet het enige oorspronkelijke standpunt dat is verlaten. De oorspronkelijk plangrootte voor woningbouw is van 8 ha bijna verdubbeld naar 16 ha. Daarentegen is de kampeercapaciteit (de doelgroep waarvoor de SP zegt, het op te nemen) verschraald.

Van 375 plaatsen (volgens de nota “Nut en Noodzaak” van 12 februari 2016) naar circa 155 in oktober 2018. Volgens de laatste inzichten zijn de 155 plekken als volgt verdeeld:

46 plaatsen zijn gereserveerd voor bestaande standplaatshouders wiens kampeermiddel wordt toegelaten op de nieuwe camping. 69 zijn gereserveerd voor de nieuwe exploitant, die deze plaatsen wil benutten voor het oprichten van chalets voor verkoop/verhuur. En circa 40 plekken zijn beschikbaar voor passanten.

De winnaar van deze wisseltruc met kampeerplekken is uiteraard de exploitant van de nieuwe camping. Hij heeft voor zichzelf de mogelijkheid gecreëerd voor de verkoop van chalets. Het aantal er van is ongeveer gelijk aan het aantal dat in Broekerhaven is geplaatst. Bovendien wordt de openingstijd van de camping uitgebreid, wat verhuur van de chalets aan seizoenswerkers mogelijk maakt.

De verliezers zijn de oorspronkelijke standplaatshouders. Hun potentiële aantal gaat met 3/4 omlaag en de  kosten gaan aanzienlijk omhoog. Ook de passanten leveren in, van 175 naar 40 plekken. Ook voor hen rest nog slechts 1/4 van de oorspronkelijke hoeveelheid kampeerplekken.

In “het complete verhaal” van de SP is de volgende zinsnede opgenomen.

Voor onze fractie is het belangrijk dat de verplaatsing van de camping goed gaat. De raad heeft nadrukkelijk afgesproken dat op de nieuwe camping sta- en toercaravans komen en dat er met tenten gekampeerd kan worden.

Hoe belangrijk het voor de SP fractie is, blijkt uit het feit, dat vrijwel alle beloftes die ten aanzien van die doelgroep zijn gedaan, niet zijn nagekomen, zonder dat de SP daar ook maar iets tegen heeft ondernomen. Het zijn dan ook niet meer dan loze beloften.

De stand van zaken is, dat de huidige campingbewoners niet weten of ze naar de nieuwe camping mogen. Ze weten evenmin, wanneer de nieuwe camping gereed zal zijn.

Wat ze wel weten is, dat ze vanaf 1 oktober geen enkel recht meer hebben op hun standplaats op de oude camping en (de happy few) zullen moeten afwachten of de nieuwe camping klaar zal zijn.

De werkzaamheden zijn nog niet begonnen. Ze zullen ook niet beginnen voordat er een vergunning is afgegeven. En die vergunning kan pas worden afgegeven als het nieuwe bestemmingsplan onherroepelijk is geworden.

Daarover neemt de gemeenteraad in september een besluit, waartegen nogal wat bezwaren zijn ingediend. Het risico is aanwezig, dat het plan in zijn huidige vorm de eindstreep niet zal halen.

En daarmee is het “complete verhaal”, dat de SP zegt te willen vertellen, nog completer geworden.

Als de vos de passie preekt.

Afgelopen zaterdag liet Enkhuizen Vooruit zich uit over het REZ. “Verwijs plan REZ terug naar de tekentafel” was hun oproep. Op dat krantenbericht hebben zowel de SP (bij monde van fractievoorzitter Margreet Keesman) als ikzelf gereageerd. Zelf reageer ik positief op deze constatering van Enkhuizen Vooruit.

Margreet Keesman constateert op het SP blog, dat er op Facebook allerhande onzin staat over het REZ, dat door allerhande partijen de lucht in wordt geslingerd.

Mevrouw Keesman haalt volgens mij een paar dingen door elkaar. Ik plaats regelmatig een link op Facebook naar een bericht, dat ik op mijn blog heb geplaatst. Berichten die de laatste tijd regelmatig over de ontwikkelingen op het REZ gaan.

Ik neem aan dat haar kwalificatie “de grootst mogelijke onzin” betrekking heeft op deze (door mij geschreven) berichten.

Het krantenbericht van 8 juni gaat over de vragen die Enkhuizen Vooruit aan het college heeft menen te moeten stellen. Dat de krant verslag doet van het feit, dat een fractie in de gemeenteraad vragen stelt aan het college lijkt me onderdeel te zijn van haar taak.

Dat voor de SP de recente ontwikkelingen geen aanleiding zijn voor het stellen van vragen, vind ik opmerkelijk, maar om de vragen van anderen af te doen als onzin (die het nodig maakt om “dingen” te verduidelijken) is een gewaagde stellingname. Zeker als wat je zegt te willen verduidelijken feitelijk neerkomt op verdoezelen en verdraaien.

Bijvoorbeeld de gang van zaken rond de gronduitgifte op basis van erfpacht. Keesman zegt daarover op haar blog. “De grond kan in erfpacht worden uitgegeven of de exploitant kan een deel kopen:” Als bron citeert ze de Deel 3 van de randvoorwaarden en gunningscriteria.

Tegenwoordig leest het merendeel van de mensen dit soort beschouwingen op zijn (of haar) mobiel en wordt zelden nog de moeite genomen de juistheid van de bewering te controleren.

Zou men dat in dit geval wel doen, dan kan geconstateerd worden dat de bewering over de keuzemogelijkheid onjuist is. In het geciteerde document staat onder artikel 5.2 e. “Primair wordt daarbij de grond uitgegeven in erfpacht.” 

Dus niks vrije keuze voor de ontwikkelaar. Het oorspronkelijk aanbod, zoals wethouder De Jong het via de krant had laten weten was, dat de benodigde grond 30 jaar vrij van erfpacht zou zijn. Om hoeveel grond ging het? Ik schat al gauw 20 ha.

Dat is 200.000 m2 grond met een bouwvergunning. De gemeente heeft de waarde van die grond ooit op meer dan € 100,- per m2 getaxeerd. Zeg 2,5% erfpachtrente, wat neerkomt op een jaarlijkse besparing van € 500.000,- . Dat 30 jaar lang, komt neer op een besparing van 15 miljoen.

En roep nu niet dat dit niet kan, 4 km verderop heeft de gemeente StedeBroec de grond van haar buitendijkse camping in erfpacht uitgegeven aan Europarcs, die de te betalen gemeentelijke erfpacht gewoon doorbelast aan de eigenaren van de chalets.

Dat de grond niet in erfpacht werd uitgegeven, maar werd verkocht was een keuze, die door het college is gemaakt, zonder de raad daarover te raadplegen. Een keuze die de raad (en niet alleen mevrouw Keesman) volkomen is ontgaan.

En om die nalatigheid te verdoezelen en goed te praten (de SP was namelijk leidend in het college dat die keuze had gemaakt) jokt mevrouw Keesman nu dat het altijd al een optie voor de ontwikkelaar was.

Maar het mooiste komt nog. Geen enkel raadslid (en dus ook mevrouw Keesman niet) weet, tegen welke prijs er 200.000 m2 grond (inclusief bouwvergunning) op een eerste klas locatie is verkocht. En Keesman wil het ook niet weten, want anders had ze er wel naar gevraagd. Dus heb ik het door middel van een WOB verzoek gedaan.

Kortom, in plaats van zaken te verduidelijken is mevrouw Keesman alleen maar bezig om de nalatigheid van een college, dat onder haar verantwoording tot stand kwam, te verdoezelen. Maar dat is niet het enige wat de SP (en mevrouw Keesman) gemakshalve over het hoofd zien. Daarover een volgende keer meer.

Stemmingmakerij.

Het NHD van vandaag besteedt aandacht aan de column die ik maandag op mijn blog plaatste, waarin ik de SP verweet een gemanipuleerde foto te gebruiken.

Om de uitslag van de door haar georganiseerde mini-enquête te beïnvloeden. Trots laat de SP weten, dat 80% van de door haar geënquêteerden het met hun standpunt eens zijn.

Als reactie op mijn verwijt liet Keesman de krant weten, dat het iedereen duidelijk moet zijn dat de foto is gemanipuleerd. OK, maar de reden voor de manipulatie is toch echt om degene die de folder in ontvangst neemt er van te overtuigen, dat dit het eindresultaat zal zijn, als de gemeente gehoor geeft aan de wens van het ZZM.

En dat, zo maak ik met behulp van plattegronden (waarover ook de SP de beschikking moet hebben gehad) duidelijk, was een groteske overdrijving.

Maar het is niet alleen de foto, die misleidend is. Het geldt ook voor de bijna terloopse opmerking, dat auto’s maar drie uur mogen parkeren. Ook dat is een broodje Aap verhaal.

Toegangskaarten zijn een dag geldig. Het is absurd om een toegangskaart te verkopen die een dag geldig is en tegelijkertijd een parkeerbewijs te verstrekken dat maar 3 uur geldig is. Een dergelijk plan bestaat helemaal niet.

De enige reden waarom SP en andere partijen er aan vast houden is dat ze langs die weg kunnen beargumenteren dat het aantal verkeersbewegingen 600 per dag kan bedragen.

Om dat vervolgens weer als argument te gebruiken om het verzoek van het ZZM af te wijzen. Iedereen mag de opvattingen koesteren dat we er niet verstandig aan doen om gehoor te geven aan het verzoek van het ZZM. Maar onderbouw die opvatting dan met  “eerlijke” argumenten en onthou je van het geven van een valse voorstelling van zaken.

De SP is overigens niet de enige die de “3 uur parkeren” regel gebruikt. CDA, NE en HEA hebben er ook al gebruik van gemaakt. Ze schijnt te berusten op een ambtelijk advies, dat tijdens een besloten voorlichtingsavond is gegeven.

Samengevat, de door de SP georganiseerde folderactie over het recreatieoord was niet meer dan tegen het ZZM gerichte stemmingmakerij.

Getrukeerde foto

Afgelopen zaterdag stond de SP in de Westerstraat de hierboven geplaatste folder uit te delen. Met behulp van deze folder wil de SP illustreren hoe het recreatieoord er uit zou komen te zien als aan de wens van het ZZM (een parkeerterrein op het recreatieoord) gehoor zou worden gegeven.

Met dat doel heeft de SP de foto van een verzamelplek van tweedehands auto’s (die op verscheping naar elders wachten), geplakt over een foto van het Wilhelminaplantsoen. De auto’s op de foto staan namelijk zo dicht op elkaar geparkeerd, dat dit geen parkeerterrein is in de gebruikelijke betekenis van het woord.

De fotomontage van de SP is een groteske overdrijving van het door het ZZM ingediende plan. Hieronder de plattegrond van dat plan.. Parkeren ZZM

Vervolgens de luchtopname van de bestaande situatie. Slechts een klein deel van de camping (waarvan de verhuizing inmiddels is bevestigd) zou moeten worden opgeofferd om tegemoet te komen aan de parkeerbehoefte van het ZZM. Maar je zou het parkeerterrein natuurlijk ook kunnen inrichten op het parkeerterrein dat vroeger in gebruik was bij SWL, maar nu al zo’n 9 jaar braak ligt.

parkerenZZMoverzicht

Verder was voorzien in een weg parallel aan de museumgrens. 12,5 meter breed waarop, haaks op de weg ook nog 50 auto zouden kunnen worden geparkeerd.

Parkerenzzmdijkje

Kortom, het beeld dat de SP (met behulp van haar fotomontage) oproept staat in geen enkele verhouding tot het oorspronkelijk verzoek van het ZZM.

De voorzijde van de folder bestaat dus uit een doelbewuste poging om de bewoners van Enkhuizen (met behulp van een getrukeerde foto) te desinformeren over de gevolgen van het verzoek van het museum.

(Grond beschikbaar te stellen voor de aanleg van een parkeerterrein).

Die desinformatie wordt op de achterzijde van de folder voortgezet als de SP beweert, dat er op het terrein een parkeerduur-beperking zal gelden van 3 uur.

Die bewering is onjuist en uit de duim gezogen, maar het stelt de SP (maar ook andere partijen zoals HEA, NE en CDA) in staat om te betogen dat de dagelijkse verkeersstroom kan oplopen tot wel 3 keer de maximale capaciteit van het terrein. (200 plaatsen). Zodat genoemde partijen kunnen blijven beweren, dat de dagelijkse verkeersstroom (als uitvloeisel van het parkeerterrein) kan oplopen tot zo’n 600 auto’s per dag.

Opnieuw een schromelijk overdrijving van wat er het afgelopen seizoen is gemeten op het parkeerterrein op de Krabbersplaat. Gemiddeld 150 verkeersbewegingen per dag. Uiteraard zullen er dagen zijn dat het dubbele van dat gemiddelde wordt gehaald, maar daar staan dan weer dagen tegenover, waarbij de verkeersstroom weer ver beneden het gemiddelde daalt.

Het heeft geen zin te ontkennen, dat er van tijd tot tijd problemen zullen ontstaan op de aanvoerwegen, maar waar ontstaan die problemen niet als Nederland er massaal op uit trekt? Een gemiddelde van 150 auto’s per dag moet echter te verwerken zijn.

Dat wordt anders, als men naast een parkeerterrein ook nog een vakantiepark wil gaan realiseren. Een realistische schatting van de benodigde parkeerruimte voor het park is 300 plaatsen. Die gezamenlijk minstens net zo veel verkeersbewegingen genereren als een parkeerterrein voor het museum,

Het is dan ook onvermijdelijk, dat er een keuze gemaakt moet worden tussen de beide mogelijkheden  Parkeren voor het museum of parkeren voor het vakantiedorp.

De keuze die college en raad gemaakt hebben is voor het vakantiedorp. Dat is uiteraard hun goed recht, maar dat rechtvaardigt niet dat er leugenachtige argumenten gebruikt worden (zoals in de folder van de SP) om die keuze te verdedigen.

De aanleg van het vakantiepark maakt het onmogelijk om (als het bootmodel  financieel gezien niet langer houdbaar is) een toegangsweg over land te creëren. Wat het museum kwetsbaar maakt voor wat betreft haar toekomstige bereikbaarheid.

Het gaat dus niet om een of ander sinister plan van de museumdirectie, zoals Langbroek in de krant suggereert, maar om het veilig stellen van de toekomstige bereikbaarheid en het lijkt me, dat de museum directie daar eerder voor geprezen dient te worden dan te worden verguisd.

Zowel het college als de raad hebben zich tot op heden nauwelijks bekommerd om wat de gevolgen van HUN herinrichtingsplannen zijn voor het ZZM.

Ik vrees, dat dit uiteindelijk een dramatische en kostbare vergissing van college en raad zal blijken te zijn.

De kiezers misleiden met behulp van een getrukeerde foto is nog betrekkelijk eenvoudig, maar of de rechters van de Raad van State zich net zo makkelijk laten misleiden waag ik te betwijfelen.