Adequaat?

Het bericht in de krant van zaterdag (23-11-2019) bevatte niet alleen het aanbod van de directeur Bruil van Droomparken om te bemiddelen tussen provincie en gemeente.

Het bevatte ook reacties van raadsleden op het voornemen van de provincie om een reactieve aanwijzing te geven. Voor het gemak van mijn lezers reproduceer ik het bericht (dat in de krant van zaterdag stond) onder mijn column.

Keesman (SP) laat weten dat het eerst duidelijk moet worden wat de provincie wil. Wel, dat staat vrij nauwkeurig omschreven in de zienswijze zelf en het advies van van de PARK. (Provinciaal Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit). Het zelfde geldt eigenlijk voor Van Marle (D66) , die nu jammert dat die 200 woningen niet zo onaanvaardbaar waren als er nu door de provincie wordt voorgesteld.

Waar heeft hij het over? Ik citeer maar even letterlijk het PARK Rapport van 8 mei 2019.

Uit de door Van Uum onderzochte alternatieven blijkt dat op deze kwetsbare locatie 200 vakantiewoningen aan het water niet op een kwalitatief hoogwaardige wijze inpasbaar zijn.
Of de maximaal 200 vakantiewoningen wel hoogwaardig inpasbaar zijn, wanneer zij niet ieder aan vaarwater liggen laat zich thans niet beoordelen.

Ontwerpend onderzoek moet dat uitwijzen. Daar had de ARO ook om verzocht.

Op dit moment kan ik als PARK slechts de door de ARO gemaakte opmerking dat ‘maximaal 200 vakantiewoningen voor deze locatie mogelijk een te zwaar programma is’ onderschrijven.

Heeft de gemeente het gewijzigde ontwerp (dat niet veel meer was dan een voorlopig krabbeltje en dat als gevolg van participatie door Jan en Alleman in theorie nog alle kanten op kan) ter beoordeling voorgelegd aan de Aro? (Adviescommissie Ruimtelijke Ordening)

Volgens mij niet, dus waarom vindt Van Marle het dan gek, dat de ARO een voorbehoud maakt ten aanzien van dat onderdeel van het bestemmingsplan?

Freek Jans (Hea) beklaagt zich over het feit dat de bevolking eerder is ingelicht dan hijzelf, maar laat onvermeld, welke onherstelbare schade daarmee volgens hem is aangericht. Van Reijswoud (VVD) zet er ook zijn vraagtekens bij, om vervolgens te constateren,  dat het enige wat de provincie bereikt heeft een hoop onrust is.

Dat is een wel heel kortzichtige samenvatting van wat het provinciebestuur met haar reactieve aanwijzing hoopt te bereiken.

Ik neem aan, dat de provincie met haar aanwijzing hoopt te bereiken, dat de raad haar taken eindelijk serieus gaat nemen en dus niet alleen maar gedachteloos aan de hand van het college blijft voortmodderen.

En niet alleen het door het college gemaakte uittreksel van een zienswijze lezen, maar ook de zienswijze zelf en dan pas beoordelen of de door het college gegeven reactie op een zienswijze een adequate reactie was.

Dat was, op de door mij ingediende zienswijze, zeker niet het geval. Hieronder het krantenbericht waar deze column over gaat.

19-11-23

Faliekant verkeerd.

In de nota “beantwoording zienswijzen” (hier te vinden) staat onder algemene inleiding het volgende.

Keuze voor Vestingmodel
De aanbesteding heeft geleid tot twee mogelijke modellen (de ‘Vesting’ en ‘Havens’) dat in 2017 is gepresenteerd.

Daarbij is door de raad en de inwoners gekozen voor het vestingmodel.

De laatste zin is een pertinente onjuistheid. Raad en bevolking zijn geïnformeerd over het bestaan van beide modellen, de keuze werd gemaakt door een (door het college benoemde) beoordelingscommissie.

Of die beoordelingscommissie overigens ooit is benoemd of dat het college het besluit gewoon zelf heeft genomen is nog maar de vraag.

Er zijn kennelijk geen aanstellingsbrieven verstuurd en het bewijs voor het bestaan van de commissie bestaat uit een advies met daaronder vijf onleesbare handtekeningen.

Irrelevant? Wel, het bevestigt, dat na het “go” besluit in 2014 door de raad, alle daar op volgende besluiten door het college zijn genomen. Beide (mislukte) pogingen tot een openbare aanbesteding, maar ook de daarop volgende onderhandse gunning volgens scenario 1.

In de discussie over de scenario’s veronderstelt Van Marle (D66), dat de stemming die er op volgt bepalend is voor de keuze van het college. Hij wordt door burgemeester Baas terecht gewezen. Het besluit was reeds door het college genomen. De raad mag slechts wensen en bedenkingen naar voren brengen, waar het college dan kennis van neemt.

De notulen vatten het als volgt samen.

De voorzitter legt naar aanleiding van de stemverklaring van de heer Van Marle uit dat de raad niet besluit tot een bepaald scenario. De raad wordt gevraagd kennis te nemen van de scenario’s en daar eventueel zijn wensen en bedenkingen bij te uiten. De uitvoering is een verantwoordelijkheid van het college en het heeft de raad gevraagd daar zijn wensen en bedenkingen bij te uiten. Het college neemt daar kennis van en kan daar desgewenst zijn nadere standpunt op bepalen.

De voorzitter brengt het voorstel in stemming en constateert dat dit met negen stemmen voor en acht tegen is aangenomen.

De notulen van de raadsvergadering van 2/2/2016 zijn hier te vinden.

De raad is akkoord gegaan met een aanbestedingsprocedure en vervolgens is ze alleen maar achteraf geïnformeerd en heeft ze geen besluit genomen. Tot het moment dat er een bestemmingsplan moest worden goedgekeurd.

De consequentie van dit alles is, dat ondanks de verwoede pogingen van het college (en de SP) om raad en inwoners mede verantwoordelijk te maken voor de keuzes die er zijn gemaakt, het toch het college is, dat verantwoordelijk is voor elk genomen besluit.

En dat zij zichzelf gelukkig mag prijzen, dat de raad daar uiterst lankmoedig mee om gaat, omdat nogal wat besluiten faliekant verkeerd zijn uitgevallen.

Verdienmodel.

Gisteren, geheel tegen mijn gewoonte in, de vergadering van de commissie grondgebied  in levende lijve bijgewoond. De achterzaal van de Werf was lekker gevuld, nu nog een knappe geluidinstallatie.

Vijf indieners van zienswijzen waarvan vier de indruk wekten min of meer tevreden te zijn met het gewijzigde bestemmingsplan.  Alleen het ZZM liet in het midden of men nog zaken zeker gesteld wilde zien.

Vervolgens mochten de raads/commissieleden hun vraagjes stellen. Keesman trapte af met een uitgebreide reconstructie en de rol van de provincie. Grappige gewoonte. De raad kijkt wel altijd kritisch naar anderen, maar zelden of nooit kritisch naar haar eigen gedrag. Dat doe ik dan weer wel, maar daar kunnen ze niet goed tegen is mijn indruk.

Neem nou bijvoorbeeld het begrip burgerparticipatie. Zoals gebruikelijk zijn ze er stuk voor stuk voorstander van, alleen doen ze er niks aan om het mogelijk te maken. Om als burger te kunnen participeren, moet je hem/haar eerst informeren en noem me één partij die haar informatieplicht op dat punt serieus neemt.

Ik kan me (op de VVD na) geen partij herinneren die over het REZ een bijeenkomst voor haar kiezers heeft uitgeschreven. En die VVD bijeenkomst kwam er ook alleen maar, omdat de toenmalige raadslieden niet wisten wat ze (drie dagen later) moesten besluiten en het daarom een goed idee leek om het aan de leden te vragen.

Enfin, elke fractie deed zijn democratische plicht door plichtmatig een vraagje te stellen die routinematig door wethouder Struijlaart werden beantwoord. In de tweede termijn deed ook Van Reijswoud een duit in het zakje. Waarna iedereen reikhalzend uitkeek naar het moment dat men plaats kon nemen aan de bar en de zaken kon bediscussiëren die de hele avond onbesproken waren gebleven.

Zoals het verdienmodel van Orez BV bijvoorbeeld.

Ongemakkelijke waarheden.

Gemeenteraad_Enkhuizen_internetEen ander politieke doodzonde is het (door de bestuurders) niet respecteren van het budgetrecht van de raad. Helaas weet de overgrote meerderheid van de burgers niet, wat het budgetrecht inhoudt.

Het budgetrecht houdt in, dat het bestuur (college of regering) nooit meer geld mag uitgeven dan haar door de bevolking (via haar vertegenwoordigers) ter beschikking is gesteld.

Door goedkeuring van de jaarlijkse begroting, dan wel door aanvullende kredieten.

Dat is een democratische verworvenheid waarvan het belang niet mag worden onderschat. Zonder dit budgetrecht zouden bestuurders namelijk naar hartenlust geld kunnen uitgeven aan allerhande privé projecten, terwijl de kosten daarvoor uiteindelijk voor rekening van de belastingbetaler zouden komen.

In strijd handelen met dit principe (meer geld uitgeven dan door de vertegenwoordigers van de bevolking ter beschikking is gesteld), is een politieke doodzonde, die tot niets anders kan leiden dan het opzeggen van het vertrouwen in de betreffende bestuurder.

Opnieuw een voorbeeld uit de Enkhuizer praktijk. De gemeenteraad had ooit een bedrag van 1.2 miljoen gereserveerd voor restauratie van de Drommedaris. De toen verantwoordelijke wethouder wilde echter graag onderzoeken of er, in plaats van een restauratie, ook een verbouwing mogelijk zou kunnen zijn. Hij vroeg om een krediet om dat onderzoek te kunnen uitvoeren. Naar ik me herinner € 125.000,-.

Uiteindelijk bleek dat hij een viervoud van dat bedrag had uitgegeven aan de voorbereiding voor een verbouwing. De raad kreeg als gevolg daarvan het dilemma voorgeschoteld. Ofwel het half miljoen aan gemaakte kosten afschrijven en zich beperken tot de goedkopere restauratie. Dan wel de verbouwing toch door te zetten.

Men besloot tot het laatste, ook al omdat werd voorgespiegeld dat de kosten van de verbouwing gemakkelijk uit subsidies kon worden betaald. Dat bleek achteraf allemaal veel te optimistisch voorgesteld, maar daar wil ik het nu niet over hebben.

Waar het me nu om gaat is dat een wethouder het viervoudige uitgeeft van wat hem ter beschikking was gesteld. Aan de voorbereiding van een verbouwing, terwijl er een onderzoek naar de mogelijkheid tot verbouwing was overeengekomen. En dat de raad zich daardoor voor een voldongen feit zag geplaatst.

De dag nadat de cijfers van die overschrijding openbaar werden gemaakt, publiceerde ik op dit blog mijn conclusie. Geen respect voor het budgetrecht van de raad.

dromAchteraf werd me verteld, dat de oppositie van zins was geweest een motie van wantrouwen in te dienen. Zover is het echter nooit gekomen.

Voordat de overschrijding in de raad kon worden behandeld had de toenmalige VVD/D66 fractie (toen nog één fractie) al laten weten dat zij haar steun aan het college introk, omdat een meerderheid van de raad een wijziging in de begroting wilde doorvoeren.

Laat dat even op U inwerken. Een meerderheid van de raad wil een wat socialer aanpak dan voorgesteld door het toenmalige college. In plaats van de wens van die meerderheid te respecteren (wat democratisch gebruikelijk is) trok de VVD/D66 fractie haar steun voor het college in, waarop het college haar kans schoon zag om vrijwillig af te treden.

Waarmee men voorkwam, dat men 14 dagen later tot aftreden zou zijn gedwongen. Alleen de SP moppert er in de raadsvergadering nog wat over na, maar vond het verder niet noodzakelijk om formeel haar afkeuring uit te spreken (door middel van een motie van treurnis) over de schending van het budgetrecht dat had plaatsgevonden.

Gedurende de tijd dat ik blog over de lokale politiek (8 jaar) zijn dus twee colleges voortijdig aan hun einde gekomen. In beide gevallen ging het om politieke doodzonden, maar in beide gevallen werd daar met geen woord over gerept. In beide gevallen werden er voorwendsels gebruikt om de val van het college te bewerkstelligen.

Waar de krant “ongemakkelijk nieuws” uit de weg gaat, gaat de raad “ongemakkelijke waarheden” (zoals politieke doodzonden) uit de weg.

Twee instituten, die de lokale democratie vorm en inhoud zouden moeten geven, maar die (omdat ze moeite hebben met “ongemakkelijke onderwerpen”) haar reduceert tot niet meer dan een een schijnvertoning. Waar de helft van de bevolking niet meer in gelooft en weigert om er nog aan deel te nemen.

Je zou hopen, dat beide actoren zich dat zouden aantrekken, maar daar is me tot op heden niets van gebleken.

Plekje vrij

Onder de kop “Wildgroei aan politieke debatten” publiceert lijstaanvoerder Koning (D66) zijn recente opvatting over de debatten die in het kader van de verkiezingen door allerhande maatschappelijk organisaties worden georganiseerd.

Zijn partij wenst alleen nog deel te nemen aan debatten die georganiseerd worden door onafhankelijke instanties zoals WEEFF. Een opvallend standpunt waarop door de SP op twitter tamelijk heftig is gereageerd.

Volgens Koning vinden discussie, debat (wat precies is het verschil) en besluiten plaats in de gemeenteraad. Koning zit inmiddels vier jaar in de raad en zou dus beter moeten weten. Besluiten? Inderdaad, maar discussie, ho maar. Gewoonlijk wordt er (een dagen eerder geprepareerde) verklaring voorgelezen die niet mag worden onderbroken door een interpellatie. In de tweede ronde mag dat wel, daarna is de pret afgelopen en moet er een besluit genomen worden.

In de raadsvergadering van 12 december 2017 hebben een twintigtal lezers van mijn blog aan alle fractievoorzitter te kennen geven het niet eens te zijn met de kostenverdeling van het ontwikkelingsplan SED. Op mijn blog zelf hadden meer dan 80 lezers te kennen gegeven het er niet mee eens te zijn.

Dus wat heeft Koning gezegd over die kostenverdeling tijdens die vergadering? Niets, hij heeft welgeteld 37 seconden het woord gevoerd en dat kwam neer op een reprimande voor collega Langbroek, die bedreigd werd met een motie van wantrouwen, als hij zijn gedrag niet zou aanpassen aan wat Koning wenselijk vond.

koning
Geen debat

Koning stond niet alleen in zijn zwijgzaamheid over de kostenverdeling. Geen van de fractievoorzitters (met uitzondering van Van Reijswoud) sprak zich er over uit. Van Reijswoud stelde dat de verdeling voortvloeide uit eerder gemaakte afspraken.

Uiteraard heb ik die afspraken ook gezien, alleen betroffen het afspraken over de verdeling van de binnen de organisatie gerealiseerde besparingen en niet over nieuwe investeringen.

Oude investeringen, d.w.z investeringen die gedaan zijn voor dat de SED een feit was (dus voor 1-1-2015) gebeurden op basis van een verdeelsleutel die gebaseerd was op 33,33% per gemeente. Over een verdeelsleutel voor investering na 1-1-2015 (wanneer de SED een feit is) werden geen afspraken gemaakt, men ging er kennelijk van uit dat de besparingen de investeringen zouden overtreffen.

Dat is niet gebeurd en dus bevinden we ons nu, door vast te houden aan een oneigenlijke verdeelsleutel, in een situatie waarin de kleinste gemeente opgezadeld wordt met de hoogste kosten. Als de bijdrage in de investeringskosten van de SED voor elke inwoner het zelfde zou zijn, dan bespaart Enkhuizen zich € 830.000.- en betalen Drechterland en StedeBroec samen hetzelfde bedrag meer.

Jannie
Wel debat

Zowel D66 als de SP hebben geen belang bij een discussie over dit onderwerp, omdat dit mogelijk leidt tot de conclusie dat beiden wel erg gemakzuchtig zijn omgesprongen met de belangen van inwoners van Enkhuizen. Ook de reguliere pers heeft het tot dusver (om voor mij onbegrijpelijke reden) laten afweten.

Er zit dan ook weinig anders op dan om te proberen om met behulp van sociale media de discussie op gang te krijgen. Dat mag dan beneden de waardigheid van D66 zijn, maar je kunt als grootste coalitie partij en primair verantwoordelijke voor dit college niet blijven weigeren, om met anderen in debat te gaan.

Bovendien hebben ze bij WEEFF vast nog wel een plekje vrij waar Koning in discussie kan gaan met NE lijsttrekker Jannie Aukes over de kostenverdeling van het Ontwikkelingsplan van de SED. We hebben het per slot van rekening over € 830.000,-

Volwassener

koning-1
Geen wethouder?

In de krant van maandag las ik dat verkenner Jaap Koning (D66) op zoek is naar een nieuw college met bekwame bestuurders zonder nadrukkelijke partijbinding. Volgens hem is hun opdracht om de instabiele situatie in de SED organisatie op te lossen. Pardon?

Sinds wanneer is het de taak van een Enkhuizer college om een onstabiele situatie binnen het SED op  te lossen?

Als er sprake is van een instabiele situatie bij het SED dan is dat de verantwoording van de directie van het SED. Die bestaat uit de drie gemeente-secretarissen. Die van Enkhuizen is nog maar net benoemd. Over die van Stede Broec en Drechterland heeft het college van Enkhuizen niets te zeggen.

Als de SED directie niet naar behoren functioneert, dan is het aan het dagelijks bestuur om daar verandering in te brengen. Het dagelijks bestuur bestaat uit de burgemeesters van de drie aangesloten gemeenten. Over de burgemeesters van Stede Broec en Drechterland heeft het college van Enkhuizen niets te zeggen.

Bij mijn weten zit Jaap Koning in de klankbordgroep van de SED. De gesprekspartner van het dagelijks bestuur van het SED. Alleen al daarom zou hij moeten weten hoe de vork in de steel zit.

Maar Jaap Koning wil dus, dat een toekomstig (door hem te formeren) college de SED organisatie weer op de rit zet. Hoe ze daar in Stede-Broec en in Drechterland over denken maakt natuurlijk niet uit. Daar beschikken ze nu eenmaal niet over de superieure politieke inzichten waar onze Enkhuizer politici over menen te beschikken.

Nu behoort het zijn van verkenner tot de leukere politieke schnabbels die te vergeven zijn en wordt ze waarschijnlijk per uur betaald. Dus ik snap ook wel dat Jaap Koning de stand van zaken een beetje overdrijft, maar laten we toch vooral proberen een beetje nuchter te blijven.

Het was natuurlijk een domme fout van de SP, dat ze na de laatste verkiezingen niet eens de moeite heeft genomen om met (die andere grote winnaar) D66 te praten over de mogelijkheid van een coalitie. Een coalitie van SP, D66 en CDA had gezien de verkiezingsuitslag meer voor de hand gelegen. Het is nog steeds de meest logische coalitie.

Dus als de SP nu eens als de gesmeerde bliksem op zoek gaat naar een vervanger van Olierook, en Wijnne (die volgens mij al 67 is) gaat gewoon lekker met pensioen, dan kan Koning de plek van Wijnne innemen en kan het circus weer verder.

Ik weet dat Koning tegenover de krant heeft verklaard dat hij daar geen belangstelling voor heeft, maar in de politiek zijn dat soort uitspraken van nul en generlei waarde. Politici doen niets liever dan zichzelf opofferen voor het algemeen belang. Althans, dat is de opvatting die ze met overgave verspreiden.

De SP (op haar beurt) moet  iemand op het oog hebben gehad om te zijner tijd Olierook op te volgen. Over een jaar zou hij sowieso zijn vertrokken. Elke andere combinatie dan SP, D66 en CDA is te instabiel en leidt alleen maar tot nieuw getob.

Wat het SED betreft, stel een nieuw Dagelijks Bestuur aan of handhaaf het bestaande, maar maak in ieder geval geld beschikbaar waarmee die organisatie zich kan verbeteren. Daar heeft iedereen belang bij. En boven alles, leer je als raad iets volwassener te gedragen en hou op met het in het wilde weg ontslaan van mensen.

Dat doen ze in Drechterland en Stede Broec ook niet en ik heb niet de indruk dat ze daar de zaken minder goed voor elkaar hebben dan in Enkhuizen.

Opleveren

snoek
Even inspringen

Ok, ik heb de vergadering van dinsdagavond toch maar even nageluisterd, maar ik begrijp nog steeds niet waar het idee voor een motie van wantrouwen opeens vandaan kwam.

Natuurlijk, zo’n motie is voorspelbaar als je de gang van zaken rond de verbouwing van de Drommedaris in aanmerking neemt.

Maar dat had men 8 maanden lang niet gedaan. Die kwestie was deskundig richting doofpot gemanoeuvreerd. Naar ik aanneem vanwege het eigen (stupide) aandeel van de raad in deze schertsvertoning.

Maar dan plotseling schrikken de schapen wakker en wordt, bijna achteloos, de wethouder toch ter zijde geschoven. Voor iets waar hij volgens mij weinig aan kon doen.

Waar hij wel wat aan had kunnen (en moeten) doen blijft onbesproken. Te pijnlijk waarschijnlijk, omdat men daarover  8 maanden lang de kaken stijf op elkaar heeft gehouden. Ik blijf me verbazen over de manier van werken van de gemeenteraad.

En van de vergadering van gisteravond kon ik al helemaal geen chocolade maken.

De SP stelde voor om een neutrale “verkenner” van buiten de stad te benoemen. Een verkenner? Kan Fokko Snoek niet even inspringen? Als raadslid moet hij in Enkhuizen wonen, maar als wethouder mag je buiten de stad wonen. En als Fokko niet kan dan is er vast wel een andere SP’er te vinden die zich een jaartje wil opofferen.

Er ligt een collegeprogramma, dat is bijna helemaal uitgevoerd (kun je nagaan hoe moeilijk dat was), dus waarom zou je voor een jaartje de dingen moeilijker maken dan ze zijn?

Van Reijswoud kwam met een ander idee. Een zakencollege. Drie (nieuwe??) bestuurders van prima kwaliteit die zonder al te nadrukkelijke partijbinding de steun zouden krijgen van de meerderheid van de raad. Als ze daar al in slagen, dan duurt het waarschijnlijk tot na het zomerreces voor we weer een ingewerkt college hebben.

Ik kan me niets voorstellen bij zo’n zakencollege. Waarom niet de bestaande (net een paar maanden oude) coalitie (SP, CDA, CU/SGP) aangehouden voor de rest van het jaar? Wat gaan we in hemelsnaam overhoop halen?

Maar goed, D66 ziet er kennelijk wel brood in. We zullen zien wat dat oplevert.