Achter het net vissen.

Het ophouden van de schone schijn is allang niet meer het exclusieve recht van politici en inwoners van ’s Gravenhage. Vrijwel iedereen doet daar tegenwoordig, dank zij de sociale media, aan mee.

En dat is waarschijnlijk ook de reden, dat iedereen zijn schouders ophaalt als er door de gemeente beweringen worden gedaan die in strijd zijn met de waarheid. Bijvoorbeeld zoals de bewering, dat de gemeente in het verleden de regie voerde over de herinrichting van het Enkhuizerzand en dat in de toekomst ook zal blijven doen.

Borstklopperij die niet door feiten wordt ondersteund.

Neem de vraag van EV! over het beschikbaar zijn van de nieuwe camping per 1 april 2020.

Ze luidt, “Welk alternatief bieden gemeente en /of ontwikkelaar als de campingbewoners niet de beschikking hebben over de toegezegde camping?”

Het antwoord van het college is, “Op dit moment wordt alles in het werk gesteld om de nieuwe camping op of rond 1 april 2020 open te hebben. We hebben geen signalen ontvangen dat deze realisatie, om welke reden dan ook, niet haalbaar is. 

De gemeente beroept zich dus op het feit, dat ze (van de toekomstige exploitant) nog geen signaal heeft ontvangen, dat de camping niet per 1 april open zal zijn.

Dat is niet de reactie van iemand die de regie voert, maar de reactie van iemand die weet dat hem niets anders te doen staat dan proberen de schijn op te houden. Hetzelfde geldt trouwens ook voor de raad.

Zolang hij geen signaal ontvangt van de exploitant blijft wethouder Struijlaart er van uit gaan dat de nieuwe camping op tijd klaar zal zijn.

Ook al weet hij, dat er voorlopig geen vergunning kan worden afgegeven zolang het bestemmingsplan niet is aangenomen en onherroepelijk is geworden. En daar kan zomaar een paar jaar overheen gaan.

In een reactie in het NHD (op de door EV! gestelde vragen), zegt de gemeente het te voorbarig te vinden om er van uit te gaan dat er een schadeclaim zal volgen mocht het plan niet doorgaan. Maar in mei 2018 sprak Stuijlaart (ten overstaan van de campingbewoners) geheel andere taal.

Zou het plan niet doorgaan, dan stond de gemeente een miljoenenclaim te wachten. Van die bijeenkomst heb ik een verslag gemaakt dat hier valt te lezen.

vissenMaar dat zou nu opeens NIET het geval zijn? Droomparken koopt het recht op 200 kavels met bouwvergunning. Met een potentiële verkoopwaarde van 20 miljoen.

Maar als van dat recht geen gebruik kan worden gemaakt (omdat de raad dat niet wil) dan volgt er geen eis tot schadevergoeding?

In het jaarverslag van OREZ over 2018 valt te lezen dat die inmiddels bijna 9 ton aan de planontwikkeling heeft uitgegeven. Dat plan hebben ze inmiddels verkocht en naar ik aanneem niet met verlies. Dus de nieuwe eigenaar van “het Plan”, Droomparken zal al gauw meer dan een miljoen betaald hebben om zich de eigenaar van “het Plan” te mogen noemen.

Dat soort van aankopen worden gewoonlijk voorgelegd aan de bedrijfsjuristen. En wat het college ons probeert wijs te maken is, dat de bedrijfsjuristen van Droomparken de aanschaf van “het Plan” hebben goedgekeurd, zonder dat er een afdwingbaar recht op schadevergoeding zou zijn mocht “het Plan” (om wat voor reden dan ook) niet kunnen worden uitgevoerd.

Zoiets kun je waarschijnlijk alleen de raad van Enkhuizen wijsmaken, maar niet een doorsnee van de Enkhuizer bevolking. Die zal er van uitgaan dat de juristen van een bedrijf als Droomparken weten waar ze mee bezig zijn en zich geen knollen voor citroenen laten verkopen.

Wat helaas niet gezegd kan worden van college en raad van Enkhuizen.

Omdat die voornamelijk bezig zijn met het ophouden van de schijn. Bijvoorbeeld dat ze slimmer zijn dan wie dan ook, maar in de praktijk voortdurend achter het net blijken te vissen.

In sprookjes blijven geloven.

Op 9 april 2019 zijn de aandelen van de Holding REZ verkocht aan een nieuwe (5 dagen eerder opgerichte) houdstermaatschappij.

De wijziging in de eigendomsverhoudingen werd op 15 april 2019 aan de gemeente meegedeeld door de nieuwe eigenaren.

Pas op 21 mei 2019 is dit nieuws (door middel van een persbijeenkomst) wereldkundig gemaakt.

De gemeente verklaart deze vertraging (in haar antwoord aan EV!) als volgt.

“Omdat wij, samen met OREZ B.V., de communicatie hierover moesten voorbereiden, waarbij alle betrokken partijen in de juiste volgorde geïnformeerd konden worden, is deze overname van aandelen eerst op 21 mei publiekelijk geworden.”

Een volstrekt ongeloofwaardige verklaring. Het organiseren van een persconferentie kan binnen een paar dagen. Ook het vaststellen van de juiste volgorde (waarin de informatie aan belanghebbenden wordt verstrekt) is geen ingewikkelde en tijdrovende bezigheid.

Dus waarom beweert de gemeente dat dit wel zo is en had men meer dan maand nodig om te kunnen vertellen, dat de aandelenverkoop niets veranderde aan de verplichtingen die de gemeente jegens OREZ BV was aangegaan?

De voor de hand liggende verklaring is, dat de gemeente (volledig verrast door de nieuwe eigendomssituatie) juridisch advies heeft ingewonnen. Over de vraag of zij zich (in dit late stadium) nog uit de overeenkomst zou kunnen terugtrekken.

Het voor de hand liggende antwoord daarop zal “nee” zijn geweest en dus komt boontje om zijn loontje.

Het college had het hele proces zo ingericht, dat de raad, als ze eenmaal “go” had gezegd, nergens meer een besluit over hoefde te nemen.

Tot het moment, dat het bestemmingsplan moest worden goedgekeurd en dat zou geen vrije keuze zijn geweest. Afkeuren van het bestemmingsplan zou resulteren in een eis tot schadeloosstelling.

Wethouder Struijlaart heeft al eerder een tipje van die sluier opgelicht en sprak over miljoenen.

Terwijl het college druk doende was de raad (en het ZZM) buitenspel te zetten heeft ze in feite zichzelf buitenspel gezet. De kaders die met de raad waren overeengekomen zijn op tal van punten overschreden. Zonder dat de raad heeft ingegrepen. Die doet namelijk nooit iets uit eigen beweging.

Daarvoor in de plaats zijn nieuwe kaders gekomen, zoals vastgelegd in de overeenkomst met OREZ BV. Afwijken van die kaders zal een stuk moeilijker blijken te zijn (de in dienst van Droomparken zijnde juristen zullen daar wel voor zorgen) dan afwijken van de met de raad afgesproken kaders.

Het zal de gemeente bovendien eerder geld kosten dan dat het zal opleveren.

Om dat te kunnen verhullen roept Struijlaart tegenover iedereen die het maar wil horen, dat de gemeente nog steeds de regie voert over het hele proces.

Als je dat maar vaak genoeg herhaalt, ga je het zelf geloven. Maar het is volslagen onzin. De regie heeft de gemeente alleen ten opzichte van de raad in handen gehad, maar nooit ten opzichte van het ZZM of de ontwikkelaar.

De gemeente heeft zichzelf daardoor in de voet geschoten en heeft vanaf nu geen andere keus dan dit feit (en de financiële gevolgen er van) zoveel mogelijk verborgen te houden voor de burgers.

Daarbij geholpen door een meerderheid van de raad, die voor de zoveelste keer liever in sprookjes gelooft, dan ernst te maken met het houden van toezicht.

De HEA Vragen

HEA is de eerste van de negen raadsfracties die tot het besef is gekomen, dat je als raad je niet eindeloos afzijdig kunt blijven houden van wat er op het Enkhuizer Zand staat te gebeuren.

En dus heeft men vragen gesteld. Daarvoor hulde. Ze zijn hier te lezen.

Over de kwaliteit van de gestelde vragen kan ik kort zijn. Ik vind ze bedroevend slecht. Het college zal de maximale tijd (3 weken) nemen om de vragen te beantwoorden en als de vragen  beantwoord zullen zijn, zal HEA nog steeds niet weten wat er is gebeurd.

Neem vraag 1 over een BIBOP procedure. De vraag is uitermate suggestief in de zin dat HEA zich min of meer afvraagt of de aandeelhouders van Orez zich (in het verleden) ooit  schuldig hebben gemaakt aan criminele activiteiten.

Daar is volgens mij geen enkele aanwijzing voor. En de suggestie, dat dit misschien wel zo zou kunnen zijn, lijkt me ongepast en contra-productief.

College en raad wilden dolgraag gebruik maken van de creativiteit van de markt. Welnu, de markt heeft college en raad laten zie hoe creatief ze wel niet kan zijn en in dat opzicht heeft men dus precies gekregen waar men om gevraagd heeft. Dat mag een heel ander resultaat hebben dan men had verwacht, maar er is alleen sprake van gebruik van alle toegestane mogelijkheden.

Volgens mij is de gemeente jegens Orez BV verplichtingen aangegaan en Droomparken zal er (vanaf nu) op toezien dat die verplichtingen zullen worden nagekomen. Opmerkelijk, dat de raad zich nooit verdiept heeft wat die verplichtingen precies inhouden, maar daar zal de raad snel genoeg achter komen, als ze zich aan een deel van die verplichtingen zou willen onttrekken.

Als ze bijvoorbeeld haar vergunning voor 200 huisjes wil veranderen in een vergunning voor 100 huisjes. Iets waar de provincie nogal op aandringt.

Struijlaart heeft de kosten voor het niet doorgaan van het plan (vorig jaar oktober) al op een paar miljoen begroot en dat zal, nu Droomparken eigenaar is van het plan, zeker niet minder zijn geworden.

Maar ook een gedeeltelijke afwijking van wat is overeengekomen zal uiteindelijk geld kosten.

Daarom zou HEA er (in mijn ogen) verstandiger aan hebben gedaan andere vragen te stellen, maar HEA is er niet om mij een plezier te doen, maar om zich te bekommeren om de wensen van haar kiezers. En als de vragen beantwoorden aan de wensen van haar kiezers, so be it.

Kortom, het optreden van HEA getuigt van een zekere wens om (in deze verwarrende tijden) helderheid te verschaffen voor haar electoraat.

struisvogelEen wens die volledig ontbreekt bij PvdA fractievoorzitter Jacco “Struisvogel” Sandstra, getuige het interview dat hij NH nieuws heeft gegeven over het Enkhuizer Zand en dat u hier kunt lezen.

Daaruit blijkt, dat hij zich nog steeds niet heeft verdiept in de bezwaren die er (tot dusver) over dit plan naar voren zijn gebracht. Net als Struijlaart denkt hij dat het alleen maar gaat om het oplossen van een paar knelpunten. In dat opzicht steekt Sandstra Struijlaart (voor wat betreft wensdenken) zelfs naar de kroon.

Zijn adagium lijkt te zijn, “Liever (in de ogen van velen) een slecht plan, dan helemaal geen plan”.

Maar wat hij en zijn medestanders in de raad vinden doet feitelijk niet ter zake. Als het plan (in zijn huidige omvang) door de raad wordt goedgekeurd, zal het uiteindelijk aan de rechter zijn om te bepalen of het (in zijn huidige omvang) mag worden uitgevoerd.

En als de raad de omvang van het plan zou willen wijzigen, dan zal ze daarvoor toch echt eerst toestemming voor moeten vragen aan Droomparken. En dat is de huidige stand van zaken waar voorlopig niet veel aan valt te veranderen.

Wie bedondert wie?

Een campingbewoner laat op dit blog weten, dat hij zich door de gemeente bedonderd voelt, omdat hem altijd was verzekerd, dat de zaak niet zou worden overgedaan aan de Roompotten van deze wereld, maar aan een lokale ontwikkelaar. Die begrip had voor de wensen en noden van de campingbewoners, waarvan sommigen al meer dan 50 jaar op de camping stonden.

Of die belofte (aan de campingbewoners) gedaan is weet ik niet. Maar als zij gedaan is,  dan is de vraag natuurlijk, wie heeft hier wie bedonderd.

vragenHeeft  Orez BV het college bedonderd, door te verzwijgen dat ze feitelijk de katvanger was van Droomparken?

En zo ja, hoe is dat in hemelsnaam mogelijk. De eigenaar van Orez BV (de holding) stond immers (volgens de KvK) geregistreerd op de Lage Bergweg 10 te Beekbergen. Hetzelfde adres waar Droomparken is gevestigd.

Hebben ze het bij de gemeente te druk om zich af te vragen bij wie ze in bed duiken, wanneer ze miljoenen contracten afsluiten?

Of wisten ze vanaf de eerste dag, dat Peter Tuin en consorten tussenpersonen waren die in opdracht van anderen onderhandelden en hebben ze dat alleen voor de raad (en dus ook voor ons) verzwegen?

En wiens handtekening staat er eigenlijk onder de overeenkomst met Orez BV. Was dat inderdaad het laatste wat wethouder Kok heeft gedaan, voordat hij plaats maakte voor Struijlaart?

En mocht dat waar zijn, heeft Kok dit wellicht gedaan op aandringen van iemand anders, die in een later stadium publiekelijk zijn teleurstelling uitsprak over het feit dat Orez BV (en haar prachtige plannen) werden gedwarsboomd door het ZZM.

De vraag is dus, heeft het college zich door Orez laten bedotten, of hebben college en Orez gezamenlijk besloten om de raad, de Enkhuizer bevolking en de campingbewoners een rad voor de ogen te draaien.

En waar blijft Langbroek nu Orez haar “ware” gezicht heeft laten zien en is Struijlaart nog steeds zo teleurgesteld over het feit, dat het ZZM zich niet naar zijn wensen schikte, maar bezwaar maakte tegen de plannen die hij met Orez had uitonderhandeld?

Dat zijn vragen waar ik graag een antwoord op zou willen hebben.

Marionetten.

marionetDus naast de IJsselmeervereniging, de fracties van VVD en GL in provinciale staten, is nu ook het ministerie van OCW tegen de plannen van de gemeente Enkhuizen.

Om een stukje van het IJsselmeer te dempen, opdat welgestelde Duitsers in staat worden gesteld om daar vakantievilla’s aan te schaffen.

Ten koste van de museale uitstraling van het Zuiderzeemuseum.

Waar ik me nog het meest over verbaas is dat het college dat nooit heeft zien aankomen.

Wat natuurlijk ook geldt voor de zelfgenoegzame marionetten die met elkaar de gemeenteraad vormen en kort geleden nog het kloeke besluit namen om het ZZM te boycotten.

Omdat die het waagde verzet aan te tekenen tegen de malle denkbeelden die de raad zich eigen had gemaakt. Maar dat komt omdat ze niets en niemand serieus nemen die het niet met ze eens is.

Waarschijnlijk is de raad nog steeds onder de indruk van de waarschuwing van ex-burgemeester Baas, die had beweerd, dat het ZZM een gevaarlijke lobby in het leven had geroepen, die weinig goeds in petto hield voor Enkhuizen.

“Beter ten halve gekeerd, dan ten hele gedwaald” luidt het gezegde.

Maar dat zal nog niet zo eenvoudig zijn in deze kwestie, want als wethouder Struijlaart de waarheid heeft gesproken (en dat komt volgens mij ook wel eens voor), dan schuilt er toch nog een behoorlijk addertje onder het gras.

Struijlaart heeft tijdens een bijeenkomst (met standplaatshouders) op de camping gezegd, dat als het project niet door zou gaan, de ontwikkelaar een schadeclaim van meerdere miljoenen zou indienen.

Als dat waar is, dan kunnen we wederom vaststellen, dat er miljoenen verspild zijn aan dagdromerij en onhaalbare plannen. En dat de gemeenteraad, belast met het toezicht op het college, voor de zoveelste keer op spectaculaire wijze tekortgeschoten is in haar taak als toezichthouder.

Serieuze poging?

Erik
Tegenovergestelde doen

Waarom doet het college steeds het tegenovergestelde van wat je normaal gesproken van hen zou verwachten?

Zoals een oplossing zoeken voor de problemen die het ZZM heeft met je plannen voor een vakantievillapark.

Tussen het eerste en het laatste ontwerp van het villapark zat ongeveer anderhalf jaar. Die tijd is vrijwel volledig besteed aan overleg tussen de gemeente en de ontwikkelaar terwijl een andere (niet onbelangrijke) stake-holder vrijwel volledig werd genegeerd.

Terwijl men wist, dat het museum bezwaar had tegen de landtongen in het IJsselmeer vanwege de invloed op de museale beleving.

Sterker nog, toen ik het definitieve ontwerp onder ogen kreeg was mijn eerste reactie. Ze willen helemaal niet dat dit plan doorgaat. En daarom hebben ze nog een extra landtong ingetekend. Om er zeker van te zijn, dat het museum bezwaar zou maken tegen die “verbetering”?

Hoe kan het toch, dat je van elke poging die de gemeente tot dusver heeft gedaan om het gebied verder te ontwikkelen, steeds het gevoel kreeg dat het ook anders en eenvoudiger kon?

Hoe kan het, dat dezelfde ambtelijke organisatie in twee jaar een vakantiedorp van de grond krijgt in Broekerhaven, terwijl men in Enkhuizen (4 kilometer verderop) na jaren vergaderen nog geen stap verder is?

Eerst gebeurt er jarenlang niets, dan een competitieve dialoog die twee ton kost, maar niet doorgaat. Gevolgd door een  overbodige Europese aanbesteding, die ook nog eens mislukte. Met uiteindelijk een plan, waarmee je (na een anderhalfjaar lange focus op details) nog steeds het museum de gordijnen in jaagt.

Maar niet alleen het museum, maar ook de Vereniging tot behoud van het IJsselmeer. En de fracties van VVD en GL in de provinciale staten van Noord-Holland.

Met daarnaast nog wat klein grut waaronder ikzelf. Vanwege een rapport dat zo slordig in elkaar zit, dat het onbegrijpelijk is, dat dit de ambtenaar en de wethouder is ontgaan.

Een jaar geleden maakte de eigenaar van de zeilschool zijn ongerustheid kenbaar over de trage voortgang van het proces rond de overplaatsing van zijn bedrijf. Hij schrijft daarover in februari 2018 (dus voor de verkiezingen) een open brief aan de politieke partijen.

Naar aanleiding daarvan publiceert de Enkhuizer krant op 10 februari 2018 het volgende.

We zijn inmiddels al weer meer dan twee jaar verder (vanaf maart 2017 probeert de Boer antwoord te krijgen op zijn vragen) maar er is nog geen enkel zicht op hoe (en onder welke voorwaarden) zijn zeilschool verplaatst zal worden. Wel is het verzoek van het museum, om grond ter beschikking te stellen (om een parkeerterrein te kunnen aanleggen) definitief afgewezen.

Over 5 maanden is het kampeerseizoen ten einde en dient het campingterrein leeg te worden opgeleverd, maar niemand weet nog of zijn/haar stacaravan welkom is op de  nieuwe camping. Of wie de exploitant/eigenaar van de camping is en welke prijs moet worden betaald voor een seizoensplek.

Evenmin bestaat er duidelijkheid over de verplaatsing van de 175 plekken tellende passanten camping.

Het kan dan ook bijna niet anders of men moet op het stadhuis een zucht van opluchting hebben geslaakt, omdat men nu het Zuiderzeemuseum de schuld kan geven voor het feit dat men er niet in slaagt het project af te maken.

Of men dat ooit van plan is geweest waag ik trouwens te betwijfelen. Gezien het feit dat de gemeente geen stap extra heeft gezet om het museum ook maar enigszins tegemoet te komen.

Met het aanwijzen van een schuldige was oud-burgemeester Baas al in zijn afscheidsrede begonnen. Waarschijnlijk omdat hij wist dat het project bedoeld was als zoethoudertje en niet als een serieuze poging tot opwaardering van het recreatieoord.

En wilde hij voorkomen, dat de zwarte Piet (voor het niet doorgaan van het project) bij de gemeente terecht zou komen.

Kletspraat.

Ik schreef het al eerder. Af en toe kletst raadslid Langbroek uit zijn nek en gelukkig is er dan altijd een verslaggever van het NHD in de buurt, die bereid is om zijn geklets aan te horen en te publiceren.

langbroek-1
Kletspraat

Donderdag 14 maart laat Langbroek (via het NHD) weten dat het Zuiderzeemuseum nu haar ware gezicht laat zien. Zijn verwijt is dat het museum alleen aan haar eigen belang denkt en niet aan het belang van alle andere betrokkenen.

Merkwaardig verwijt. De enige die hier (onder de luide toejuichingen van Langbroek en consorten in de gemeenteraad) aan zijn eigen belang heeft gedacht is de gemeente zelf. Die heeft anderhalf jaar lang met de ontwikkelaar gesproken over tal van details aangaande de uitvoering. Zonder er ook maar een seconde bij stil te staan, of die plannen gevolgen zouden hebben voor anderen.

Pas op het laatste moment (oktober 2018) realiseerde de gemeente zich, dat het gebied ook andere belanghebbenden kent en werd er haastig een bijlage geproduceerd waarmee men het tekort aan aandacht voor de problemen van anderen probeerde te verdoezelen.

Of dat verdoezelen afdoende is, zal blijken uit een procedure die hoogst waarschijnlijk 4 jaar in beslag neemt. Maar dat is de prijs die je zult moeten betalen als je jezelf wijs maakt, dat andermans belangen er niet toe doen.

Voor het museum staan twee zaken op het spel. De toekomstige bereikbaarheid van het museum in het geval dat het bootmodel in zijn huidige vorm niet langer te handhaven is. Plus het feit, dat het voorgenomen plan ernstig afbreuk doet aan wat museale uitstraling wordt genoemd.

Naar de overtuiging van Langbroek had de museumdirectie die belangen ondergeschikt moeten maken aan wat de gemeente als haar belang ziet. Het realiseren van een wijkje met tweede woningen voor welgestelde Nederlanders en buitenlanders. Langbroek doet of het hier om een uniek project gaat.

Ik heb nieuws voor hem. Het ZZM is uniek in zijn soort, en  dergelijke enclaves voor welgestelden, zoals de gemeente die wil realiseren, worden overal elders in dit land ook gerealiseerd.

Gelukkig staat Langbroek niet alleen in zijn merkwaardige opvattingen, maar krijgt hij de steun van wethouder Struijlaart, die de krant laat optekenen dat hij “teleurgesteld is dat een door de rijksoverheid gesubsidieerd museum en een gemeentelijke overheid op deze manier tegenover elkaar staan”. 

Lees deze opmerking opnieuw en probeer te begrijpen wat Struijlaart hier wil zeggen.

Dat een onderneming/stichting, die van rijkswege wordt gesubsidieerd zich alles moet laten welgevallen wat haar door de lokale overheid door de strot wordt geduwd? Dat zij zich dus ook niet mag verweren als ze (door maatregelen van die lokale overheid) in haar bestaan wordt bedreigd?

Gelukkig beschikt het museum over een Raad van Bestuur, die er nauwlettend op toeziet dat de directie van het museum zich inzet voor het voortbestaan van het museum en ten strijde trekt tegen alles en iedereen die dat voortbestaan in gevaar brengt. Zelfs als dat de lokale overheid is.

Als Struijlaart onder gelijksoortig toezicht zijn werk zou hebben moeten doen, dan zou de nu ontstane situatie zijn voorkomen.

Maar Langbroek en consorten vinden het te veel moeite om een vinger aan de pols te houden en besteden hun tijd liever aan het verzinnen van drogredenen waarachter ze zich kunnen verschuilen, zodra blijkt dat hun toezicht heeft gefaald.

Kan hun wat schelen, want de kosten (die uit hun gemakzuchtige houding voortvloeien) kunnen immers probleemloos worden afgewenteld op de belastingbetaler.