Tegenkracht.

Maandagmorgen begon goed. Ik kreeg een mail van een oud raadslid met de volgende mededeling.

Goedemorgen Chris,

Ik moest aan je denken toen ik bijgaand artikel las. Je weet inmiddels zelf hoe weerbarstig het organiseren van tegenkracht is.

Mooie dag!

https://decorrespondent.nl/article/8662.pdf

De link werkt niet meer, maar betrof een voorpublicatie van een door Marc Chavannes geschreven boek. “Dit was het nieuws niet” over grote verhalen die het journaal nooit zullen halen. Prof. Mr. Marc Chavannes is een Nederlands journalist en publicist, voormalig adjunct-hoofdredacteur van de NRC.

Zijn boek gaat over hoe de democratie door onze vingers glipt en hoe we een tegenmacht kunnen vormen.

Dat de democratie ons uit de vingers glipt zal inmiddels iedereen wel duidelijk zijn, maar hoe we een tegenmacht moeten vormen nog niet. Hopelijk brengt het boek daarover wat meer duidelijkheid.

Chavannes constateert, dat het ideaal ooit Trias Politica was, drie gescheiden machten, die elkaar in evenwicht hielden. Terwijl  er nu sprake is van een soort machtsklontering. Machtskauwgum waar je op kunt blijven kauwen, zonder dat er ook maar iets verandert aan het gedrag van onze machthebbers. Men controleert elkaar niet meer, maar houdt elkaar de hand boven het hoofd.

Politici die lekker meedeinen op de golven van verontwaardiging in het nieuws. En beleid, dat met behulp van praatshows wordt vorm gegeven. Chavannes heeft het uiteraard over de landelijke politiek, maar is het lokaal zoveel anders?

Het ineenstorten van twee colleges (grotendeels door toedoen van D66/VVD wordt als een enorm probleem afgeschilderd. Maar het grootste probleem is niet dat er colleges naar huis worden gestuurd.

oude collegeHet NE, D66/VVD en CDA college werd niet weggestuurd, omdat een wethouder het budgetrecht van de raad had geschonden, maar omdat een raadsmeerderheid een iets andere manier van bezuinigen wilde doorvoeren.

Zodat een wens van de meerderheid door de minderheid eenvoudig om zeep werd geholpen.

Tegen enorme kosten voor de gemeente, dat ook nog, maar dat vinden onze bollebozen in de Breedstraat kennelijk wel democratisch.

College van B&WHet SP, CDA, NE, CU/SGP college werd niet weggestuurd omdat een wethouder de raad onvolledig en onjuist had geïnformeerd. Welnee, toen dat geconstateerd kon worden waren de verkiezingen te ver weg en dus mocht hij gewoon blijven zitten.

Pas toen de verkiezingen dichterbij kwamen was de maat plotseling vol en werd er een voorwendsel gezocht om hem naar huis te kunnen sturen.

Het grootste probleem van de Enkhuizer raad is niet het feit dat colleges (van tijd tot tijd) naar huis worden gestuurd, maar de schijnheiligheid waarmee dat gebeurt.

Of het feit dat de raad zichzelf beschouwt als onderdeel van de ambtelijke organisatie en haar best doet om die gewoonten en gebruiken zo veel mogelijk te imiteren. Door zoveel mogelijk woorden te gebruiken om zo min mogelijk te zeggen.

Met als voorlopig hoogtepunt “het raadsbrede akkoord”, dat de ambtelijke organisatie in staat moet stellen om een raadsagenda af te werken in een tempo dat haar het beste past.

 

 

Advertenties

Kennis = Macht

Dat kennis gelijk staat aan macht is een adagium dat door weinigen wordt betwist. Maar als dat gezegde op waarheid berust, dan staat het “delen” van kennis ook gelijk aan het verlies van macht.

En het verlies van macht is voor veel mensen een ondraaglijke gruwel.

In een hiërarchische en bureaucratische organisatie als de gemeente wordt het gebruik van macht (in de vorm van wie is bevoegd tot wat) heel nauwgezet geadministreerd en bijgehouden.

Het hebben van macht roept bij sommigen, niet iedereen, een zekere mate van wellust op. Nooit beter geïllustreerd dan in het onderstaande filmpje.

Raadsleden zien zich zelf graag als machthebbers. Ze mogen immers besluiten nemen. Helaas ontberen ze in (veel gevallen) de daarvoor benodigde kennis, wat ze overigens niet gauw zullen toegeven.

De echte macht op dat punt berust bij hen die wel over de benodigde kennis beschikken en dat zijn in vrijwel alle gevallen de ambtenaren. Maar ook zij delen hun kennis het liefst mondjesmaat, om zodoende niet al te veel macht over de situatie te verliezen. Zij formuleren in ieder geval het besluit dat raadsleden zullen nemen en bepalen (op die manier) ook (voor een belangrijk deel) de inhoud van het besluit.

Gezien de geringe hoeveelheid macht, waar raadsleden over beschikken, is hun neiging om kennis te delen minimaal. Omdat gedeelde kennis nu eenmaal een verlies aan macht inhoudt. Liever praat men liefdevol over het begrip “transparantie”. Wat er in de praktijk op neerkomt, dat men (achteraf) mededelingen doet over wat er tijdens (besloten) bijeenkomsten is beslist.

De meeste partijen hebben er geen enkel belang bij dat de zaken waar ze zich mee bezig houden, doorzichtiger worden. Alleen op die manier kunnen ze blijven pretenderen dat voor het nemen van besluiten meer kennis nodig is dan waarover de gewone kiezer kan beschikken. Feitelijk wordt het adagium omgedraaid. Men heeft de macht, dus moet men wel over de kennis beschikken.

Dat is ook de reden dat onze “machthebbers” nooit reageren op dit blog. Omdat men het kennisniveau waarover men beschikt niet wil prijsgeven. Stel je voor dat anderen meer zouden weten over het onderwerp waar ze zojuist een besluit hebben genomen.

Pim’s Prietpraat is een PaljasProject ofwel het verzet der machtelozen. Dat verzet heeft de vorm gekregen van een blog waarop “de zaken in de openbaarheid kunnen worden besproken die onze regenten liever onder elkaar en binnenskamers willen bespreken”.

Ik bied daartoe de gelegenheid, omdat kennis (over de gang van zaken) de enige manier is om op vreedzame wijze misbruik van macht tegen te gaan. Natuurlijk kunnen we, als het mis dreigt te gaan, barricades oprichten, auto’s in de brand steken of ruiten ingooien, zoals je elders wel ziet gebeuren als men ten einde raad is.

Alleen, daar ben ik dan weer geen voorstander van.

 

Wie het weet, mag het zeggen.

Even de feiten op een rijtje.

In het kader van een schikking (tussen gemeente en architect) over achterstallig honorarium van de architect, krijgt die opdracht voor een haalbaarheidsonderzoek voor wat betreft de locatie Bierkade 1-5.

Een soortgelijk onderzoek had al eerder plaatsgevonden, hetgeen ook de reden was dat de gemeente de locatie wilde kopen van de familie Scholten.

Op 30 augustus neemt de architect de locatie in ogenschouw. Enkele dagen later staat de familie Scholten (die de locatie wil verkopen) voor de rechter om de gemeente er toe te bewegen mee te werken aan een verkoop aan derden, nu de gemeente haar belofte tot aankoop niet heeft kunnen nakomen.

De gemeentelijke consigliere zegt toe te proberen om binnen 14 dagen tot een oplossing te komen. Dat impliceert dat de uitkomst van het haalbaarheidsonderzoek er niet toe doet, dan wel dat men een offerte heeft goedgekeurd waarbij € 39.000,- wordt betaald voor werk dat nog geen 14 dagen in beslag heeft genomen.

Het is niet de eerste keer dat de gemeente een offerte goedkeurt, die een aanzienlijk hoger bedrag bevat dan wat er (gezien de uit te voeren werkzaamheden) verwacht mag worden.

Zo stemde de gemeente in met een offerte van € 100.000,- voor de verzwaring van het elektra-netwerk in de Drommedaris, terwijl men (een jaar later) de werkelijke kosten becijferde op € 20.000,-.

In beide gevallen gaat het er om betalingen aan derden te rechtvaardigen, zonder dat men de werkelijke reden voor die betaling hoeft prijs te geven. Omdat men tot op dat moment het standpunt had ingenomen, dat betalingen niet nodig waren.

In het ene geval had de architect (anders dan men had beweerd) wel degelijk recht op achterstallig honorarium. In het andere geval zou (zonder een extra subsidie voor de  stichting Drommedaris) die stichting faillissement hebben moeten aanvragen op het moment dat het cultureel centrum (na een jarenlange verbouwing) in gebruik kon worden genomen.

Gemeenteraad_Enkhuizen_internet
Te dom om op te merken?

De vraag is alleen, moet je ruiterlijk erkennen dat je in het verleden hebt mis gekleund of mag je, als overheid, proberen dat te verbergen met behulp van misleidende offertes?

En moeten we uit het feit, dat de gemeenteraad dit (zonder verdere op- of aanmerkingen) steeds weer laat passeren concluderen, dat die instantie het “spel” meespeelt, of moeten we er van uitgaan dat men eenvoudig te dom is om het  bedrog op te merken?

Wie het weet, mag het zeggen.

VOC mentaliteit.

In één van mijn vorige columns (Altijd anders) vraag ik me af waarom in Enkhuizen de dingen altijd anders gaan dan ze worden voorgespiegeld.

Eerst schreeuwt men van de daken, dat men een uiterst voordelige “deal” met OREZ bv (de ontwikkelaar van het REZ) heeft gesloten. Waarbij een gronddepot van de gemeente gratis en voor niets verplaatst zou gaan worden. Van de Schepenwijk naar het recreatieoord.

Petje af dus voor de wethouder, die (voor de verkiezingen) zo op centjes past.

Om na de verkiezingen te moeten vaststellen dat alles uit de duim lijkt te zijn gezogen.  OREZ bv heeft haar collega aannemer Heijmans uit de brand geholpen. Door overtollige grond van Heijmans op het REZ te dumpen, waar ooit (omstreeks St. Juttemis) een geheel nieuwe camping zal worden aangelegd.

Het Enkhuizer gronddepot ligt nog onaangeroerd in de Schepenwijk en we zullen t.z.t. wel horen hoeveel het gekost heeft om het af te voeren en elders op te slaan.

geloofwaardigIk bedenk dit niet, maar baseer me op door het college verstrekte informatie. In een raadsbrief en het besluitenlijstje van het college.

Maar, waarschijnlijk omdat ik me aan het einde van de column afvraag, waarom er niemand is die over de gang van zaken vragen stelt, vinden maar liefst 7 lezers deze column waardeloos.

Omdat het stellen van vragen aan het college een “privilege” van de leden van de raad is en ik een vorm van nalatigheid constateer, vermoed ik, dat die 7 neerwaartse duimpjes gegeven zijn door lokale volksvertegenwoordigers. Die (en dat is algemeen bekend) het niet prettig vinden als ze door “gewone” burgers op tekortkomingen worden gewezen.

Deze zeven duimzuigers vormen nog net geen meerderheid in de raad, maar wat niet is, kan nog komen.

Maar het treurige aan de hele situatie is natuurlijk, dat er kennelijk geen enkel raadslid is, die in staat is om te beargumenteren wat er mis is met mijn column.

Het is een vorm van achterbaksheid die niet ongebruikelijk is onder politici, zeker als je denkt aan onze bestuurders uit het verleden. Regenten, die naast de stad ook allerhande “tehuizen” bestierden voor de wat minder gefortuneerde medemens. Gutmenschen dus.

En ik vermoed daarom, dat omdat Enkhuizen zo trots is op zijn VOC verleden, de leden van de raad zichzelf het regenteske gedrag uit die tijd proberen aan te leren.

Inclusief de bijbehorende zelfingenomenheid en het achterbakse gedoe.

 

Raadsbreed?

De meest verrassende uitkomst van de gemeenteraadsverkiezingen is natuurlijk, dat na de verkiezingen, alle fracties hun handtekening hebben gezet onder een document, waarin wordt verklaard, dat politieke benoemingen voortaan uit de boze zullen zijn en dat toekomstige bestuurders alleen zullen worden beoordeeld op hun kwaliteit.

Volgens de liberale analytici Van Reijswoud (VVD) en Koning (D66) was het mislukken van de voorgaande coalities het gevolg van de binding van de wethouders met hun partij en hun twijfelachtige vakbekwaamheid. Tekortkomingen die alleen maar te herstellen zijn als je (vanaf nu) de politieke afkomst niet langer van doorslaggevende betekenis acht en wethouders alleen benoemt op basis van hun vakbekwaamheid.

En wie is beter in staat die vakbekwaamheid te beoordelen dan de gemeenteraad?

college_enkhuizen
onbekwaam

Door een keuze te maken uit de nog overgebleven groep bestuurders (die in hun eigen gemeente niet vakbekwaam genoeg waren bevonden om tot wethouder te worden benoemd), zal de kwaliteit van de Enkhuizer wethouders tot een nooit eerder bereikt niveau stijgen.

Ik kan hierover niets anders zeggen dan dat ik het een zeer bijzondere gedachtegang vind, die kennelijk door alle raadsfracties wordt onderschreven.

College van B&W
onbekwaam

Ons gewone burgers is, zover ik weet, niets gevraagd. Terwijl we, als Nieuw Enkhuizen, de kiezer een unieke belofte hadden gedaan.

Aan het Organisatie Ontwikkelingsplan van de SED droeg Enkhuizen 8 ton meer bij dan op haar inwonertal viel te rechtvaardigen.

Het plan was dat ongedaan proberen te maken, maar die poging staat niet vermeld in het raadsbrede akkoord.

Dus waarom NE het nodig vond het raadsbrede akkoord te ondertekenen is me een raadsel.

Ik dacht dat het idee was om anders te denken en daardoor de dingen anders te gaan doen, maar we zijn nog maar net bezig en we doen al weer mee aan de waan van de dag.

Enfin, de hele gang van zaken maakt in ieder geval volstrekt duidelijk, dat in de toekomst het uitbrengen van een stem een futiele bezigheid zal worden. Volgende keer kunnen we beter gewoon loten.

Uniek blijven.

schapen-damHet zou trouwens met recht oude wijn in nieuwe zakken zijn, als zowel Boland als Olierook zouden terugkeren in het college van Enkhuizen.

Beiden speelden een centrale rol in het instorten van het college waar ze deel van uitmaakten.

Volgens de liberale wijsneuzen Van Reijswoud en Koning was het instorten van de Enkhuizer colleges het gevolg van extreem coalitie-monisme. Een euvel dat alleen in Enkhuizen voorkomt en waarvan niemand precies weet wat het inhoudt.

Om dit op effectieve wijze tegen te gaan heet het, dat de vakbekwaamheid (en niet de politieke voorkeur) van de nieuwe wethouders voorop diende te staan. Dus wie zullen straks (onder druk van de omstandigheden) als de meest bekwame wethouders uit de bus komen rollen? Ik gok op Boland en Olierook.

Zowel Boland als Olierook hebben wat mij betreft dingen gedaan die niet door de beugel konden, maar onbekwaam op hun vakgebied zou ik ze niet durven noemen en heb ik ze ook nooit genoemd.  Ze maakten gewoon gebruik (of moet ik zeggen misbruik) van de mogelijkheden die door het halfzachte optreden van de raad ontstonden. Een raad, die geen benul heeft hoe ze een van haar primaire taken (het houden van toezicht op het dagelijks bestuur) zou moeten vervullen en dus keer op keer chaos liet ontstaan wanneer een ordentelijke afwikkeling geboden was.

Ook in het huidige document, waar alle fracties zo lyrisch over zijn en hun handtekening onder hebben gezet, staat nauwelijks iets over toezicht. De mogelijkheid wordt genoemd, maar daar blijft het wel zo´n beetje bij. Het algemene idee is, dat als je maar deskundige wethouders aanstelt, toezicht houden overbodig is en het daardoor ook gezelliger vergaderen blijft.

Boland en Olierook waren geen onbekwame wethouders, maar wethouders, die door de gemakzuchtige en onoplettende houding van de raad overmoedig waren geworden en dachten dat ze zich niet aan de regels hoefden te houden. Het instorten van de colleges waar ze deel van uitmaakten (in beide gevallen in gang gezet door VVD/D66) had dan ook helemaal niets te maken met mogelijke onbekwaamheid van de beide wethouders.

Met andere woorden, als de teloorgang van beide coalities niet te wijten was aan de onbekwaamheid van de wethouders, dan vormt de nu aangeprezen sollicitatieprocedure ook geen enkele garantie voor toekomstige stabiliteit van het college.

En de kunstmatige stabiliteit die men nu binnen de raad probeert te organiseren zal van korte duur zijn en uiteindelijk alleen maar resulteren in nieuwe onvrede.

Dat men er tot dusver in geslaagd is een lijstje op te stellen met agendapunten, wil natuurlijk niet zeggen dat daarmee alle kou uit de lucht is. Die is razendsnel weer terug als er wethouders moeten worden benoemd en die benoemingen niet beantwoorden aan de verwachtingen van (pakweg) de helft van de raad.

Wie denkt dat de rol van de politiek kan worden overgenomen door technocraten vergist zich. Wie denkt dat democratie mogelijk is zonder formele oppositie, vergist zich ook.

Onze liberale denkers eisen voor zichzelf een dominante machtspositie op en proberen tegelijkertijd de rol van de oppositie op voorhand te minimaliseren. Het heeft er alle schijn van dat zij er in geslaagd zijn om dit idee aan alle bestaande fracties te verkopen, maar dat is op zichzelf geen verrassing.

Men laat zich nu eenmaal graag knollen voor citroenen verkopen en als er één schaap over de dam is, dan volgen er onherroepelijk meer.

Dus op het gedoe met een raadsbrede  agenda, volgt gewoon weer nieuw gedoe. Omdat de Enkhuizer raad de onbedwingbare behoefte heeft (gestoeld op een enorme mate van  zelfoverschatting) om telkens weer opnieuw het zwarte garen uit te willen vinden.

Enkhuizen zal en moet namelijk uniek blijven. Ook al is bestuurlijke chaos daarvan het gevolg.

Politiek gedoe.

koning3
coalitie-monisme

In de krant van woensdag las ik dat de raad afgelopen dinsdag een besluit heeft genomen dat er voor moet zorgen, dat er de komende vier jaar geen politiek gedoe zal ontstaan rond de benoeming van wethouders. Het daarbij gebruikte toverwoord is een raadsbreed akkoord, dat is vastgelegd in een document van maar liefst 7 kantjes.

Ik heb me er nog niet toe kunnen zetten om me te verdiepen in wat onze volksvertegenwoordigers tijdens hun besloten bijeenkomsten over het raadsbrede akkoord bij elkaar hebben gefantaseerd. Het stuk zelf begint in ieder geval met een pijnlijke en slordige onjuistheid, maar voor een zorgvuldiger bestudering heb ik nog geen tijd gehad.

Wat ik opmerkelijk vind is, dat de partijen, die de afgelopen 8 jaar politiek gedoe hebben veroorzaakt door colleges naar huis te sturen, nu beweren de oplossing te hebben gevonden om dat in de toekomst te voorkomen. Ik heb het natuurlijk over de VVD/D66 combinatie. Vanaf 2010 als gezamenlijke fractie en vanaf 2014 als twee gescheiden fracties.

VVD/D66 waren in 2013 verantwoordelijk voor de ondergang van de coalitie bestaande uit VVD/D66, NE en CDA. Formele reden: een raadsmeerderheid wilde minder bezuinigen dan het college. In plaats van de wens van de meerderheid te respecteren bracht toenmalig coalitiewoordvoerder Stomp zijn eigen coalitie ten val.

Boze tongen beweren dat hij dit opzettelijk deed, om te voorkomen dat VVD/D66 wethouder Boland zich zou moeten verantwoorden voor het feit dat die tonnen meer had uitgegeven (aan het onderzoek naar de mogelijkheid van verbouwing van de Drommedaris) dan hem door de raad ter beschikking was gesteld.

Hoe dan ook, in plaats van zich te verantwoorden voor een enorme kostenoverschrijding (waarmee de raad voor een voldongen feit werd gesteld) mocht het college (na uitbundig te zijn uitgewuifd) door toedoen van VVD/D66 genieten van de riante wachtgeldregeling waar politieke ambtsdragers aanspraak op kunnen maken.

reijswoud1
Marginalisering van de raad

Vervolgens ontstaat er dan een nieuwe coalitie die (opnieuw onder aanvoering van VVD/D66) onderuit wordt gehaald. Niet op het moment dat Olierook de raad onvolledig informeert, want dat zag men over het hoofd. Naar ik aanneem omdat de verkiezingen nog te ver weg waren. Maar een jaar later, als de verkiezingen binnen een jaar gaan plaatsvinden en er gebreken binnen de SED organisatie aan het licht komen.

Hoewel Olierook daar formeel niet verantwoordelijk voor is wordt hem (als enige SED wethouder) voorgesteld zijn biezen te pakken.

Samengevat, de afgelopen 8 jaar hebben een tweetal colleges, (vrijwillig en om nogal dubieuze redenen) de pijp aan Maarten gegeven.

De opmerkelijke rol die D66 en VVD daarbij gespeeld hebben wordt door niemand ooit aan de orde gesteld. Fractievoorzitter Koning (D66) verzint een oorzaak voor het (door hemzelf in gang gezette) politieke gedoe en noemt het coalitie-monisme.

Een zelfverzonnen begrip, waarvan alleen hijzelf de draagwijdte kent. Niemand vraagt om een verdere toelichting. Naar ik aanneem uit angst om voor dom te worden versleten.

Van Reijswoud (VVD) stelt de oplossing voor. Een raadsbreed akkoord op hoofdlijnen, wat er feitelijk op neer komt dat je als raad alleen maar nog een ceremoniële functie hebt, die er verder ook niet toe doet, omdat het eigenlijke werk in de toekomst zal worden gedaan door mensen als hijzelf.

Mensen met verstand van zaken. Ambtenaren. En dat je als raad vervolgens niet anders hoeft te doen dan datgene goed te keuren dat je wordt voorgelegd. Model Chinese Volksrepubliek waar ze ook nooit last hebben van politiek gedoe.

Organisatie deskundige Laurence J. Peter heeft voor deze constructie ooit een mooie naam bedacht. De laterale arabeske, ofwel de horizontale promotie naar een functie met een imposanter naam, maar met minder verantwoordelijkheden.

Volgens het Peter Principe betreft het personen wiens incompetentie is komen vast te staan en dus niet langer voor promotie in aanmerking komen. In plaats daarvan worden ze zijdeling verplaatst naar een functie met uitsluitend decoratieve inhoud.

Waardoor men niet langer in staat is om de normale gang van zaken te verstoren, maar men zijn carrière kan voortzetten als beleidsambtenaar lege dozen.

Maar wat voor personen geldt, geldt evenzeer voor instanties (zoals de raad van Enkhuizen) wiens incompetentie inmiddels meermalen is komen vast te staan.

En dus is het misschien wel een logische uitkomst, dat de raad (op aandringen van onze organisatie goeroes Van Reijswoud en Koning) zichzelf verder marginaliseert tot een tandeloze praatclub van mensen die het leuk vinden om te vergaderen over dingen waar ze geen verstand van hebben.

En die zich in dat kader ook het liefst (zonder al te veel politiek gedoe) knollen voor citroenen laten verkopen.