Parkeren op het REZ

Parkeren ZZMHet was me even ontgaan, maar de SP heeft op 8 januari vragen gesteld over het verzoek van het ZZM om op het REZ ruimte te reserveren voor parkeermogelijkheden aldaar.

Men had gehoord dat wethouder Struijlaart niet onwelwillend stond tegenover dat verzoek en vroeg om bevestiging van hetgeen men gehoord had.

De derde vraag is het meest interessant en luidt:

“Aanbesteding en gunning hebben inmiddels plaatsgevonden. Indien er toch geparkeerd gaat worden op het REZ door het ZZM is de vraag:

welke risico’s loopt de gemeente Enkhuizen dan vanwege het feit dat er op dit punt zal worden afgeweken van het aanbestedingsplan en raadsbesluit (geen parkeerterrein voor ZZM op het REZ)? En indien dit niet bekend is bent u voornemens dit te laten onderzoeken?”

Volgens mij heeft het ZZM bij meerdere gelegenheden verklaard, dat als er met haar wensen geen rekening wordt gehouden zij bezwaar zal aantekenen tegen het (nog aan te nemen) bestemmingsplan. Daar kan dus geen misverstand over bestaan. Geen idee of dat bezwaar uiteindelijk door een rechter gegrond verklaard zal gaan worden, maar de schermutselingen daarover nemen al snel 5 jaar in beslag.

Persoonlijk denk ik, dat als het neerkomt op een belangenafweging tussen de wensen van een museum van internationale naam en faam en de wens van de gemeente om de bouw van een aantal tweede woningen te faciliteren, uiteindelijk de belangen van het museum zwaarder zullen wegen dan die van de gemeente en de toekomstige eigenaren van die woningen.

Het risico dat de gemeente derhalve loopt is, dat zij door strak en stijf vol te houden dat er op het REZ geen parkeerruimte gereserveerd mag worden voor het ZZM, ze zal eindigen met een procedure die zich jaren zal voortslepen, met bovendien een  redelijke kans dat ze hem gaat verliezen en er verder niets tot stand komt. Iets waar burgemeester Baas in zijn nieuwjaarstoespraak al voor waarschuwde.

Het ZZM heeft verklaard geen tegenstander te zijn van de realisatie van een vakantiedorp, maar wenst aanpassingen in het bestaande ontwerp. Dit is niet iets wat je op voorhand onmogelijk kunt noemen, maar waarschijnlijk brengt de ontwikkelaar daarvoor extra kosten in rekening. Ze had immers gedaan wat haar was gevraagd en was binnen de door de gemeente gestelde kaders gebleven. Haar was niet gevraagd rekening te houden met de parkeerwensen van het ZZM.

Daarmee zijn de risico’s voor de gemeente in kaart gebracht. Zet men het bestaande ontwerp door, dan belandt de gemeente in een procedure met het ZZM en loopt ze het risico dat de ontwikkelaar wegloopt en een vergoeding eist voor de werkzaamheden die ze heeft verricht.

Probeert men het ingediende plan aan te passen aan de wensen van het ZZM, dat piept waarschijnlijk de ontwikkelaar ook over het werk dat hij voor niets gedaan heeft en eist hij daarvoor een vergoeding.

We mogen aannemen dat Struijlaart de gevolgen van een en ander inmiddels heeft onderzocht, maar ik betwijfel of hij ze (voor de verkiezingen) openbaar zal maken.

Omdat het de aandacht vestigt op iets dat maar beter verborgen kan blijven. Namelijk dat het Enkhuizer college opnieuw heeft geblunderd, zonder dat de Enkhuizer raad dat was opgevallen.

Voor de goede orde, het besluit (met algemene stemmen) om geen ruimte reserveren werd genomen op 1 juli 2014 en was een van de eerste besluiten van de nu nog zittende raad.

Advertenties

Politieke elite

kipzonderkopGisteravond een avondje vrijblijvend gekakel in de commissie grondgebied.

Onderwerp, het aanleggen van extra parkeerruimte aan de zuidkant van de stad. De gemeente had een quick-scan laten uitvoeren en die had een viertal locaties opgeleverd.

Te weten, de Ossenmarkt (achter het station), een terrein ten noorden van Pipelife, op het terrein van de koninklijke jachthaven (particulier eigendom) en op en rond het Dirk Chinaplein.

In haar onmetelijke wijsheid had de gemeente er voor gekozen om het probleem eerst groter te maken (door een parkeerbehoefte van het ZZM precies daar te situeren waar ze het moeilijkst is op te lossen), om vervolgens met een oplossing te komen waarvan je vooraf kon bedenken dat niemand haar aanvaardbaar zou vinden.

Namelijk het geheel of gedeeltelijk dempen van havens.

De vergadering zelf was de gebruikelijk opeenstapeling van slecht onderbouwde opvattingen en halfbakken suggesties, waarbij het al snel duidelijk werd dat een aanzienlijk deel van de commissie de opvattingen van de ZZM niet serieus wilde nemen.

De opvatting, dat het bestaande bootmodel (op termijn) niet viel vol te houden werd door de meerderheid voor kennisgeving aangenomen.

struisvogelDit struisvogelgedrag is kenmerkend voor de Enkhuizer raad. Regeren is vooruit zien, maar daar heeft de Enkhuizer raad geen boodschap aan.

Voor haar geldt slechts het behouden van de publieke gunst, zoals die via Facebook tot ons komt.

In dit geval kwam het neer op het afschieten van het door het college bijeen gepolderde compromis met het ZZM.

De consequentie van dat afschieten kan niet anders zijn dan dat ZZM en gemeente ieder hun eigen weg gaan. De gemeente mag (zonder substantiële bijdrage van het ZZM)  proberen de financiering van extra parkeerruimte aan de zuidkant rond te krijgen.

Het ZZM kan niet veel anders dan proberen om haar voorkeursoptie (parkeerruimte op het REZ) alsnog te realiseren.

De “politiek” denkt dat nu nog te kunnen tegenhouden, maar hoe lang nog?

Karin Kunst (PvdA) vertolkte in dat opzicht een mening die waarschijnlijk door een meerderheid van de raad wordt gedeeld. Ze verweet het college alleen het ZZM te willen “bedienen”.

Een merkwaardig verwijt.

In 2009 “bediende” de gemeente  SWL door ruim een half miljoen uit te geven opdat SWL (voor het eerst in haar bestaan) een parkeervoorziening zou kunnen realiseren. Tot op dat moment had SWL steeds geleund op door de gemeente aangelegde voorzieningen. Een en ander met de volledige instemming van Kunst.

Vrij recent had Kunst (net als de meerderheid van de raad) geen enkele moeite om een krediet van € 100.000,- ter beschikking te stellen voor de aanleg van een parkeerterrein, dat SWL in staat moest stellen om piekdagen te kunnen opvangen.

Dus waarop baseert Kunst haar opvatting dat de gemeente alleen het ZZM “bedient”?

Waar de gemeente investeert in de door SWL (Sprookjes Wonderland) te realiseren parkeervoorzieningen, “wenst” de gemeente dat het ZZM investeert in de door de gemeente aan te leggen parkeervoorziening. Zou je die tegenstrijdigheid aan de rechter voorleggen, dan neem ik aan dat de rechter in het voordeel van het ZZM zal oordelen.

Ik zie een zekere overeenkomst met het geklungel rond het SMC. Eerst wordt opdracht tot realisatie verleend aan de Nijs, vervolgens wordt door de raad dezelfde opdracht verleend aan een andere partij.

De primaire opdracht van het ZZM is NIET het transporteren van mensen, maar het conserveren en exposeren van cultuur historisch erfgoed.

Ik heb daar gisteravond (door onze politiek elite) weinig begrip voor horen opbrengen.

Zozeer, dat plaatsvervangende schaamte zich van mij meester maakte en ik me gelukkig prijs niet tot die elite te behoren.

Serieus overwegen

multitoolIk was 13 toen ik voor de eerste keer de lappendagmarkt in Enkhuizen bezocht.

(Eerdere marktervaringen beperkten zich tot reguliere markten als de Dappermarkt in Amsterdam).

Maar zo’n jaarmarkt biedt bijzondere buitenkansjes, ook voor 13-jarigen.

Overtuigd door het verkooppraatje van de standwerker kocht ik voor de eerste (en tevens laatste) keer een multitool. Een gereedschap dat talloze nuttige eigenschappen in zich verenigde. Namelijk die van hamer, bijl, combinatietang, schroevendraaier en nijptang.

Eenmaal thuisgekomen ontdekte ik al snel dat mijn multitool geen van de functies naar behoren kon vervullen. Je kon er niet mee hameren, laat staan hout hakken en de schroevendraaier werkte alleen bij hele grote schroeven, maar dan kon je weer onvoldoende kracht zetten met het gereedschap.

Waar ik op 13-jarige leeftijd leerde dat je met enige scepsis moet kijken naar gereedschappen die talloze gebruiksmogelijkheden beloven, lijkt de gemeente Enkhuizen er nog steeds verslaafd aan te zijn.

Het SMC werd in gang gezet met een complexe bestuursopdracht waarin tal van uiteenlopende zaken moesten worden gecombineerd. Hetzelfde gold voor de Drommedaris en het REZ.

En dan nu weer de oplossing van een gemeentelijk parkeerprobleem en een parkeerprobleem van het ZZM. Opnieuw probeert men zaken te combineren die in feite los van elkaar staan en beter onafhankelijk van elkaar zouden kunnen worden opgelost.

Deze combinatiedrift vloeit voort uit het adagium van voormalig wethouder Franx. Dat je met werk ander werk kunt maken.

Maar het meeste werk dat met deze ingewikkelde combinatie-opdrachten wordt gemaakt, is werk voor (beleids)ambtenaren in het algemeen en haar juridische afdeling in het bijzonder.

Van de hierboven genoemde voorbeelden is alleen de Drommedaris tot een redelijk goed einde gebracht, hoewel men ook daar in een mediation proces verzeild is geraakt.

Je zou hopen dat de gemeente daaruit lessen zou hebben geleerd, maar men blijft zich helaas gedragen als een 13-jarige.  Die hardnekkig blijft geloven in de multi-oplossingen die ze weet te verzinnen.

Het oorspronkelijke probleem was een bescheiden parkeerbehoefte van het ZZM op het REZ.  Uit een door het ZZM vervaardigd schetsontwerp blijkt dat die voorziening zich eenvoudig laat realiseren zonder al te grote gevolgen voor de beeldkwaliteit van het gebied. Dit schetsontwerp werd de raad onthouden.

In plaats daarvan probeert de gemeente de parkeerbehoefte van het ZZM te combineren met een bij haar levende wens de parkeermogelijkheden aan de zuidzijde van de stad uit te breiden.

Daartoe laat men een quick-scan uitvoeren die een 4-tal mogelijkheden tot uitbreiding vaststelt. Eén daarvan is financieel onhaalbaar (Ossenmarkt), twee daarvan bieden geen enkel soelaas voor de parkeerbehoefte  van het ZZM. De resterende variant omvat het geheel of gedeeltelijk dempen van havens.

Na 6 maanden bedenktijd legt het college de varianten voor aan de raad met het verzoek daaruit een keuze te maken. Een keuze die er alleen maar toe kan leiden dat er havens gedempt gaan worden omdat de andere opties geen soelaas bieden of financieel onhaalbaar zijn.

Bij het raadsvoorstel ontbreekt de door het ZZM voorgestelde oplossing, omdat die in strijd zou zijn met het coalitie akkoord.

Een coalitie akkoord (in dit geval gesteund door de kleinst mogelijke meerderheid van de raad), is geen wet van Meden en Persen.

Het komt voor dat een coalitie akkoord (door omstandigheden) niet kan worden uitgevoerd.  Daarom, een coalitie akkoord aangrijpen om een voor de hand liggende oplossing niet in overweging te willen nemen is absurd.

De commissie zou er in mijn ogen dan ook verstandig aan doen om het door het ZZM vervaardigde schetsontwerp voor parkeerruimte op het REZ bij het college op te vragen.

Opdat ze als serieuze mogelijkheid kan worden overwogen.

Ten halve gekeerd.

zzmBeter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.

Zojuist ontving ik namens de ZZM directie een uitnodiging om (net als de reguliere pers) aanwezig te zijn op de informatie avond die men organiseert ten behoeve van raadsleden.

Uiteraard heb ik die uitnodiging onder dankzegging geaccepteerd.

Hopelijk begint het nu ook tot raadsleden door te dringen dat democratie iets meer is dan het aflopen van informele vergaderingetjes zonder dat daar verslag over wordt gedaan. Zoals ik eerder schreef is beeldvorming de belangrijkste fase in het besluitvormingsproces en is de raad er aan gewend geraakt dat deze in besloten kring plaats vindt.

Dat is op zijn minst onverstandig.

Maar een bestuurscultuur, waarin het weren van de pers op informatiebijeenkomsten van de raad normaal gevonden wordt, vormt ook een ondermijning van de democratie.

Het rapport waarop de raad geacht wordt in mei een besluit te nemen dateert van 28 augustus 2015 en vergt een aanzienlijke investering.

De raad krijgt nauwelijks een maand de tijd om zich daar een oordeel over te vormen. Niet voldoende om tot een evenwichtig oordeel te komen.

Al was het maar, omdat de partijen in de raad nooit moeite doen om de besluiten (die zij van plan zijn te nemen) met de kiezers te communiceren.

Wil de raad er ooit in slagen om het vertrouwen terug te winnen van degenen die ze zegt te vertegenwoordigen, dan zal ze moeten leren zich te verzetten tegen dit soort van keurslijven.

Compensatie

baas.jpg
Inzicht achteraf

Eigenlijk had ik me voorgenomen om nooit meer iets te willen schrijven over de lokale vorm van schizofrenie die bekend staat onder de naam van parkeerbeleid.

Maar nu de PvdA weer vragen heeft gesteld en zelfs onze lokale verslaggever commentaar levert wil ik niet achterblijven.

Volgens mij is het zo, dat de eigenaar en beheerder van de openbare weg (de gemeente) heeft besloten dat als je op die openbare weg (binnen de vestingwallen en op bepaalde tijden) wilt parkeren je daarvoor een vergunning nodigt hebt.

Die vergunning staat op kenteken en is verkrijgbaar voor mensen die in de binnenstad wonen en beroepsgroepen die regelmatig in de binnenstad moeten zijn om hun beroep uit te kunnen oefenen.

Dat laatste ter beoordeling van de verstrekker van de vergunningen.

Wie de beschikking heeft over eigen grond, waarop hij zijn auto kan parkeren, kan uiteraard niet worden gedwongen om een vergunning aan te vragen.

Hij parkeert namelijk niet op de openbare weg, maar op eigen grond.

Waar die eigen grond zich bevindt (naast zijn huis of tegenover zijn huis op een zogenaamde walkant of waar dan ook) lijkt me niet ter zake te doen. De vergunning verleent alleen toestemming voor het parkeren op de openbare weg.

Hoe juridisch geschoold moet je zijn om te beseffen, dat je iemand, die op eigen grond parkeert, niet kunt bekeuren omdat hij op de openbare weg parkeert?

In sommige gevallen is er onvoldoende private grond beschikbaar en parkeert men deels op eigen grond en deels op de openbare weg. In dat geval is er dus altijd een vergunning noodzakelijk.

Wie met twee wielen op de stoep parkeert wordt geacht op de stoep te parkeren (hetgeen een overtreding is) hoewel het grootste deel van de wagen op de rijweg staat.

Hetzelfde principe lijkt me te gelden voor wie deels op zijn eigen grond (walkant) en deels op de openbare weg parkeert. In dat geval ontkomt men er niet aan een vergunning te vragen om op de openbare weg te mogen parkeren.

Het lijkt me allemaal nogal vanzelfsprekend en daarom begrijp ik niet waarom burgemeester Baas en de juridisch haarklovers die hij tot zijn beschikking heeft, daar zo moeilijk over deden en met alle geweld een bekeuring wilde uitdelen aan iemand die op eigen grond parkeerde.

Zodat je als eenvoudig burger naar de de Raad van State moet (met alle kosten van dien) om dit simpele principe erkent te krijgen.

Baas zegt dat dit vonnis verder weinig gevolgen zal hebben voor wat betreft de overige walkantparkeerders. Ik ben geneigd hem daarin te geloven.

Lang niet alle walkantbezitters beschikken over voldoende ruimte om daar een volwaardige parkeerplaats op te realiseren en zodra ze ook maar met 1 wiel op de openbare weg staan hebben ze daar een vergunning voor nodig.

Maar het valt natuurlijk te betreuren dat men deze genuanceerde kijk op de dingen pas toepast als men daar door een rechter toe wordt gedwongen. Het doet me allemaal denken aan de Burgwal, waar de gemeente ook jarenlang vol hield dat een schuur een huis was.

Ook daar moest een rechter aan te pas komen om te bevestigen wat iedereen in een oogopslag kon zien en wat ik elk beschikbaar document stond aangegeven.

Het lijkt me dat de bewoner door de gemeente volledig gecompenseerd dient te worden voor de door hem gemaakte kosten.

Sigaar uit eigen doos.

sigaar-uit-eigen-doosTijdens de laatste commissie vergadering schijnt er wat gedoe te zijn geweest rond de aanleg van een parkeerterrein lees ik in de Enkhuizer krant.

Het terrein is onder andere bedoeld om parkeerruimte beschikbaar te hebben als SWL top dagen beleeft (qua bezoekers aantallen). Om die reden draagt SWL ook bij aan de kosten. € 30.000,- van het totaal van € 100.000,-.

Op zich is het natuurlijk tamelijk ongewoon dat je alleen parkeerruimte schept voor “gewone” dagen, om vervolgens naar de gemeente te stappen voor het scheppen van extra ruimte voor je top dagen.

Ik neem aan dat er tijdens die top dagen ook iets meer wordt verdient door SWL en ga er vanuit dat op basis van die extra verdiensten ook wel wat extra parkeerplekken hadden kunnen worden gefinancierd.

Maar goed de afspraak dateert uit 2010 en daar kan de huidige wethouder natuurlijk niets aan doen. Hij wil alleen maar de destijds gemaakte belofte nakomen.

Misschien moet hij die destijds gesloten overeenkomst nog eens goed bestuderen. Een uiterst betrouwbare bron heeft me  verzekerd dat in de toen afgesloten erfpachtovereenkomst ook was bepaald, dat de grondwaarde van de uitgegeven grond voor parkeerterrein, de helft zou zijn van de grondwaarde bedoelt voor uitbreiding van het park zelf.

Geen idee of die systematiek ook wordt toegepast op het industrieterrein.

Dus voor het bebouwde deel van de grond betaal je € X m2 en voor de onbebouwde (als parkeerruimte ingedeelde) grond betaal je maar de helft. Wellicht is er eigenaar van zo’n kavel op het industrieterrein die me dat wil bevestigen.

De hoop dat raadsleden in dat opzicht willen meedenken heb ik inmiddels opgegeven.

Voorlopig ga ik er nog even van uit dat de grondwaarde van kavels voor elke m2 hetzelfde is en dan is zo’n halvering van de grondprijs voor SWL natuurlijk mooi meegenomen.

Geen idee hoe groot die besparing is, maar het zou me niet verbazen als zij minimaal gelijk was aan het bedrag dat nu als bijdrage van SWL wordt opgevoerd. Beetje sigaar uit eigen doos dus.

In de schoenen van de wethouder

schoenen?
schoenen?

Goed, we mogen dus allemaal eventjes in de schoenen van parkeerwethouder Kok gaan staan door op www.parkereninenkhuizen.nl een enquête in te vullen. Althans dat las ik in de Enkhuizer Krant van gisteren.

Omdat ik de beroerdste niet wil zijn heb ik meteen even gekeken en ben ik begonnen met het beantwoorden van de vragen. Helaas raakte ik na verloop van tijd zo geïrriteerd dat ik de enquête niet heb afgemaakt.

De reden voor mijn irritatie betrof het feit dat me iedere keer met nadruk werd gevraagd een antwoord te geven alsof ik wethouder van Enkhuizen was.

Dat ben ik niet en ik heb ook geen enkele ambitie in die richting. Ik vind het daarom een flauwekul vraag, maar ik snap wel, dat wethouder Kok het een normale vraag vindt.

Immers, tijdens de verkiezingscampagne riep hij als lijsttrekker uitbundig dat hij tegen betaald parkeren was, terwijl hij twee maanden daarvoor als lid van het college de (gefaseerde) invoering van betaald parkeren had onderschreven.

Voor politici misschien een doodnormale zaak, zo’n gespleten persoonlijkheid, maar voor gewone burgers toch een heidens opgave, die steeds meer irritaties opriep.

Ik denk namelijk dat dit beantwoorden van vragen, alsof je wethouder bent, niet meer dan een gimmick is, waarmee het onderzoeksbureau zijn waren aanprijst. Een beetje te vergelijken met de geheimzinnige werkzame bestanddelen waarmee ze huid crèmes aanprijzen.

Kok is daar kennelijk voor gevallen. Vanwege de aanbeveling van een professor. Allemaal prima wat mij betreft, maar we hebben inmiddels al 5 van die onderzoeken achter te rug. In de meeste gevallen resulteren die alleen maar in vervolgonderzoeken of opdrachten aan bevriende relaties.

Ik heb op dit blog inmiddels 114 keer over parkeren geschreven. Dat is meer dan wat welke politieke partij daarover naar buiten heeft gebracht, terwijl het onderwerp me nauwelijks iets kan schelen.

Of er nu wel of niet betaald parkeren wordt ingevoerd zal me worst zijn. Het enige wat me stoort is, dat we een beleidsambtenaar en een wethouder parkeren in dienst hebben die kennelijk geen van beiden in staat zijn om het probleem af te bakenen dat men (door de inschakeling van derden) denkt te kunnen oplossen.

Als we nu eerst eens zouden vaststellen wat het probleem is, dan zouden we daarna eens kunnen gaan nadenken over wat daarvoor de oplossing zou kunnen zijn.