Niets kunnen schelen.

De laatste openbare presidium vergadering dateert van 27 november 2018. Daarna zijn er nog wel “openbare” vergaderingen geweest, maar de tijdstippen waarop (en een agenda met de te behandelen onderwerpen) werd niet meer via het raads-informatie-systeem bekend gemaakt.

Tijdens de vergadering van afgelopen dinsdag liet onze pas benoemde burgemeester weten een verklaard tegenstander te zijn van openbare presidium vergaderingen.

We mogen dus vaststellen dat hij (onmiddellijk na zijn aantreden) zijn zin heeft weten door te drijven.

eduard
Zin weten door te drijven

Informatie over vergaderdata en te behandelen onderwerpen werd met onmiddellijke ingang stopgezet.

Een gang van zaken die tijdens de vergadering van afgelopen dinsdag (met de kleinst mogelijke meerderheid) door de raad werd bekrachtigd.

Sterker nog, het inschikkelijke karakter van Michel de Jong (EV) maakte het mogelijk om de maatregel zonder verdere vertraging door te voeren.

Zonder de bereidwillige hulp van De Jong had men nog een maand op de invoering moeten wachten.

Openbaarheid van de presidium bijeenkomsten is een “recht” dat ons ooit is verleend door een eerdere raad.

Een lezer noemt als belangrijk pleitbezorger van dit recht het voormalige raadslid Arno Noorman (CU/SGP) en spreekt derhalve zijn verwondering uit, dat een partijgenoot (en opvolger) gemeend heeft dit eerder gegeven “recht” weer terug te moeten nemen.

Want dat is natuurlijk de echte betekenis van hetgeen er afgelopen dinsdag is gebeurd. Een recht dat ons ooit is verleend door een eerdere raad, is ons (op aandringen van een pas benoemde burgemeester) weer ontnomen.

Niet omdat er misbruik werd gemaakt van dat recht. Volgens mij ben ik de enige die (als toehoorder) presidium vergaderingen ooit heeft bijgewoond.

De enige aanwijsbare reden voor het intrekken van dat recht bestond uit een verzoek van de nieuwe burgemeester, gemotiveerd met een merkwaardige kronkelredenering.

Namelijk, dat je achterkamertjes politiek voorkomt, door (over van alles en nog wat) in het geheim met elkaar te spreken. Anders dan Eduard doet voorkomen gaat het tijdens presidium vergaderingen hoofdzakelijk over technische zaken. De te volgen procedures bijvoorbeeld en zelden over personen.

Ook de voorstanders van geheime beraadslagingen stond geen hoger doel voor ogen, dan (in het geniep) hun mening te kunnen geven over Jan en alleman. Want binnen de politieke verhoudingen in Enkhuizen speelt argumentum ad hominum een veel belangrijker rol, dan de door ons gekozenen bereid zijn om toe te geven.

Maar door zo te handelen vergroten onze raadsleden alleen maar de kloof tussen henzelf en de kiezers.

Terwijl onze raadsleden zich in allerhande bochten wringen, om te kunnen voldoen aan de wensen van de bureaucraten, worden rechten van gewone burgers achteloos terzijde geschoven of ingeperkt.

In de ogen van de gekozenen is openbaarheid kennelijk geen recht (waar we als kiezer aanspraak op mogen maken), maar een gunst, die zij (naar eigen goeddunken) kunnen verlenen, dan wel weigeren.

Dat blijkt niet alleen uit de bovenstaande gang van zaken, maar bijvoorbeeld ook uit mijn laatste WOB verzoek. Waarin mij beschikbare informatie werd onthouden. Wat uiteraard in strijd is met de wet, maar wat verder geen enkele gekozene, ook maar iets kan schelen.