Pim's Prietpraat

Bemoeienissen van een buitenstaander

Smoes verzinnen.

ivo1Zoals ik in mijn vorige column schreef, trekken burgemeester en griffier als Don Quichotte en helper Sancho ten strijde tegen allerhande vermeende gevaren. Mogelijk om de aandacht af te leiden van de echte gevaren.

Het echte gevaar bestaat er uit dat beiden inmiddels volstrekt ongeloofwaardig zijn geworden. Niet alleen vanwege de beweringen van het college (we beschikken niet over ambtelijke documenten waaruit een kostenverlaging van € 100.000,- naar € 20.000,- kan worden verklaard), maar ook de reactie van de raad (geen enkele) draagt weinig bij aan vertrouwen in het openbaar bestuur.

Als raadslid Emile van Marle tijdens de raadsvergadering (met een stem vol ongeloof) aan wethouder Olierook vraagt, “beweert U nu, dat er helemaal geen documenten zijn?”, ontwijkt Olierook een antwoord op die vraag en zegt, “ik denk dat ik duidelijk genoeg ben geweest”. Wanneer Van Marle (terecht) constateert dat dit geen antwoord op zijn vraag is, neemt burgemeester Baas het woord.

In plaats van Olierook te sommeren Van Marle te antwoorden (hetgeen je van een onpartijdig voorzitter zou mogen verwachten) geeft hij zelf het antwoord op de door van Marle gestelde vraag en bevestigt hij dat er inderdaad geen andere documenten zijn dan die ter inzage zijn gegeven.

Hetzelfde doet hij ook tegen mij. Het dossier dat mij ter inzage is gegeven is vrijwel identiek aan hetgeen de raad heeft mogen inzien. Het bevat uitsluitend documenten die betrekking hebben op de voorgeschiedenis van het conflict en geen enkel document dat een licht werpt op de oplossing die werd bereikt.

Ook tegenover mij beweert de burgemeester dat er geen andere documenten bestaan dan degenen die ter inzage zijn gegeven.

In mijn procedure voor de rechtbank heb ik twee voorbeelden van documenten gegeven die er, gegeven de veronderstelling dat de gemeente er een normale bedrijfsvoering op nahoudt, hadden moeten zijn.

Het zijn zeker niet de enige documenten. Er zijn er veel meer die ontbreken. Een ander voorbeeld is de factuur waarin aan de gemeente in rekening gebrachte kosten worden doorbelast aan de stichting.

De offerte die het college aan de raad heeft voorgelegd bevat een bedrag van € 21.756,- aan gebruikerswensen. Dat wil zeggen wensen van de toekomstige gebruiker (stichting) ten aanzien van de inrichting.

Zoals extra afzuiging in de keuken, extra wandcontacten, telefoon en data installatie, bierleiding in mantelbuis etc etc. Zaken die behoren tot de inrichting van het gebouw waarover met de stichting was overeengekomen dat ze voor rekening van de stichting zouden komen.

Met andere woorden, hoewel het logisch is dat deze kosten vermeld worden op de offerte naar de gemeente (de opdrachtgever), is het ook logisch dat ze door de gemeente worden doorbelast naar de stichting, omdat het kosten zijn die betrekking hebben op de “inrichting” van het gebouw.

Anders gezegd, de gemeente betaalt de aannemer, maar krijgt het daarvoor benodigde bedrag van de stichting.

Dat doorbelasten gebeurt natuurlijk niet alleen mondeling. Daar worden documenten (zoals een factuur) opgemaakt en die hadden zich in het dossier moeten bevinden. Dat was niet het geval. Waarom niet? Omdat daardoor een eerdere bewering over een compromis zou worden onderuitgehaald.

Als we die kosten van gebruikerswensen aftrekken van de offerte, dan resteert er een bedrag (zonder 10% winstopslag) van € 57.000.- . Met winstopslag € 62.700,-. Met andere woorden, het met veel bombarie aangekondigde compromis (waarbij de aannemer zijn aanspraken op € 100.000,- verlaagde naar € 60.000,-) is helemaal geen compromis.  Men heeft een bedrag (dat niets met de verzwaring van doen had) weggelaten uit de nieuwe berekening, waardoor het leek alsof de aannemer zijn prijs had verlaagd.

In werkelijkheid was daar echter geen sprake van.

Dat de raad zich op allerlei manieren voor de gek laat houden (en zich daardoor ook laat vernederen) is een zaak die henzelf aangaat en iets wat ze ook zelf moet oplossen. Dat ze het mij kwalijk nemen als ik daar op wijs is teleurstellend, maar het gedachtegoed van veel raadsleden is nu eenmaal kleingeestiger dan je op voorhand zou aannemen.

Wat mijzelf betreft, ik sta er op dat de Wet Openbaarheid Bestuur door het college op correcte wijze wordt uitgevoerd en toegepast. Ik verbaas me er over dat de raad daar niet net zo over denkt.

Dus heb ik het bestuur van de stichting gevraagd of ze mij willen bevestigen dat de hierboven genoemde “gebruikerswensen” inderdaad aan haar zijn doorbelast, een en ander volgens de tussen gemeente en stichting gesloten overeenkomst. Ik verwacht daarop eerdaags een antwoord.

Naast het indirecte bewijs dat ik tot dusver heb geleverd, vormt dat het directe bewijs dat het op correcte wijze uitvoeren van de wet niet tot de gemeentelijke prioriteiten behoort. En dat lijkt me iets, dat de burgemeester, die er als voorzitter van het college er op toe dient te zien dat wetten worden nageleefd, zich zou moeten aantrekken.

Maar klaarblijkelijk is het tijdperk Opstelten (in Enkhuizen) nog steeds niet afgelopen. Gewoon eisen dat iedereen je moet vertrouwen, omdat je burgemeester bent (of bent geweest). Zoiets heeft in Enkhuizen tot dusver altijd gewerkt, maar ik ben bang dat het niet langer van deze tijd is.

Baas beweert, net als Opstelten indertijd, dat dingen er niet zijn, zonder dat iemand hem daar nog in gelooft. De raad zwijgt, maar dat is, net als bij Opstelten, in hoofdzaak omdat ze geen raad weten met dit soort situaties.

Het lijkt me dat Baas er verstandig aan doet om, net als Opstelten, de eer aan zichzelf te houden.  Hij moet, net als Boland en Olierook in staat geacht worden om een smoes te verzinnen waarmee hij zijn vertrek weet te rechtvaardigen.

augustus 22, 2017 Posted by | Bovenbaas, Drommedaris | Plaats een reactie

Criminele raadsleden?

Don quichotIn de krant van zaterdag maar liefst twee pagina’s over de crimineel, die aast op politieke invloed. In het bericht wordt de nadruk gelegd op de (tijdens de aanstaande verkiezingen) nieuw te kiezen raadsleden. Aanbevolen werd, om nieuwe kandidaten beter te screenen.

Het probleem wordt ook in Enkhuizen serieus genomen. Op de agenda van de  presidiumvergadering van 19 juli 2017 staat het volgende onderwerp;

  • De griffier zal de besturen van de politieke partijen in Enkhuizen uitnodigen voor een informatieavond in september over integriteitstoetsing voor kandidaat raadsleden; ook de burgemeester zal tijdens deze informatieavond een bijdrage leveren.

Ja hoor, ze bedenken het waar je bijstaat. Er moet weer eens een niet bestaand probleem worden opgelost omdat ze anders niks te doen hebben.

Burgemeester en griffier die als Don Quichot en Sancho Panza ten strijde trekken tegen een vermeend gevaar. Want er is natuurlijk geen doorgewinterde crimineel die tijd en geld gaat besteden aan iemand van wie nog maar moet afgewacht of hij wordt gekozen.

En die, als dat gebeurt, helemaal niets te vertellen heeft en er gewoon zit om de dingen die hem door bestuurders en ambtenaren  worden voorgelegd goed te keuren.

Als je als crimineel invloed wilt uitoefenen dan doe je er veel verstandiger aan om aan te pappen met lieden die wel over enige invloed beschikken.

Zoals de burgemeester, de wethouder of de hoge ambtenaar. Enkhuizen is daarbij een bijzonder vruchtbaar werkterrein.

Daar kun je werkzaamheden begroten op € 100.000,- om ze een jaar later te begroten op € 20.000,- zonder dat een haan er naar kraait.

Zonder dat er ambtelijke stukken beschikbaar zijn waaruit kan worden afgeleid hoe een dergelijke ommekeer zich heeft voltrokken.

Het zou zo maar kunnen dat de twee hoofdpersonen, die toevallig allebei  Jan heten, met elkaar hebben afgesproken, “als jij nu een offerte in elkaar flanst, dan zorg ik er voor dat hij door de raad wordt aangenomen en delen we het verschil”.

“Weet je wat, we proberen het gewoon en als het niet lukt, dan proberen we het nog eens voor een lager bedrag en desnoods een derde keer.”

“Is het dan nog niet gelukt, dan laten we de boel de boel en moet je een verlies nemen van € 10.000,-, maar dat kan bruin wel trekken neem ik aan. En maak je vooral ook geen zorgen om die andere Jan, die de boel zogenaamd in de gaten moet houden.

Dat regel ik wel met hem en die is bovendien veel te druk criminele aspirant-raadsleden de pas af te snijden”.

Voor een dergelijke gang van zaken hebben we een goed Nederlands woord. We noemen het een Janboel.

 

augustus 7, 2017 Posted by | Bovenbaas, Gebakken lucht, Integer, Verkiezingen | 5 reacties

Geloofwaardig

rechterGisteren dan eindelijk de zitting voor de bestuursrechter in Alkmaar. Gelukkig had de Enkhuizer Krant een verslaggever gestuurd, zodat we beschikken over een uitstekend verslag van die bijeenkomst dat bovendien vandaag in de krant stond.

De reden dat ik de gang naar de bestuursrechter heb gemaakt is, dat ik graag wil dat ook de lokale overheid de wet (in dit geval de Wet Openbaarheid Bestuur) op correcte wijze toepast.

Mijn opvatting is dat de gemeente mij niet alle beschikbare informatie heeft verstrekt, hetgeen zij (op grond van de wet) wel zou hebben moeten doen.

De gemeente is zich van geen kwaad bewust en stelt zich op het standpunt dat er geen andere informatie beschikbaar is dan die ze mij heeft verstrekt.

Waar ik om gevraagd heb is inzage in de correspondentie die door de gemeente is gevoerd naar aanleiding van het compromis dat men had gesloten over de kosten van de verzwaring van het elektra netwerk. Onder correspondentie versta ik alle schriftelijk vastgelegde informatie.

De gemeente heeft mij weliswaar een heleboel schriftelijke informatie verstrekt, maar met uitzondering van een raadsvoorstel (waar ik sowieso al over beschikte) had niets daarvan betrekking op het bereikte compromis. De verstrekte informatie ging over het ontstaan van het geschil en niet over de oplossing.

Over de uiteindelijke oplossing werd (behalve via het raadsvoorstel) geen schriftelijk informatie verstrekt. Volgens de gemeente omdat er niets schriftelijk was vastgelegd.

Probleem is dat de informatie met behulp van raadsvoorstellen tegenstrijdigheden bevat. Zoals bijvoorbeeld de kosten van verzwaring. Aanvankelijk werden die geschat op € 100.000,-, hetgeen uiteindelijk werd bijgesteld naar € 20.000,-.

Een opmerkelijke daling, waarop tijdens de behandeling ook geen helder antwoord is gekomen.

De overheid heeft in dit soort kwesties een streepje voor op de gewone burger. In de zin dat ze van zichzelf vindt dat ze nauwelijks iets hoeft te bewijzen, maar op haar woord geloofd dient te worden.

Dat is ook het standpunt van burgemeester Baas en consorten. Gelukkig heeft de Hoge Raad een klein voorbehoud gemaakt. Dat standpunt is alleen geldig als hetgeen de overheid beweert niet ongeloofwaardig is. Over wat wel of niet geloofwaardig is heeft iedereen zijn eigen mening.

Maar ik wilde de vraag over de geloofwaardigheid per se aan een rechter voorleggen, omdat je alleen op die manier een onafhankelijk oordeel krijgt.

Mijn taak was dan ook om de rechter er van te overtuigen, dat hetgeen de gemeente beweerde volstrekt ongeloofwaardig is. Geen idee of me dat gelukt is.

Die ongeloofwaardigheid zit hem primair in het feit dat er van de onderhandelingen met aannemer en stichting niets schriftelijk is vastgelegd. Dit is tegenstrijdig met wat er als norm geldt voor een zorgvuldige bedrijfsvoering.

Meer in detail heb ik gewezen op de afwezigheid van een tweetal documenten die in elke normale bedrijfsvoering aanwezig zouden zijn, maar hier ontbreken.

Ten eerste het gespreksverslag van de bijeenkomst met Hillen & Roosen waarin die aankondigt over te zullen gaan tot aanleg van de (noodzakelijk geachte) elektraverzwaring.

Dat moet een zucht van verlichting hebben doen opgaan op de gemeentelijk burelen. Zou H & R dat besluit namelijk niet hebben genomen, dan was er (volgens bestek) een gebouw opgeleverd waarvoor geen gebruiksvergunning kon worden afgegeven.

Een enorm gezichtsverlies voor gemeente en stichting, die al meer dan 3 maanden met elkaar aan het bakkeleien waren over de vraag wie de kosten voor zijn rekening moest nemen.

Ik zou niet weten waarom je als ambtenaar dat heugelijke feit niet zou vastleggen ten behoeve van je superieuren. Daarbij past ook dat je er op wijst, dat de gemeente een morele verplichting aangaat ten opzichte van de aannemer.

De gemeente ontkent dat zij een betalingsverplichting is aangegaan. Daarmee bedoelt ze waarschijnlijk een betalingsverplichting die juridisch afdwingbaar is. Maar zelfs dat is niet helemaal zeker. Ik heb er in eerdere berichten al op gewezen, dat het ontbreken van een opdracht niet automatisch zal leiden tot verlies van het recht op betaling. Ook al denkt Bram van der Pijll (en velen met hem) dat het wel zo is.

Maar naast een juridisch afdwingbare betalingsverplichting is er ook nog zoiets als een morele betalingsverplichting. Als je erkent dat verzwaring noodzakelijk is, instemt met de uitvoering van het werk en naar de aannemer toe geen voorbehoud maakt voor wat betreft de betaling, dan is de kans groot dat een rechter een weigering tot betaling zeer onredelijk vindt en die morele verplichting alsnog omzet in een juridische verplichting.

Zover is het echter niet gekomen. Het college heeft (met behulp van allerlei omtrekkende bewegingen) tot driemaal gepoogd haar morele verplichtingen na te komen, maar dat is haar door toedoen van de raad uiteindelijk niet gelukt.

Bewijst dat, dat daarmee de aannemer niet is betaald? Geenszins, hij kan ook betaald zijn via een andere begrotingspost. Er zijn diverse voorbeelden van betalingen die niet zijn verantwoord via het projectbudget. Ik schat ongeveer een kwart miljoen.

Maar de essentie (de verslaggever heeft dat correct weergegeven) blijft natuurlijk de vraag in hoeverre de gemeente geloofwaardig is als zij stelt dat er over de tussen gemeente en aannemer/stichting gevoerde onderhandeling niets op schrift is gesteld.

Ik heb 125 A4 tjes bagger ter inzage gekregen, waaruit van alles valt op te maken, maar niet hoe men van de oorspronkelijke kosten van verzwaring (€ 100.000,-) uiteindelijk terecht is gekomen op € 20.000,-. Uitgangspunt was niet wat de kosten waren, maar wat de stichting redelijk vond. Dat bleek € 30.000,- te zijn, waarna stichting en gemeente besloten dat de aannemer daarvan 1/3 voor zijn rekening moest nemen, zodat er nog 20.000,- resteerde die stichting en gemeente onder elkaar verdeelden.

Kortom, de nettokosten voor de voorziening waren € 20.000.- terwijl ze aanvankelijk begroot waren op € 100.000.-.

Ik begrijp dat hetzelfde dossier aan de raad ter inzage is gegeven. Ik vraag me af hoeveel er de moeite hebben genomen om het in te zien. In ieder geval is het kennelijk niemand opgevallen dat het dossier (bijvoorbeeld met behulp  van gespreksverslagen) helemaal niets prijsgeeft over hetgeen er tussen aannemer/stichting en gemeente is besproken.

Simpel gezegd, er is een politieke werkelijkheid gecreëerd, maar de juistheid ervan kan onmogelijk worden geverifieerd aan de hand van ambtelijke verslagen, want die zijn (volgens de gemeente) niet gemaakt. Aannemer en gemeente zijn twee handen op een buik. De vragen die ik aan de aannemer stelde werden linea recta doorgestuurd naar de gemeente.

De stichting is financieel volledig afhankelijk van de gemeente. Ik vind het tamelijk ondenkbaar dat ze onderweg naar het compromis dat ze heeft gesloten nooit iets heeft bevestigd of vastgelegd. Maar goed, de gemeente beweert dat dit nooit is gebeurd en als de stichting de gemeente de hand boven het hoofd wil houden, dan moet ze dat vooral blijven doen.

Mijn stelling is dat wat de gemeente beweert ongeloofwaardig is en dat zij dus dient te bewijzen, dat wat ze stelt, ook waar is.

Wat de rechter daarvan vindt weten we hopelijk over 6 weken.

 

augustus 4, 2017 Posted by | Drommedaris, WOB | 4 reacties

Beproefde werkwijze

stadhuisNaar mijn mening bestaat er zoiets als een beproefde werkwijze. In dit geval, als een werknemer afspraken maakt die resulteren in een betalingsverplichting, hij de aard en omvang van die afspraken schriftelijk voorlegt aan zijn superieuren.

Die beproefde werkwijze geldt voor het bedrijfsleven en de overheid. In de kwestie rond de verzwaring van het elektra van de Drommedaris is de gemeente van die beproefde werkwijze afgeweken. Dat is waar haar beweringen op neerkomen.

Er hebben weliswaar tot  tweemaal toe gesprekken plaatsgevonden met Hillen & Roosen  en daarin is tot tweemaal toe overeenstemming bereikt over de betaling die er aan Hillen & Roosen diende te worden verricht door de gemeente, maar van die gesprekken bestaat geen verslag.

Dat is een afwijking van de beproefde werkwijze. De arrogantie van de gemeente (maar ook van de raad) bestaat er uit, dat de gemeente alleen maar hoeft te zeggen dat ze een beproefde werkwijze niet heeft toegepast en iedereen denkt (inclusief de raad) dat zal dan wel.

De aanwezigheid van de door mij gevraagde stukken is regel. Men lijkt er van uit te gaan, dat ik dien te bewijzen dat die regel ook in dit geval van toepassing is.  Een slimme poging tot omkering van de bewijslast, waarvan moet worden afgewacht of de rechter het daarmee eens is.

Het is in mijn ogen de gemeente die moet beargumenteren waarom zij de regel (in dit bijzondere geval) niet heeft toegepast.

De mondeling gegeven reden was efficiëntie. De schriftelijke reden, zoals in haar verweerschrift is vastgelegd, is  dat alleen de raad bevoegd is besluiten te nemen aangaande aanvullende werkzaamheden. En omdat de ambtenaar geen besluit kon nemen, was er ook geen noodzaak tot het maken van een verslag.

Ik begrijp dat je met het opzetten van dat soort van redenering toch nog een leuke boterham kunt verdienen bij de gemeente, maar ik word daar heel erg droevig van.

Dat het nemen van besluiten het privilege van de raad is, weet naar ik aanneem ook de bestuursrechter wel. Maar om dat als argument te gebruiken om geen verslag te maken van de betalingsafspraken die er met derden worden gemaakt, lijkt me geen goed idee.

De afspraken met de aannemer werden gemaakt door de op één na hoogste ambtenaar van de gemeente, Jan Slagter.  Als die niet bevoegd is om namens de gemeente afspraken te maken, wie dan wel? Natuurlijk, hij zal er altijd bij zeggen dat de afspraken die hij maakt  altijd goedgekeurd moeten worden door zijn superieuren. In eerste instantie is dat de wethouder, maar uiteindelijk de raad.

Het resultaat van zijn afspraken zal hij voorleggen aan de wethouder, die vervolgens bepaalt, welke delen van het onderhandelingsresultaat aan de raad worden voorgelegd om een instemmingsbesluit te krijgen.

Kortom, het feit dat een ambtenaar in bepaalde situaties niet bevoegd is om een besluit te nemen, zegt niets over zijn bevoegdheid om namens de gemeente te onderhandelen over een (door de raad) te nemen besluit. Maar alvorens het resultaat aan de raad kan worden voorgelegd dient eerst de wethouder overtuigd te worden.

In Enkhuizen gebeurt dat kennelijk nooit op basis van een schriftelijk stuk, maar mogen de ambtenaren in kwestie in het voorbijgaan iets roepen over de overeenstemming die ze hebben bereikt. En als dit niet een correcte weergave is van de gebruikelijke gang van zaken, waarom beweert de gemeente dan, dat het in deze kwestie wel de gang van zaken is geweest?

Ik vrees, dat de werkelijke reden is, dat men om politieke redenen er voor koos te liegen over de werkelijke kosten van de verzwaring. En toen men eenmaal dat besluit had genomen, was er geen weg terug meer en werd de ene leugen op de andere gestapeld.

Met als voorlopige uitkomst, dat we kunnen concluderen dat de gemeente gebruik maakt van valse offertes om de raad ergens toe over te halen en de raad daar verder geen punt van maakt, want waarom zou je over zoiets druk maken? Gelukkig mogen wij over een half jaar zeggen wat we daar van vinden, waarna we weer 4 jaar onze mond moeten houden.

augustus 1, 2017 Posted by | Bestuurscultuur, Drommedaris, Klungelen | 5 reacties

Wat zou het

Vankertjeandaag een opmerkelijk berichtje in de Enkhuizer Krant.

De gemeente verloor haar geschil voor de bestuursrechter met terrasuitbater Karin Mazereeuw. Uit het krantenbericht begrijp ik, dat de gemeente haar tekening (behorende bij de oorspronkelijk vergunning) was kwijtgeraakt.

In plaats van bij Mazereeuw te informeren of die nog over de originele tekening beschikte had men een nieuwe gemaakt, die afweek van de oorspronkelijke tekening.

Op basis van die nieuwe tekening wilde men vervolgens gaan handhaven, maar de rechter stak daar een stokje voor. Als je niet langer tevreden bent met de overeenkomst die je eerder hebt gesloten, dan kun je die niet veranderen door te roepen dat je de oorspronkelijke overeenkomst bent kwijtgeraakt.

Je zou denken, dat snappen ze bij de gemeente ook wel, maar waar ze op gokken is, dat jij de overeenkomst ook niet meer hebt. Of dat je als burger opziet tegen de kosten van een procedure. Zo hebben ze in de kwestie Burgwal ook iemand 6 jaar bezig weten te houden.

Niet alleen raakt de gemeente allerhande documenten kwijt, in mijn geval beweert ze dat documenten niet gemaakt zijn. Ik weet niet of ze daar verstandig aan hebben gedaan. Iets kwijt raken lijkt me langer vol te houden, dan te beweren dat je hebt nagelaten de grondbeginselen van democratisch bestuur te respecteren.

Een van de belangrijkste democratische grondbeginselen is, dat wij (als bevolking) het recht hebben (en dus in staat gesteld moeten worden) besluiten van onze bestuurders te controleren. Dat wordt onmogelijk, als je nalaat documenten (zoals gespreksverslagen) te maken van van de betalingsafspraken die je met anderen maakt.

Waar het college zich (in mijn geval) op beroept zijn tamelijk eenzijdige en onvolledige interpretaties van haar afspraken met Hillen & Roosen. Ze bevatten tegenstrijdigheden die de raad mogelijk wel zijn opgevallen, maar waar ze vervolgens niet meer mee gedaan heeft dan de schouders ophalen.

In mijn ogen plichtsverzuim van de raad, dat ze naar mijn opvatting niet hebben hersteld door maanden later het college (om onduidelijke) redenen weg te sturen.

Er is in Enkhuizen een bestuurscultuur gegroeid, waarbij het college meent zich van alles te  kunnen permitteren, terwijl de raad zich op dat punt van alles laat aanleunen.

Wordt de democratische controle op genomen besluiten onmogelijk gemaakt? Wat zou het, dat waren we toch al niet van plan, denkt de raad. We zitten hier toch alleen maar om dingen goed te keuren (en daar gewichtig over te doen) en niet om zaken te controleren.

Wordt de WOB niet correct uitgevoerd? Wat zou het, sinds wanneer kan het de raad wat schelen of wetten naar behoren worden uitgevoerd? Wordt het REZ straks voor een appel en een ei verpatst? Wat zou het, onze maandelijkse vergoeding wordt er niet minder om.

Er wordt mij wel eens cynisme verweten, maar cynischer dan onze lokale politici kan bijna niet.

 

juli 14, 2017 Posted by | Klein Leed, Klungelen | 8 reacties

Ontknoping

rechterVandaag over drie weken is de zittingsdag van mijn procedure tegen de gemeente. De voorliggende rechtsvraag is: Heeft de gemeente jegens  mij onrechtmatig gehandeld door mij documenten te onthouden, die ze mij (krachtens de Wet Openbaarheid Bestuur) ter inzage had moeten geven?

De gemeente betwist dat. Zij beweert, dat de door mij gevraagde documenten niet zijn uitgemaakt, dus niet bestaan en daarom ook niet ter inzage kunnen worden gegeven.

De vraag is nu: Hoe geloofwaardig is het, dat ambtenaren, die betalingsafspraken maken met derden, die afspraken niet schriftelijk vastleggen ten behoeve van hun superieuren, de politiek verantwoordelijke wethouder?

Ik acht dat volstrekt ongeloofwaardig en daarmee de kans groot, dat de rechter mijn eis zal inwilligen en de gemeente zal opdragen de gevraagde documenten alsnog ter inzage te geven.

Ik heb het eerder al eens omschreven als een kat en muis spel, waarbij het niet helemaal duidelijk is wie de kat en wie de muis is.

Is de lokale overheid de kat die alles naar zijn hand kan zetten en maak ik, als onbeduidende burger, geen schijn van kans tegen deze samengebalde macht?

Of ben ik de kat, die geholpen door een onafhankelijke en onpartijdige rechter, al die wanhopige leugens waarmee de overheid zich uit de zelfgecreëerde misère probeert te redden, heeft weten te ontmaskeren?

Dat de overheid liegt wanneer haar dat beter uitkomt is een feit. Dat zij in deze kwestie op meerdere punten heeft gelogen is evenzeer een feit. Maar de vraag is nu: Loog zij ook, toen ze beweerde niet te beschikken over de door mij gevraagde documenten?

Hoewel onze lokale politici bevoegd zijn een dergelijke vraag te beantwoorden, zijn ze te laf om het te doen. Vandaar, dat ik haar heb voorgelegd aan een onafhankelijke (en naar ik hoop ook onpartijdige) rechter, die, mocht hij dat noodzakelijk vinden, getuigen onder ede kan verhoren.

Kortom, geleidelijk aan naderen we de ontknoping in dit geschil en daarmee ook de afsluiting van mijn blog.

juli 13, 2017 Posted by | WOB | 1 reactie

Kruimeldieven.

kruimeldiefGoed, in mijn vorige column stelde ik vast dat de voltallige raad van Enkhuizen het volstrekt normaal vindt, dat ambtenaren  afspraken (die financiële gevolgen voor de gemeente hebben) met derden maken zonder dat zij die afspraken schriftelijk vastleggen ten behoeve van hun superieuren.

Dat is het standpunt dat het college tegenover de raad heeft ingenomen, maar ook het standpunt dat het college tegenover mij heeft ingenomen in het kader van mijn WOB verzoek.

Het verschil tussen de raad en mij is, dat de raad zich heeft neergelegd bij het collegestandpunt en ik niet. Ik heb de rechter gevraagd te beoordelen in hoeverre het college standpunt geloofwaardig is, dan wel dat men mij informatie heeft onthouden waar ik recht op heb.  Mocht de rechter mijn opvatting (dat het standpunt van de gemeente volstrekt ongeloofwaardig is) delen, dan heb ik hem gevraagd om het college op te dragen mij alsnog de ontbrekende documenten ter inzage te geven.

Voor wat betreft de geloofwaardigheid van het college is er nog een klein probleempje dat de raad niet is opgevallen maar mij wel. Het college “bewijst” aan de hand van een offerte dat de kosten van verzwaring € 100.000,- zijn, om een jaar later te erkennen dat ze slechts € 20.000,- waren.

Je hoeft geen Einstein te heten om te kunnen concluderen dat in dat geval de oorspronkelijke offerte een falsificatie was.

Wist de gemeente dat? Natuurlijk. Uit de onderliggende (spaarzame) correspondentie blijkt nergens dat dit punt is aangeroerd. Zonder enige op- of aanmerking gaat de aannemer  akkoord met een verlaging tot 1/5 van de oorspronkelijk geraamde kosten en laat hij desgevraagd weten, dat wat er in het raadsvoorstel staat vermeld een correcte weergave van de gang van zaken is. Twee handen op een buik dus. In een later stadium vraagt de aannemer om hulp bij het opstellen van een brief naar de raad en die hulp wordt ook (gelet op de inhoud van die brief) zonder probleem geleverd.

Het reduceren van de kosten van werkzaamheden tot 1/5 van de oorspronkelijke offerte is niet alleen volstrekt ongeloofwaardig, het rechtvaardigt ook een tweede conclusie.

Namelijk dat college en aannemer (in gezamenlijk overleg) gebruik hebben gemaakt van een valse offerte om de raad er toe te verleiden een krediet te verlenen.

Voor zover ik weet is het vervaardigen en gebruiken van valse offertes/facturen strafbaar. Het is een poging tot fraude en het feit dat deze poging uiteindelijk mislukt is, maakt dat niet anders.

Kennelijk vindt de raad het geen enkel probleem om besluiten te nemen op basis van frauduleuze documenten en verwacht zij respect voor die keuze. Helaas kan ik dat respect niet opbrengen. Ook al omdat uit een ander WOB onderzoek blijkt, dat een groot deel van de raadsfracties oneigenlijk gebruik maken van de onkostenvergoedingen die ze zichzelf hebben toegekend.

Om frauduleus gedrag van bestuurders en ambtenaren binnen de perken te houden, mogen we eens in de vier jaar een clubje kruimeldieven kiezen. Ik weet het, soort zoekt soort en het schuim drijft altijd bovenop, maar wat een armoede.

juli 5, 2017 Posted by | Geldgraaien | 1 reactie

Normaal gedrag

rechterOp 12 juni 2017 doet het college door middel van een raadsbrief verslag van een procedure die zij heeft gevoerd over het besluit om een aangevraagde subsidie uit het Europese Visserijfonds niet toe te kennen.

De door de gemeente naar voren gebrachte bezwaren tegen de afwijzing zijn gegrond verklaard.

De rijksdienst zal dus haar afwijzing op andere gronden moeten motiveren (dan wel de subsidie alsnog toekennen).

Volgens de raadsbrief zou dat toekennen inmiddels gebeurd moeten zijn. Omdat de raadsbrief niets zegt over een toekenning, neem ik aan dat het om een anders gemotiveerde afwijzing gaat.

De Europese subsidieregeling had tot doel de aandacht te kunnen vestigen op de visserijgeschiedenis en de duurzame visserijontwikkeling in Enkhuizen. Hoe dat valt te rijmen met de kosten van de verbouwing van de Drommedaris is me een raadsel.

Wat me inmiddels wel duidelijk is, is dat er een hele kudde Europese en Nederlandse ambtenaren zijn die hun brood verdienen met het ontwerpen van dit soort regelingen, om vervolgens te kunnen gaan redetwisten over de uitvoering ervan.

Ik laat dat aspect maar even voor wat het is en concentreer me op een tweetal andere constateringen van wethouder Luyckx aan het einde van zijn raadsbrief. Hij benoemt daar een tweetal andere losse eindjes in het Dromdossier.

Te weten de procedure ter afdoening van mijn WOB verzoek en de meerwerkkosten rond de elektraverzwaring in de Drommedaris. Volgens mij vergeet de wethouder nog de procedure met de architect over achterstallig loon (€ 80.000,-).

Over de verzwaringskosten het volgende.

Wat we weten is dat de Enkhuizer ambtelijke onderkoning Jan Slagter tot tweemaal toe overeenstemming heeft bereikt met aannemer Hillen & Roosen. Aanvankelijk waren ze het eens geworden over een betaling van € 100.000,- uiteindelijk bereikte men overeenstemming over een betaling van € 60.000,- .

Het bewijs voor die overeenkomsten is vastgelegd in een tweetal raadsvoorstellen waarin de raad gevraagd werd een krediet te verstrekken om de aannemer te kunnen betalen.

Er wordt zelfs een derde (verkapte) poging gedaan de raad te bewegen tot het verstrekken van een krediet. Ik beschik over een e-mail waarin de aannemer Slagter vraagt om hem te helpen bij het opstellen van een brief aan de raad. Die brief komt er ook en in de inhoud ervan wordt duidelijk dat de gevraagde hulp verleend is.

Kun je uit het feit, dat de raad tot driemaal toe geweigerd heeft een krediet beschikbaar te stellen, concluderen dat de aannemer dus niet betaald is geworden? Volgens mij niet.

In een eerdere raadsbrief erkent het college dat men zeker een kwart miljoen aan projectkosten van de Drommedaris heeft weggemoffeld. Door ze te verantwoorden  op andere (algemene) begrotingsposten.

Zeker € 130.000,- aan projectbeheerkosten (Piet Conijn?) is geboekt als zijnde kosten voor inhuur extern personeel, een bestaande begrotingspost. Andere kosten van de verbouwing werden geboekt als “onderhoud kapitaalsgoederen”. Op die manier werd zeker een kwart miljoen aan verbouwingskosten buiten het projectbudget gehouden.

Met als reden, om te kunnen betogen dat de motie Dellemans was uitgevoerd en de begrote verbouwingskosten nauwelijks waren overschreden.

Dezelfde obsessie veroorzaakt trouwens ook het gedoe rond de kosten van verzwaring. Inmiddels heeft de gemeente erkend dat die niet hoger waren dan € 20.000,-. Maar de vraag is natuurlijk, wat dient er op dat punt (volgens Luyckx) nog geregeld te worden? De betaling van iets dat twee jaar geleden is uitgevoerd?

Het feit dat de raad geweigerd heeft een krediet te verstrekken hoeft nog geen beletsel te zijn voor het college om de aannemer te betalen voor datgene waar hij (volgens het college) recht op heeft. Daarmee voorkomt het college een procedure met die aannemer over die betaling. Een procedure die men zonder twijfel zou verliezen omdat het werk noodzakelijk was en tot volle tevredenheid van iedereen is uitgevoerd.

Ik neem dan ook aan dat die betaling van de aannemer inmiddels allang heeft plaatsgevonden en op creatieve wijze in de jaarrekening zal zijn verwerkt. Het enige wat nog rest is daarover uitleg te verschaffen. Het liefst nadat de raad de jaarrekening eerst heeft goedgekeurd.

Maar zolang de raad niet om uitleg vraagt, wordt ze ook niet verschaft en belandt de kwestie rond de betaling van de aannemer, waarvan iedereen dacht te weten hoe de vork in de steel zat (niet dus) als gebruikelijk in de doofpot.

Het verantwoordelijke college is inmiddels (om geheel andere redenen) weggestuurd. Het enige wat is gebleven is de conclusie, dat de Enkhuizer bestuurscultuur bestaat uit een eindeloze herhaling van wat we list en bedrog kunnen noemen. Waar de raad helaas niet op adequate wijze op reageert, maar zelfs aan meewerkt.

Is het nieuwe college anders? De tijd zal het leren. Wat ik wel weet is dat de hoofdrolspelers in deze kwestie, burgemeester Baas en onderkoning Slagter, al het politieke gedoe moeiteloos hebben overleefd en nu hun stempel mogen drukken op de afwikkeling van het REZ.

De procedure over mijn WOB verzoek gaat over de vraag hoe “normaal” het is, dat door ambtenaren gemaakte afspraken met aannemers/projectontwikkelaars niet op papier worden gezet.

De raad van Enkhuizen heeft (door haar houding) inmiddels gedemonstreerd het volstrekt “normaal” te vinden en ook onze waakhond in de vorm van lokale pers lijkt het heel “normaal” te vinden dat je langs die weg democratische controle onmogelijk kunt maken. Ik schijn de enige te zijn die het niet normaal vindt, dat door ambtenaren gemaakte afspraken (met financiële gevolgen voor de gemeente) niet schriftelijk worden vastgelegd, zodat ze niet ter inzage kunnen worden gegeven aan hen die daar om vragen.

Het feit, dat de raad daar (om politieke reden) genoegen mee neemt is voor mij geen reden om daar dan ook maar genoegen mee te nemen.  Op 3 augustus dien ik ter zitting te verschijnen om mijn opvattingen over “normaal” gedrag te bepleiten.

juli 2, 2017 Posted by | Drommedaris | Plaats een reactie

Achtergronden

sinterklazen

Leden van de raad in werktenue

In de Enkhuizer Krant  van afgelopen donderdag mocht eigenaar/directeur van Sprookjeswonderland (Willem de Vries) zijn ongenoegen spuien over de chaos die kennelijk op Hemelvaartsdag was ontstaan door de activiteiten van sportverenigingen.

Hij is er om die reden geen voorstander van dat er een brug komt tussen het overloopparkeerterrein en de Immerhornweg, die toegang geeft tot de sportterreinen.

Dat overloopparkeerterrein is (deels?) bekostigd door SWL en als je een brug aanlegt kan het gebeuren dat bezoekers van sportwedstrijden van die parkeergelegenheid gebruik gaan maken en dat gaat dan weer ten koste van de parkeercapaciteit voor SWL meent Willem de Vries.

Uiteraard voert hij ook nu weer de € 100.000,- op, die hij in 2009 betaald heeft voor de aanleg van een overloopparkeerterrein..

Maar dank zij wethouder De Jong weten we dat het net even iets anders ligt dan Willem ons wil doen geloven. Die honderdduizend euro bestond uit een vergoeding voor het onroerend goed (voormalige kantine en eigendom van de gemeente). Waarde geschat op € 70.000,-, terwijl de resterende € 30.000,- een bijdrage zou zijn aan een door de gemeente aan te leggen overloopparkeerterrein.

Niettemin een genereus aanbod van SWL dus? Nou niet echt. In plaats van te eisen dat SWL (na jarenlang traineren) nu eindelijk eens de verantwoording nam voor het  scheppen van een eigen parkeervoorziening (een eis waar elk ander Enkhuizer bedrijf niet onderuit kan komen) hoefde SWL slechts uit te gaan van een “gemiddelde” parkeerbehoefte.

De parkeerbehoefte bij bijzondere bezoekersaantallen diende gedekt worden door gemeentelijke parkeervoorzieningen. En aan die gemeentelijke voorziening had SWL dus een bijdrage van € 30.000,- geleverd.

Waarschijnlijk net voldoende voor de aanleg van dat ene terrein. Feitelijk zijn er meerdere van dat soort terreinen nodig, maar daarover zijn volgens mij geen verdere afspraken gemaakt met SWL.

Waarom de gemeente een krediet van € 100.000,- vraagt voor iets dan niet meer dan € 30.000,- kost is trouwens onduidelijk, maar feit is dat dit vaker gebeurt.

Denk daarbij aan het krediet van € 100.000,- voor de verzwaring van het elektra in de Drom, iets wat na een jaar niet meer dan € 20.000,- bleek te kosten.

Ik heb daar de leden van de raad in het verleden al meermalen op gewezen, maar die vinden zichzelf te belangrijk om zich met dergelijke kleine details bezig te houden. Een keer per maand vermommen ze zich als Sinterklaas om (in een of andere hoek) met kredieten te kunnen strooien.

Maar goed, voordat SWL überhaupt een parkeervoorziening kon aanleggen diende er eerst nog iets anders te gebeuren. De naastgelegen grond (waarop SWL een nieuwe entree en parkeervoorziening wilde aanleggen) was weliswaar eigendom van de gemeente, maar ze was verhuurd aan een exploitant van tennisbanen.

De huurovereenkomst stond alleen de exploitatie van tennisbanen toe. Die exploitatie was verlieslatend dus vrij logisch dat de raad enthousiast instemde in de afkoop van die huurovereenkomst (die jaarlijks meen ik € 7.500,- huur opleverde) voor meer dan een half miljoen euro. Voor sommigen onder ons is het leuk zakendoen met de gemeente.

Dus om SWL in staat te stellen uit te breiden en er voor te zorgen dat SWL haar eigen parkeervoorziening zou kunnen aanleggen spendeerde de gemeente meer dan een half miljoen, zonder dat zij daarvoor aan de begunstigde (SWL) meer terug vroeg dan een bijdrage (€ 30.000,-) in de kosten van de aanleg van een overloopparkeervoorziening.

En vanwege die bescheiden bijdrage meent SWL nu het recht te hebben om te mogen bepalen wie er wel of niet gebruik mogen maken van die overloopparkeervoorziening?

De overloopcapaciteit die SWL nodig heeft is nog steeds ruim onvoldoende. Regelmatig komt het voor dat de gewone bezoekers van het REZ nergens kunnen parkeren omdat alle beschikbare plekken zijn ingenomen door bezoekers van SWL.

Jammer dat de Enkhuizer Krant aan bovengenoemde achtergronden nooit aandacht wil besteden.

 

juni 24, 2017 Posted by | Recreatieoord, Sinterklaaspolitiek, SWL | Plaats een reactie

Verkiezingen

stemmenNog minder dan een jaar en dan zijn er weer verkiezingen en dat is duidelijk te merken. HEA heeft inmiddels een website ingericht en is druk aan het experimenteren met teksten en foto’s. Daarnaast wordt er door HEA ook nog uitbundig getwitterd.

De link naar nieuwsberichten van Hea staan al geruime tijd op Prietpraat, zodat er nog maar drie fracties zijn waarvan de nieuwsberichten ontbreken.

Lijst van der Pijll ontbreekt, omdat die geen website heeft  waarop hij nieuwsberichten plaatst. Lijst Quasten ontbreekt niet, maar ze gebruikt haar site niet meer en zet haar opvattingen op Facebook.

En dan is er de VVD. De lokale site is inmiddels weer opgeheven en vervangen door een regionale site. Ik heb geprobeerd om de nieuwsberichten van die site over te nemen maar een dergelijke “feed” lijkt afwezig.

Als U wilt weten wat de regionale VVD zo allemaal uitspookt moet U hun site bezoeken via deze link. https://westfriesland.vvd.nl/ Ik heb verder geen zin meer om uit te zoeken of ze überhaupt een nieuwsfeed hebben en hoe ik die kan overnemen. Er zijn grenzen aan de inspanningen die ik we wil getroosten om het gedachtengoed van de VVD verder te verspreiden. Als ze daar prijs op stellen moeten ze maar even uitleggen hoe dat moet.

De praktijk leert dat ze voor de verkiezingen even actief worden, om zich (onmiddellijk na de verkiezingen) weer in stilzwijgen te hullen.

Dat geldt ook een beetje voor het CDA. Nadat ze 3 jaar lang geen enkel nieuws naar buiten hebben gebracht (met uitzondering van wie er kwam en wie er wegging) willen ze nu opeens van de kiezer weten of die misschien regels weet die overbodig zouden kunnen zijn.

Volgens mij is het niet eens een lokaal initiatief, maar een landelijke website waar je “overbodige” regels kunt aanmelden. Waarschijnlijk hoor je daar dan verder niets meer over, maar krijg je via het e-mail adres (dat je ongetwijfeld moet achterlaten) bij de aanstaande verkiezingen allerhande propaganda materiaal toegestuurd.

Lokaal zal er ook deze keer weer een verkiezingskrant komen, maar waarom eigenlijk geen verkiezingswebsite? Waarop elke partij toegang heeft en mag publiceren wat hij wil en waar lezers mogen reageren op hetgeen er wordt voorgesteld.

Dus, niet alleen “wij vertellen U wel even hoe het zit”, maar de mogelijkheid van dialoog tussen kiezer en gekozene scheppen.

Of maak je het daarmee te makkelijk voor de kiezer om een keuze te bepalen?

juni 22, 2017 Posted by | Verkiezingen | Plaats een reactie