Aanvraag vergunning camping

Volgens het gemeenteblad is er op 25 maart een ontheffing gevraagd voor het realiseren van een camping op de locatie Immerhornweg 15.

Ontheffing van wat? Een groot deel van de infrastructuur (water, riolering, elektra) is al aangelegd. Caravans die van de oude naar de nieuwe camping wilden verhuizen staan op hun nieuwe plek en men is al begonnen met het aanleggen van beplanting.

Allemaal werk dat al is uitgevoerd, zonder dat de uitvoerder (Orez BV) beschikte over een ontheffing om het te mogen uitvoeren. Een en ander volgens het “voldongen feit” principe.

Uiteraard heb ik gevraagd om een toelichting op de aanvraag voor een ontheffing, maar de ambtenaar in kwestie was afwezig. 

De vraag is dus, waar wil men van ontheven worden?

Volgens mij van het provinciale voorschrift, dat er aan de voet van de dijk een 200 meter brede onbebouwde zone moet blijven.

Of, ontheffing van het gegeven, dat de gemeente (zonder voorafgaande toestemming van de provincie) geen wijzigingen mag aanbrengen in provinciale monumenten.

Je kunt (als B&W) zo’n ontheffing natuurlijk achteraf verlenen, maar als daarover niet vooraf overeenstemming is bereikt met de provincie, zou het zo maar kunnen, dat die dwars gaat liggen.

Maar niet alleen de provincie, maar ook anderen kunnen bezwaar maken tegen het verlenen van een ontheffing door B&W.

Maar dat kan pas, nadat er door B&W een besluit is genomen. Het wachten is dus op een door B&W genomen besluit.

Ontheffing

Nabeschouwing.

Het door Droomparken georganiseerde participatietraject is inmiddels afgerond. Wat volgt is een rapportage die aan de gemeente zal worden aangeboden.

Ik heb de organisatoren mijn nabeschouwing toegestuurd. Het wachten lijkt me nu op wat de gemeente bij de provincie weet te bereiken voor wat betreft de “aanwijzing.” Ik ga er van uit, dat als ze wordt ingetrokken, de gewijzigde plannen aan een bezwaarprocedure zullen worden onderworpen.

Hieronder mijn nabeschouwing.

Wetende welke bezwaren er zijn ingebracht tegen de realisatie van het recreatiepark had ik voor mijzelf een tweetal uitgangspunten geformuleerd voor mijn deelname aan het participatieproces.

  • Ten eerste mocht het recreatiepark geen bedreiging inhouden voor de toekomstige bedrijfsvoering van het ZZM.
  • Ten tweede zie ik, op de lange termijn, een parkeervoorziening voor het ZZM op het recreatieoord van een existentieel belang voor het museum.

Daar geen rekening mee houden, zoals in de contractonderhandelingen tussen gemeente en Orez is gebeurd, kan (naar mijn mening) alleen maar tot verdere vertraging en frustratie leiden.

Beide voorwaarden maken dat een recreatiepark (met een omvang zoals die is overeengekomen tussen gemeente en Orez bv) wat mij betreft ongewenst is. Ik heb in dat verband een vergelijking gemaakt tussen Bloemenbuurt en Snouck van Loosenpark in Enkhuizen..

In de Bloemenbuurt ligt de nadruk bij het ontwerp op het realiseren van zoveel mogelijk woningen op de beschikbare hoeveelheid grond. Voor het Snouck van Loosenpark gold als uitgangspunt, het realiseren van een kwalitatief hoogwaardige woonomgeving.

Het is van tweeën één. Ofwel Droomparken gaat (uit economische overwegingen) voor zoveel mogelijk woningen in het gebied, ofwel men gaat voor minder woningen, met als resultaat een kwalitatief hoogwaardige (recreatieve) woonomgeving.

Naar mijn overtuiging “verdient” Enkhuizen het laatste, ook al zal de plaatselijke middenstand (en Droomparken) daar (uit economische overwegingen) anders over denken.

Uit de toelichting begrijp ik, dat door het nieuwe traject van de Kooizandweg het aantal dwarsparkeermogelijkheden langs die weg zal worden ingeperkt. (Eikenlaantje). Niet verstandig gezien de parkeerbehoefte voor SWL op topdagen. Die is het viervoudige van wat tot dusver door RHO is berekend in de mobiliteitsnota.

Tot slot de indeling en opwaardering van de openbare ruimte op basis van het Sinterklaasprincipe. Dat wil zeggen allemaal leuke suggesties mogen doen zonder rekening te hoeven houden met de kosten en het beschikbare budget van Sinterklaas, of in dit geval Droomparken.

Had wat mij betreft achterwege kunnen blijven zolang gemeente en Droomparken zwijgen over het budget dat is uitgetrokken voor het realiseren en inrichten van die openbare voorzieningen.

Dat alles neemt niet weg dat ik met plezier heb deelgenomen aan het participatieproces en mijn waardering wens uit te spreken voor de doortastende wijze waarop het werd georganiseerd.

Neerduimers.

Mijn vorige bericht betrof een uitnodiging om deel te nemen aan het participatieproces om tot een nieuw plan te komen voor het vakantiepark.

Een participatieproces zoals dat (in opdracht van college en raad) georganiseerd wordt door de toekomstige exploitant van het park, Droomparken.

Mijn aanbeveling tot deelname werd begroet met 10 neerwaartse duimpjes. Omdat door niemand een schriftelijke reactie werd gegeven, tast ik in het duister voor wat betreft de bron van deze negatieve reacties.

Vloeien ze voort uit dezelfde opvatting, die de raad deed besluiten om vooral geen kennis te nemen van de standpunten van het Zuiderzee museum? Ik heb geen idee. Misschien is het daarom nuttig toch een aantal zaken op een rijtje te zetten.

Raad en college zijn tot de conclusie gekomen dat Enkhuizen een op het recreatieoord te bouwen vakantiedorp nodig heeft. Het besluit daartoe is genomen en wie de democratie een goed hart toedraagt kan niet anders dan het besluit respecteren.

De voor het plan benodigde grond is inmiddels verkocht, alleen het plan zelf, (waar het college met de vorige eigenaar van Orez bv bijna 3 jaar aan heeft gewerkt) heeft het college in het vuilnisvat gekieperd. Waarmee tevens de ambtelijke ondersteuning (ter waarde van bijna 4 ton) als weggegooid moet worden beschouwd.

Er moest dus een nieuw plan komen. De nieuwe eigenaar van Orez (Droomparken) heeft aangeboden (is verzocht?) een nieuw plan te maken, met als aanvullende eis, dat daar de inwoners van Enkhuizen bij betrokken moesten worden.

Droomparken heeft aan die (door raad en college) gestelde voorwaarde voldaan door een drietal informatiebijeenkomsten te beleggen, die voorafgingen aan de eigenlijke  participatiebijeenkomsten, waarvan er inmiddels twee zijn geweest.

De eis, dat de inwoners van Enkhuizen betrokken moesten worden bij het ontwerpen van het nieuwe plan is opmerkelijk, omdat het college bij het maken van HUN eerdere plan er alles aan had gedaan om de raad buiten de plannenmakerij te houden. Laat staan dat de inwoners er bij werden betrokken.

Maar goed, waarom vinden 10 lezers van mijn blog het ongepast, als ik ze uitnodig om aanwezig te zijn bij de participatiebijeenkomsten, is de vraag die me bezig houdt.

Die afkeer gold in ieder geval niet voor commissielid van Gangelen (EV!) en raadslid Jans (HEA), die dit keer hadden besloten om wel aanwezig te zijn.

Terwijl ook de pas aangestelde gemeentelijk supervisor de bijeenkomst bijwoonde en ter afsluiting zelfs een soort van dankwoord uitsprak.

Dus neerduimers maak ons alstublieft deelgenoot van uw bezwaren, zodat we er over kunnen nadenken.

Participeren.

Morgen kunnen we weer deelnemen aan het door Droomparken georganiseerde participatieproces voor wat betreft het nieuwe recreatiepark.

Het programma is enigszins aangepast en ziet er nu als volgt uit.

  • Terugkoppeling groen/natuur/uitstraling: 10.00 – 11.30 uur
  • Lunch: 11.30 – 12.00 uur 
  • Sessie en workshop openbare ruimte: 12.00 – 13.30 uur 
Wel zo netjes als je Jasper Benus, dagvoorzitter, een mailtje stuurt  dat je komt en voor welk deel van het programma. Mailen naar,   jbenus@dietz.nl
Zie reacties, voor het verslag/memo over de eerste bijeenkomst.

Blasé en verwend.

Gisteren vergaderde de raad. Vandaag voor de zekerheid nog even teruggeluisterd of er op- of aanmerkingen waren gemaakt over agendapunt 17. De “verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning”, door mij de “doofpot verordening” genoemd.

Alleen van Galen (CDA) vroeg zich af, waarom men nog steeds verslag moest doen over de besteding van de onkostenvergoeding voor fracties, maar volgens de griffier was dat bepaald in de gemeentewet.

Maar over de “doofpot verordening” verder geen woord en zo worden democratische normen en waarden geleidelijk aan vervangen door ambtelijke voorschriften.

Voorschriften, die weliswaar op democratische wijze tot stand zijn gekomen, maar ook veel dictators zijn, met behulp van democratische procedures aan de macht gekomen.

Veel mensen schijnen te denken dat democratie de natuurlijke staat der dingen is, maar niets is minder waar. Het wemelt van de “autoritair geleide” bedrijven en staten. Die soms uiterst succesvol kunnen zijn. Denk aan de Chinese Volksrepubliek.

Dat neemt niet weg, dat er wat mij betreft best een beweging op gang mag komen, die zich inzet voor het bewaken van onze democratische normen en waarden. Zo iets als een, “Vrienden Van De Democratie”.

Maar ik denk, dat we inmiddels zo blasé en verwend zijn geraakt, dat we zelfs het lid worden van een Facebook groep te veel moeite vinden.

Samenwerken

Dus de lokale partijen gaan samenwerken, hetgeen tot uitdrukking zal worden gebracht door in de toekomst vaker gezamenlijke moties te gaan indienen.

Om samen één partij te vormen is het nog te vroeg. Hetzelfde geldt ook voor het samen formuleren van één bepaalde doelstelling.

Ook geen plan voor het gezamenlijk uitgeven van een blog, (waarin de ingenomen standpunten worden verduidelijkt en met behulp waarvan je een discussie op gang zou kunnen brengen) wordt nog niet overwogen.

Het blijft dus een beetje steken op het samen indienen van moties. Volgens mij probeert iedere partij, die overweegt een motie in te dienen, daar vooraf zo veel mogelijk steun voor te krijgen door andere partijen te laten mee ondertekenen.

Het gezamenlijk indienen van moties zie ik dan ook niet als een krachtig signaal, dat de betrokken partijen vanaf nu echt gaan samenwerken. Daarvoor is het toch echt nodig, dat de partijen een gezamenlijke doelstelling formuleren.

En daar ontbreekt het volgens mij nog steeds aan.

Tussenpersonen.

Wat me is opgevallen, is niet alleen de prijs waartegen de gemeente Enkhuizen haar grond verkoopt, maar ook het type tussenpersonen dat ze daarbij gebruikt.

Zowel bij de ontwikkeling van de Oksel als het REZ was het streven er op gericht om de rechten en plichten onder te brengen in een aparte rechtspersoon (BV) om vervolgens die BV (en de daar in besloten rechten en plichten) te verkopen aan een “‘echte” ontwikkelaar.

Er zullen redenen zijn waarom de gemeente van deze tussenstap gebruik wil maken, alleen heeft niemand me de redenen voor die tussenstap kunnen uitleggen.

Bij het project Oksel werd de grond voor een habbekrats verkocht aan Krabberzand BV. Aandelen van die BV waren (naar verluid in) handen van welgestelde inwoners van Enkhuizen. De bedoeling was, dat de BV een plan zou laten maken voor een Welness center en/of appartementen hotel.

Om vervolgens de BV (als eigenaar van het plan en de grond) te verkopen aan een investeerder. Dit alles vanuit de overtuiging, dat alleen particulier initiatief in staat was Enkhuizen op te stuwen in de vaart der volkeren en dat de rol van de gemeente beperkt moest blijven tot het voor een habbekrats verkopen van de benodigde grond.

Strak plan, dat helaas niet heeft gewerkt, omdat Krabberszand BV er nooit in is geslaagd  om een investeerder te vinden.

Een soortgelijke werkwijze werd gevolgd voor het REZ. De voor het plan benodigde grond werd voor een habbekrats verkocht aan Orez BV. Wederzijdse verplichtingen werden vastgelegd in overeenkomst tussen gemeente en Orez BV. Het wachten was nu op een koper van de BV.

Wat de eigenaren van Krabberszand BV niet was gelukt, lukte de eigenaren van Orez BV wel, ze wisten plan en grond te verkopen aan een investeerder/exploitant. Droomparken.

Tegen welke prijs is natuurlijk niet bekend, maar we kunnen een schatting maken. Reeds gemaakte ontwikkelingskosten plus een bescheiden winst voor de eigenaars van Orez.

Als de eigenaars genoegen nemen met een half miljoen de man en de reeds gemaakte en nog te maken kosten 2 miljoen zijn, dan bedraagt de investering voor Droomparken zo’n 4 miljoen euro.

Prima investering natuurlijk. Het plan en de daarbij behorende grond geeft uitzicht op zo’n 20 miljoen omzet alleen aan grondverkoop. (200 kavels voor € 100.000,- per stuk). Daar en boven de winst op de verkoop van 200 recreatiewoningen en de toekomstige huuropbrengsten.

Jammer, dat het door Droomparken aangekochte plan niet kon worden uitgevoerd, maar tegenover de lagere opbrengst uit de verkoop van kavels, staan ook geringere kosten voor het bouwrijp maken van die kavels. Zodat het verlies aan opbrengst binnen de perken blijft.

Dingen worden pas problematisch als er, vanwege de eisen van de provincie, genoegen moet worden genomen met 100 in plaats van de 200 kavels, die je met de gemeente bent overeengekomen.

De klemmende vraag wordt dan, als de gemeente niet in staat is het aantal kavels te leveren dat ze met Orez is overeengekomen, hoe kan je (als gemeente) dan van Orez verlangen dat zij haar belofte om een strand aan te leggen, wel zal nakomen.

Bovendien welk machtsmiddel kun je als gemeente gebruiken t.o.v. een B.V. met een eigen vermogen van € 200,- en een schuld van minimaal een paar miljoen.

Kortom, waarom doet de gemeente, wanneer ze van plan is om grond te verkopen, liever zaken met een tussenpersoon, dan met de toekomstige eigenaar van de grond?

In ieder geval niet om een betere verkoopprijs te krijgen. Zowel bij de Oksel als het REZ bleef de grondprijs ver beneden verwachting. Dus wat is de reden?

Het is een vraag die de toezichthouder (gemeenteraad) zou moeten stellen, maar die neemt dinsdag een verordening aan, die het niet alleen moeilijk maakt om de vraag te stellen, maar het vrijwel onmogelijk maakt om de juistheid van het gegeven antwoord (met behulp van documenten) te controleren.