Pim's Prietpraat

Bemoeienissen van een voormalig buitenstaander

Schnabbels

adviseurs

adviesje uitbrengen?

Stiekem hoop je er natuurlijk op, dat er tenminste één raadslid is, dat zichzelf afvraagt “waarom vergaderen we in hemelsnaam in beslotenheid over wat nu eigenlijk een raadsbreed programma is”,  maar tegelijkertijd weet je dat onze volksvertegenwoordigers nooit over dat soort fundamentele dingen nadenken.

Eenmaal gekozen wordt ze ingeprent, dat ze met niets of niemand rekening hoeven te houden, behalve met het college en de ambtelijke organisatie.

Dus als iemand roept dat een vergadering besloten is, dan denkt niemand “in ons verkiezingsprogramma waren we toch voorstander van grotere betrokkenheid van de burger en meer transparantie, waarom doen we dan nu precies het tegenover gestelde?”

Aan de andere kant begrijp ik ook wel dat beslotenheid ook zijn voordelen heeft.

Het is natuurlijk ontzettend pijnlijk als je, twee maanden na de verkiezingen, nog steeds geen flauw benul hebt op wat voor manier je een stadsbestuur moet samenstellen.

Op de oude vertrouwde manier of op een geheel nieuwe manier, waarvan eigenlijk niemand (tot vorige week dinsdagavond) begreep wat dat nu precies inhield. De enigen die daar wat meer over schenen te weten waren de burgermoeder en de griffier.

Aan hen derhalve de taak om de leden van de raad (in besloten kring) te onderwijzen in de beginselen van de nieuwe aanpak.

Uiteindelijk zal het er wel op neerkomen,  dat een van de twee (mijn geld is op de burgemeester) een vriendje heeft die bereid is om (voor een paar ruggen) een adviesje uit te brengen, zodat de raad weer weet hoe het verder moet.

Leuk toch, normaliter neemt de raad zijn besluiten in het openbaar en na een openbare discussie, maar als het eigen belang er mee wordt gediend, dan moeten de besluiten daarover het liefst binnenskamers genomen worden.

Ook opvallend, men neemt zonder aarzelen en zonder enige consultatie besluiten over zaken waar miljoenen mee zijn gemoeid, alleen als het gaat over hoe te besturen en hoe met elkaar samen te werken, dan moet er een schnabbelaar ingeschakeld worden die adviezen over het te nemen besluit moet influisteren.

Enfin, ik verwacht een dezer dagen een juichend persbericht, waaruit blijkt dat de neuzen in dezelfde richting staan en de oplossing nabij is.

Advertenties

mei 16, 2018 Posted by | Beslommeringen, Bestuurscultuur, Bovenbaas | Plaats een reactie

Passend afscheidslied

baas

Vanavond ambteloos burger

Volgens vertrekkend burgemeester Baas bestaat er dus een “gevaarlijke” lobby voor het Zuiderzeemuseum die er voor pleit dat aan het museum grond ter beschikking wordt gesteld  om daar parkeerruimte te realiseren en tevens een nieuwe toegang tot het museum te creëren.

Uiteraard reageert het museum daarop in de Enkhuizer krant van gisteren. Men concludeert dat Baas een verkeerde voorstelling van zaken geeft.

Het wat en waarom wordt overigens uitgelegd onder het kopje parkeren, varen, feiten  op de website van het ZZM. In het kort komt het er op neer dat de hedendaagse bezoeker een andere is dan die van 30 jaar terug en dat men daar de bedrijfsvoering op wil aanpassen. Lijkt me niet onverstandig van de museumdirectie, maar Baas, ongetwijfeld verblind door zijn succes bij het SED, denkt het beleid van de museumdirectie te kunnen verbeteren en weigerde tot dusver elke vorm van medewerking.

Klein beetje arrogant vind ik zelf. In plaats van naar een compromis te zoeken gaat hij voor een partijtje armpje drukken met het ZZM. Dat mag hij (als burgemeester) natuurlijk zelf bepalen, maar ik denk niet dat hij dat partijtje gaat winnen.

Waar het uiteindelijk op neer zal komen is een afweging van belangen van een internationaal gerenommeerd museum en de belangen van een college dat na 8 jaar wikken en wegen er in is geslaagd een project voor de bouw van tweede huisjes van de grond te tillen, zonder daarbij rekening te houden met de belangen van dat museum.

Te gek voor woorden natuurlijk, maar ik denk te weten waar de schoen wringt.

Het vorige college heeft er alles aan gedaan om er voor te zorgen dat de taak van de raad beperkt zou blijven tot het stellen van kaders waar binnen de projectontwikkelaar zijn werk moest doen. Dat, zo zal men gedacht hebben, bespaarde een hoop gezeur.

Bleef de ontwikkelaar binnen de gestelde kaders (te beoordelen door een door het college benoemde commissie waarvan ik de samenstelling niet heb kunnen achterhalen) dan zou het college (zonder verdere ruggespraak met de raad) bindende overeenkomsten kunnen aangaan met de ontwikkelaar.

Inmiddels heeft de beoordelingscommissie besloten dat de ontwikkelaar binnen de gestelde kaders is gebleven en heeft het college daarop besloten om met OREZ BV in zee te gaan. Wat op dit moment de precieze stand van zaken is weet ik niet, maar het is ook niet mijn taak om dat te weten.

Dat is de taak van de gemeenteraad, maar die heeft zich inmiddels buitenspel laten zetten. Ze komt pas weer aan het woord als er ingestemd moet worden met de wijziging van het bestemmingsplan. Tot dat moment tast men min of meer in het duister over de voortgang der dingen.

Mijn vermoeden is, dat het college inmiddels tot het besef is gekomen dat men bij het stellen van de kaders heeft nagelaten rekening te houden met de wensen en belangen van het ZZM, waardoor de ontwikkelaar er (bij het uitwerken van zijn plannen) ook geen rekening mee heeft gehouden.

Doorgaan op de ingeslagen weg resulteert ongetwijfeld in een procedure met het ZZM die makkelijk 5 jaar kan voortduren en waarschijnlijk de doodsteek van het project zal zijn.

Afwijken van de gestelde kaders betekent waarschijnlijk dat de gehele tender-procedure opnieuw moet worden overgedaan. Wordt daarin de bestaande ontwikkelaar niet de winnaar dan is de kans groot dat die gecompenseerd wil worden voor reeds verrichtte werkzaamheden.

Dat alles had voorkomen kunnen worden als men bij het stellen van de kaders ook rekening had gehouden met de wensen van het ZZM. Maar omdat de gemeente dat heeft nagelaten ligt er nu een plan dat er weliswaar prima uitziet, maar dat de toekomstige bedrijfsvoering van het ZZM onnodig bemoeilijkt. Zodat het ZZM niet anders kan dan bezwaar maken tegen het voorliggende plan.

De zoveelste flater in dit dossier. Maar omdat de gemeente (in haar eigen ogen) altijd alles goed doet, moet er een schuldige gezocht worden die verantwoordelijk kan worden gesteld voor het mislukken van het zoveelste plan.

En dus voert Baas tot dusver onbekende, maar “gevaarlijke” lobbyisten ten tonele. Hij noemt geen namen, dus weten we niet wie hij bedoelt.

Hij deed zijn oproep rechtstreeks aan de inwoners van Enkhuizen, maar ik vrees dat die niet zo makkelijk te mobiliseren zijn. Enfin, na vandaag is hij ambteloos burger wat dus gevierd kan worden met een passend afscheidslied.

januari 9, 2018 Posted by | Bovenbaas, Klungelen, Recreatieoord | 6 reacties

Raddraaierij

cosa-nostraDonderdagavond de burgemeester ook nog kort gesproken. Hij liet zich nogal laatdunkend uit over mijn blog en de onderwerpen die ik daarop behandelde. Hij vond me een uitermate negatief persoon.

Altijd verhelderend, als men uiteindelijk datgene (waarvan je weet dat ze het al tijden achter je rug rondbazuinen) nu eens recht in je gezicht durft te zeggen.

Wat Baas vooral dwars zat was, dat ik de werkwijze van de gemeente met die van de maffia had vergeleken. Volgens Baas is het namelijk volstrekt normaal, dat ambtenaren de afspraken die ze namens de gemeente maken over uit te voeren werkzaamheden en betalingen niet schriftelijk vastleggen voor hun superieuren. Maar dat zij daarover alleen mondeling verslag uitbrengen.

Ik heb die werkwijze inderdaad vergeleken met die van de maffia, die ook het liefst zo min mogelijk op papier zet.

Dat Baas dat een negatieve vergelijking vindt begrijp ik, maar ik kan hem alleen maar maken, omdat de gemeente tot dusver alleen maar dingen beweert, zonder dat zij in staat is haar beweringen (met welke documenten dan ook) te onderbouwen.

Is het ontbreken van een factuur, waarin de uitgevoerde werkzaamheden worden verantwoord inderdaad de normaalste zaak van de wereld? Volgens het college wel, volgens mij niet.

En zo kan het, dat de kosten van  de (voor de gemeente verrichte) werkzaamheden binnen een jaar dalen van € 100.000,- naar € 20.000,-, zonder dat er enig document bestaat (email, gespreksnotitie) met behulp waarvan die spectaculaire daling kan worden verklaard. Het ene ogenblik schrijft de verantwoordelijke ambtenaar dat de kosten € 100.000,- zijn, het jaar daarop stelt hij vast dat ze gedaald zijn naar € 20.000,-.

En dat op basis van alleen maar telefonisch overleg tussen aannemer en ambtenaar.

Wat wel mocht worden ingezien waren wat e-mails waarin men elkaar een prettige vakantie toewenste, maar geen woord over de spectaculaire prijsdaling. Verder een  bevestiging van de aannemer dat wat de ambtenaar in zijn raadsvoorstel had opgeschreven een correcte weergave was van hetgeen er tussen hen was besproken.

[Sinds wanneer legt een college haar raadsvoorstellen voor aan buitenstaanders met het verzoek de inhoud er van goed te keuren?]

Die goedkeuring betrof dus de berekening van de kosten van verzwaring: € 20.000,- ; en de betaling die aan de aannemer diende te worden verricht: € 60.000,- . Waarom € 40.000,- meer betaald moest worden dan de kosten van verzwaring rechtvaardigden viel nergens uit op te maken.

Afgelopen maand kwam het onderwerp weer ter sprake. Nu heette het dat de aannemer zijn kostprijs voor de uitgevoerde werkzaamheden opnieuw had verlaagd. Ditmaal met  € 20.000,- (naar € 40.000,-).

Tegelijkertijd was het totaal aan hem verschuldigde bedrag in een jaar tijd gestegen van € 60.000,- naar € 75.000,-.

En wederom had geen enkele fractie er behoefte aan om opheldering te vragen over de over tafel gaande bedragen.

Hoewel de door de gemeente gekozen werkwijze verdacht veel lijkt op die van de maffia wil dat niet zeggen dat ik haar van maffiapraktijken verdenk. Veel eerder denk ik dat dit college (en alle voorafgaande college’s) bestond uit raddraaiers. Lieden die er niet voor terugdeinzen om de raad (en daarmee de bevolking die zij vertegenwoordigt) een rad voor de ogen te draaien als haar dat beter uitkomt.

Dank zij het vertrek van opper raddraaier Baas, is de kans alleen maar groter geworden dat aan de (onder zijn leiding al jaren durende) raddraaierij snel een einde kan worden gemaakt. Daarin is deze keer een cruciale rol weggelegd voor de kiezer .

januari 6, 2018 Posted by | Bovenbaas, Geldsmijten, Recreatieoord | 1 reactie

Afscheid

baas

Iewiewaaiweg

De geluidskwaliteit in de Westerkerk gisteravond was zo abominabel dat ik het niet zelf heb gehoord, maar dank zij het verslag in de krant van vandaag weet ik, dat Baas bij zijn afscheid de Enkhuizer bevolking heeft gewaarschuwd voor een “gevaarlijke” lobby van het Zuiderzeemuseum.

Alleen al deze woordkeus vormt de bevestiging dat onze brave burgervader een wijs besluit heeft genomen en het bijltje er bij neerlegt. Er is, door zijn toedoen, inmiddels meer dan voldoende schade  aangericht. Op zijn voorspraak werd met De Nijs in zee gegaan voor de ontwikkeling van een SMC in de Vijzelstraat, met als voorlopig resultaat dat daar 8 jaar lang niets is gebeurd.

En wie herinnert zich niet het megalomane plan om halverwege Andijk de Floriade te willen organiseren? Geweldig idee natuurlijk, met als enig nadeel dat de miljoenen te verwachten bezoekers via de Piet Smitstraat hun eindbestemming moesten zien te bereiken.

En wat te denken van het SED, waarbij Baas als lid van het dagelijks bestuur een besparing in het eerste jaar van € 1,4 miljoen voorspiegelde. Niet alleen werd die nooit gehaald, twee jaar later werd het zelfs duidelijk dat de organisatie dusdanig rammelde dat er 13,5 miljoen bij moest. Waarbij Enkhuizen, als kleinste gemeente, geacht wordt het meeste bij te dragen.

Zoiets valt niet eens meer in de categorie “de plank misslaan”. Dat is (in wielerterminologie) de buitencategorie en kan omschreven worden als “elk contact met de werkelijkheid verloren te hebben.”

Het was niet voor niets, dat de raad hem de portefeuille personeel en organisatie ontnomen heeft en in handen gegeven heeft van nieuwkomer Struijlaart. Kennelijk vond men dat de belangen van Enkhuizen (in het SED) beter behartigd konden worden door iemand waar men verder nauwelijks iets van afwist, dan door iemand die al 13 jaar hun burgemeester was.

Tegen die achtergrond ben ik niet geneigd om de waarschuwing van Baas serieus te nemen.

Dat het ZZM opkomt voor haar eigen belangen is haar goed recht. De onderneming is een visitekaartje voor Enkhuizen. Een gemeentebestuur dat weigert rekening te houden met de belangen van haar kroonjuweel, dient wat mij betreft te vertrekken.

Gelukkig hoeven we daar niet al te lang op te wachten. Op 21 maart kunnen we daar een bescheiden bijdrage aan leveren. De bewering van Baas dat het ZZM de realisatie van het vakantiedorp probeert te verhinderen is pure stemmingmakerij. Het ZZM wenst slechts dat rekening wordt gehouden met haar wens om een nieuwe hoofdingang en de bijbehorende parkeerruimte te creëren.

Waar de gemeente een half miljoen investeerde om het aanleggen van een parkeerterrein van SWL mogelijk te maken, weigert men nu elke medewerking aan het ZZM en kwalificeert men het streven van die onderneming (om haar belangen veilig te stellen) als een gevaarlijke lobby.

Onzin, de gemeente heeft 8 jaar gedaan over het ontwikkelen van een plan voor het recreatieoord en dat plan heeft een opvallend gebrek, omdat het geen rekening houdt met de belangen van het ZZM. De kans dat dit plan in zijn huidige vorm kan worden uitgevoerd acht ik dan ook bijzonder klein en dat maakt het waarschijnlijk dat er een nieuw plan gemaakt moet worden. Eén waarin een vakantiedorp zodanig is ingetekend dat er wel rekening wordt gehouden met de belangen van het ZZM.

Dat kan, maar het maken van een nieuw plan kost geld. Dat is niet de schuld van het ZZM, maar het gevolg van de zoveelste flater van het gemeentebestuur. Denk aan het SMC, denk aan de Drom en in dat rijtje komst straks ook het REZ te staan. En omdat Baas nu al weet, dat ook dit plan weer als een nachtkaars zal uitgaan (zoals de meeste van zijn plannen) probeert hij in een laatste krampachtige poging de schuld daarvoor in de schoenen van het ZZM te schuiven. Had hij beter niet kunnen doen.

Misschien dat hij daarmee nog indruk weet te maken op de huidige raad, maar op 21 maart kiezen we een nieuwe en die denkt daar hopelijk heel anders over.

 

januari 5, 2018 Posted by | Bovenbaas, Recreatieoord, SED, Verkiezingen | 6 reacties

Raddraaiers.

baas

Van raddraaier tot puinruimer

Ik heb mijn eigen definitie voor het begrip raddraaier. Lieden die andere mensen een rad voor ogen proberen te draaien. Een synoniem voor politicus eigenlijk.  Een tweetal  in het oog springende voorbeelden in de Enkhuizer politiek waren Boland en Olierook.

Beiden probeerden de Enkhuizer raad een rad voor de ogen te draaien voor wat betreft de kosten van de verbouwing van de Drommedaris. Beiden werden gedwongen om de aftocht te blazen. Vandaag las ik in de krant dat de enig overgebleven raddraaier, burgemeester Baas, besloten heeft om hetzelfde te doen. Op 2 januari aanstaande zal hij zijn vertrokken. Om de weg vrij te maken voor zijn opvolger.

Als die nu al bekend is, dan is zijn vertrek niet als donderslag bij heldere hemel gekomen.

In het geruchtencircuit circuleert de opvatting dat zware druk op Baas is uitgeoefend. Zelf houdt hij het op zelfinzicht. Je hoeft echter geen Einstein te heten om te beseffen dat het politieker kaartenhuis, dat onder zijn leiding in stand werd gehouden, op instorten stond.

SMC, dat dank zij zijn interventie toebedeeld werd aan de Nijs, maar tot dusver geen tastbaar  resultaat opleverde. REZ, waar al meer dan een miljoen aan voorbereidingskosten zijn besteed, maar uiteindelijk alleen zal resulteren in een conflict met het ZZM en een kostbare compensatie van  Jan Groen en consorten. Of de Floriade, schoolvoorbeeld  van wensdenken voor gevorderden.

En niet te vergeten de Drommedarisproject, het streven om de lokale zaadindustrie te helpen aan een representatieve ruimte voor bedrijfspresentaties, waarbij Baas optrad als de voorzitter van het comité van aanbeveling. Bij dit project bleek elke vorm van list en bedrog toegestaan.

Maar al deze vormen van raddraaierij brachten de raad van Enkhuizen niet in beweging. Dat gebeurde pas toen een ander kaartenhuis, de SED organisatie, met donderend geraas in elkaar stortte.

Toen pas werd de meerderheid duidelijk dat Baas, in de woorden van mijn favoriete organisatiedeskundige Laurence J. Peter,  zijn incompetentieniveau had bereikt.

Hij is niet de enige. De Enkhuizer bestuurscultuur wordt voor een belangrijk deel vorm gegeven door lieden die eveneens hun incompetentieniveau hebben bereikt en als gevolg daarvan geen zinnige bijdrage kunnen leveren aan het vinden van oplossingen voor de bestuurlijke problemen waar Enkhuizen al jaar en dag mee worstelt.

Ik begrijp dat de mededeling van Baas (en daaropvolgende zalvende woorden van Stolk), in de raadszaal beloond werden met een staande ovatie. Zo hoort dat in de politiek, zij die in het geniep en achter je rug de poten onder je stoel vandaan zagen, laten zich in het openbaar niet kennen en juichen je hartstochtelijk toe.

Baas denkt zelf dat hij op St Maarten nog nuttig werk kan verrichten. Ik durf er geen geld op te zetten zolang ik niet zeker weet of die andere puinruimer, Ivo Opstelten, zich niet voor dezelfde functie kandidaat heeft gesteld.

november 23, 2017 Posted by | Bestuurscultuur, Bovenbaas | 4 reacties

Ongeloofwaardig of onbekwaam.

baas.jpg

ongeloofwaardig of onbekwaam

Overigens komt het apathische gedrag van een ruime meerderheid van de raad niet als een verrassing. Men is er aan gewend geraakt dat er maandelijks een aantal door het college (of ambtelijke organisatie) gesignaleerde problemen (met de bijbehorende oplossing) worden voorgelegd.

Wie zich kan vinden in de probleemstelling kan zich gewoonlijk ook vinden in de aangedragen oplossing, waardoor de overgrote meerderheid van de problemen zonder al te veel inspanningen kan worden “opgelost”.

Alleen problemen die betrekking hebben op de organisatie zelf of een zogenaamd “stokpaardje” van het college vereisen extra attentie omdat zowel probleemstelling als de aangedragen oplossing wel eens willen afwijken van eerder gevoerd “beleid”.

Drom 102

Boland en Slagter vieren feest vanwege de oplevering van de Drom.

Een en ander in een ontspannen sfeer, waarbij het behoud van decorum en prettige omgangsvormen een voorname rol spelen. Initiatieven vanuit de raad zijn toegestaan, maar worden niet aangemoedigd. Ambtenaren nemen gewoonlijk ruimhartig de tijd bij het zoeken naar oplossingen.

Raadsleden laten zich gewoonlijk door politiek gemotiveerde  impulsen leiden. De door hen voorgestelde “verbeteringen“ blijken dat (in de praktijk) zelden te zijn.

Tegen deze achtergrond is het dus begrijpelijk dat de raad niet goed weet wat aan te vangen met problemen die wel herkenbaar zijn, maar niet door het college zijn omschreven en waarvoor dus ook geen panklare oplossing bestaat.

De gebruikelijke gang van zaken is dat men dergelijke problemen gewoon negeert.

Zo ook in dit geval. Het probleem is dat het gedrag van Baas en Slagter zich beweegt tussen ongeloofwaardig en onbekwaam. Zelf proberen ze te bewijzen dat ze onbekwaam zijn. Ik ben van dat bewijs niet onder de indruk en houd er op dat er niets mis is met hun bekwaamheid, maar dat ze niet geloofwaardig zijn.

Het is natuurlijk onwenselijk dat een situatie, waarbij het onduidelijk is of het bestuur van de gemeente ongeloofwaardig dan wel onbekwaam is, al meer dan een jaar voortduurt. Maar helaas, dat is wel het geval. Dat is een tekortkoming van de toezichthouder op het bestuur, de gemeenteraad.

Ogenschijnlijk zit de raad collectief te wachten of een rechter het optreden van het bestuur als ongeloofwaardig kwalificeert.

Het is tekenend voor het armzalige niveau van de raad in haar huidige raadssamenstelling. Want zelfs al neemt de rechter de kwalificatie ongeloofwaardig niet over, dan nog hebben Baas en Slagter slechts bewezen onbekwaam te zijn.

Meer smaken zijn er namelijk niet. Ongeloofwaardig of onbekwaam.

september 9, 2017 Posted by | Bovenbaas, Drommedaris | 1 reactie

Met een kluitje in het riet.

baas

Niks in de gaten

Langer dan een jaar koestert de voltallige raad het kluitje waarmee ze zich ooit het riet in heeft laten sturen. Stilzwijgend en goed verborgen wacht men op de dingen die komen gaan. Misschien wel op het resultaat van de procedure die ik tegen de gemeente heb aangespannen.

Naar ik aanneem, in de stille hoop, dat ik in het ongelijk zal worden gesteld en de rechter mijn opvatting, “dat het college volstrekt ongeloofwaardig is” niet zal delen.

Deze raad heeft (na jarenlange voorbereiding door de griffier) gedragsregels voor zichzelf vastgesteld. Het wachten is op gedragsregels voor burgemeester en wethouders. Daar wordt aan gewerkt door de griffier. Ik heb niet de indruk dat hij er haast achter zet.

Typisch geval van het stellen van verkeerde prioriteiten. Ik heb de afgelopen 8 jaar eigenlijk geen raadslid meegemaakt dat zich aan wangedrag schuldig heeft gemaakt. Uiteraard heb ik gedurende die 8 jaar kritiek uitgeoefend, maar dat betrof geen wangedrag zoals dat in de gedragsregels staat omschreven.

Dat wangedrag heb ik wel geconstateerd ten aanzien van twee wethouders. Boland en Olierook. Boland had het budgetrecht van de raad aan zijn laars gelapt. Olierook had de raad onjuist en onvolledig geïnformeerd.

Beide zijn politieke doodzonden die alleen maar tot ontslag kunnen leiden.

Geen van beide wethouders is ontslagen, ze hebben zoals dat heet, “de eer aan zichzelf gehouden” en hebben zelf (met behoud van wachtgeld) ontslag genomen.

Dit wangedrag van wethouders vond plaats onder voorzitterschap van burgemeester Baas, die er op miraculeuze wijze nooit in geslaagd is dat wangedrag te ontdekken. Wellicht heeft dat iets te maken met het feit, dat beider wangedrag betrekking had op het dossier Verbouwing Drommedaris en burgemeester Baas voorstander was van die verbouwing en zelfs voorzitter was van een comité van aanbeveling.

Gegeven deze historische feiten had de griffier er wellicht beter aan gedaan om zich eerst bezig te houden met de gedragsregels voor burgemeester en wethouders dan die voor leden van de raad.

De belangrijkste reden voor gedragsregels is, te vermijden dat er zelfs maar de schijn van iets (belangenverstrengeling of wangedrag) kan ontstaan. Maar aan het vermijden van de schijn heeft het Enkhuizer college geen enkele boodschap.

Het grijze gebied, waarbij het gaat om het voorkomen van de schijn, bestaat in Enkhuizen alleen voor raadsleden, maar niet voor burgemeester en wethouders. Die mogen doen en laten wat ze willen en als daardoor de schijn (of het vermoeden) van onoorbaar gedrag ontstaat, dan wordt iedereen geacht dat vermoeden voor zich te houden en niet uit te spreken. Tenzij je kunt “bewijzen” dat er daadwerkelijk sprake is van onoorbaar gedrag.

Dat is althans de gebruikelijke opvatting van de meerderheid (coalitie) van de raad, die ook (bij meerderheid van stemmen) mag bepalen of er een bewijs geleverd is van ontoelaatbaar gedrag.

Marcel_Olierook

Schijn tegen

Als Olierook beweert, dat er geen enkel document bestaat waarmee hij het in het raadsvoorstel gestelde kan onderbouwen, dan laadt hij op zijn minst de schijn op zich dat hij niet helemaal de waarheid vertelt.

Als Langbroek en Quasten vervolgens weigeren om (vanwege een gebrek aan informatie) deel te nemen aan de besluitvorming dan worden ze daar op aangevallen door de leider van de coalitie, mevrouw Keesman (SP).

Dan gaat het plotseling niet meer over de vraag of Olierook de schijn tegen heeft, maar dient er onmiddellijk bewijs geleverd worden dat hij een leugenaar is.

Met de kennis van nu kun je stellen dat Olierook niet alleen de schijn tegen had, maar ook dat hij een ordinaire leugenaar was en dat veel van wat hij tijdens de raads- en commissievergadering had beweerd gewoonweg niet waar was.

Het oordeel over de ontbrekende documenten staat echter nog steeds open. De gemeente heeft daar een verklaring voor gegeven. De rechter is gevraagd te beoordelen of die verklaring geloofwaardig is. Die mogelijkheid staat alleen open voor burgers. De raad is autonoom en mag zelf beslissen of ze iets geloofwaardig vindt of niet.

Aangezien de raad een dergelijke beslissing niet heeft genomen, kun je concluderen dat de raad het standpunt van het college niet geheel ongeloofwaardig vindt. Wat ik, op zijn minst, weer heel opmerkelijk vind.

Ik vind de gemeentelijke verklaring niet geloofwaardig, omdat je op basis van de aan mij (maar ook aan de raad) getoonde documenten niet kunt verklaren, hoe de kosten van verzwaring (oorspronkelijk begroot op € 100.000,-) binnen een jaar gedaald kunnen zijn naar € 20.000,-.

Tevens kun je op basis van de getoonde documenten niet vaststellen wie er voor de kosten van de (zogenaamde) gebruikerswensen is opgedraaid. De gemeente of de stichting? Dat zou op basis van de gemaakte afspraken de stichting moeten zijn, maar die weigert dat (om onduidelijke redenen) te bevestigen.

Zoals ook de aannemer weigert antwoord te geven op gestelde vragen (uit angst zich te verspreken) en ze doorspeelt aan de gemeente. Tezamen wekt dit de schijn op, dat er tussen gemeente, aannemer en stichting afspraken zijn gemaakt die het daglicht niet kunnen verdragen.

Maar in plaats van pogingen te ondernemen die schijn weg te nemen houdt de voltallige raad zich al meer dan een jaar schuil in het riet. Zich nog steeds vastklampende aan het kluitje dat ze destijds kreeg aangereikt. Treurig natuurlijk, maar waarschijnlijk kunnen ze niet beter.

augustus 25, 2017 Posted by | Bovenbaas, Drommedaris, Keesman | 3 reacties

Smoes verzinnen.

ivo1Zoals ik in mijn vorige column schreef, trekken burgemeester en griffier als Don Quichotte en helper Sancho ten strijde tegen allerhande vermeende gevaren. Mogelijk om de aandacht af te leiden van de echte gevaren.

Het echte gevaar bestaat er uit dat beiden inmiddels volstrekt ongeloofwaardig zijn geworden. Niet alleen vanwege de beweringen van het college (we beschikken niet over ambtelijke documenten waaruit een kostenverlaging van € 100.000,- naar € 20.000,- kan worden verklaard), maar ook de reactie van de raad (geen enkele) draagt weinig bij aan vertrouwen in het openbaar bestuur.

Als raadslid Emile van Marle tijdens de raadsvergadering (met een stem vol ongeloof) aan wethouder Olierook vraagt, “beweert U nu, dat er helemaal geen documenten zijn?”, ontwijkt Olierook een antwoord op die vraag en zegt, “ik denk dat ik duidelijk genoeg ben geweest”. Wanneer Van Marle (terecht) constateert dat dit geen antwoord op zijn vraag is, neemt burgemeester Baas het woord.

In plaats van Olierook te sommeren Van Marle te antwoorden (hetgeen je van een onpartijdig voorzitter zou mogen verwachten) geeft hij zelf het antwoord op de door van Marle gestelde vraag en bevestigt hij dat er inderdaad geen andere documenten zijn dan die ter inzage zijn gegeven.

Hetzelfde doet hij ook tegen mij. Het dossier dat mij ter inzage is gegeven is vrijwel identiek aan hetgeen de raad heeft mogen inzien. Het bevat uitsluitend documenten die betrekking hebben op de voorgeschiedenis van het conflict en geen enkel document dat een licht werpt op de oplossing die werd bereikt.

Ook tegenover mij beweert de burgemeester dat er geen andere documenten bestaan dan degenen die ter inzage zijn gegeven.

In mijn procedure voor de rechtbank heb ik twee voorbeelden van documenten gegeven die er, gegeven de veronderstelling dat de gemeente er een normale bedrijfsvoering op nahoudt, hadden moeten zijn.

Het zijn zeker niet de enige documenten. Er zijn er veel meer die ontbreken. Een ander voorbeeld is de factuur waarin aan de gemeente in rekening gebrachte kosten worden doorbelast aan de stichting.

De offerte die het college aan de raad heeft voorgelegd bevat een bedrag van € 21.756,- aan gebruikerswensen. Dat wil zeggen wensen van de toekomstige gebruiker (stichting) ten aanzien van de inrichting.

Zoals extra afzuiging in de keuken, extra wandcontacten, telefoon en data installatie, bierleiding in mantelbuis etc etc. Zaken die behoren tot de inrichting van het gebouw waarover met de stichting was overeengekomen dat ze voor rekening van de stichting zouden komen.

Met andere woorden, hoewel het logisch is dat deze kosten vermeld worden op de offerte naar de gemeente (de opdrachtgever), is het ook logisch dat ze door de gemeente worden doorbelast naar de stichting, omdat het kosten zijn die betrekking hebben op de “inrichting” van het gebouw.

Anders gezegd, de gemeente betaalt de aannemer, maar krijgt het daarvoor benodigde bedrag van de stichting.

Dat doorbelasten gebeurt natuurlijk niet alleen mondeling. Daar worden documenten (zoals een factuur) opgemaakt en die hadden zich in het dossier moeten bevinden. Dat was niet het geval. Waarom niet? Omdat daardoor een eerdere bewering over een compromis zou worden onderuitgehaald.

Als we die kosten van gebruikerswensen aftrekken van de offerte, dan resteert er een bedrag (zonder 10% winstopslag) van € 57.000.- . Met winstopslag € 62.700,-. Met andere woorden, het met veel bombarie aangekondigde compromis (waarbij de aannemer zijn aanspraken op € 100.000,- verlaagde naar € 60.000,-) is helemaal geen compromis.  Men heeft een bedrag (dat niets met de verzwaring van doen had) weggelaten uit de nieuwe berekening, waardoor het leek alsof de aannemer zijn prijs had verlaagd.

In werkelijkheid was daar echter geen sprake van.

Dat de raad zich op allerlei manieren voor de gek laat houden (en zich daardoor ook laat vernederen) is een zaak die henzelf aangaat en iets wat ze ook zelf moet oplossen. Dat ze het mij kwalijk nemen als ik daar op wijs is teleurstellend, maar het gedachtegoed van veel raadsleden is nu eenmaal kleingeestiger dan je op voorhand zou aannemen.

Wat mijzelf betreft, ik sta er op dat de Wet Openbaarheid Bestuur door het college op correcte wijze wordt uitgevoerd en toegepast. Ik verbaas me er over dat de raad daar niet net zo over denkt.

Dus heb ik het bestuur van de stichting gevraagd of ze mij willen bevestigen dat de hierboven genoemde “gebruikerswensen” inderdaad aan haar zijn doorbelast, een en ander volgens de tussen gemeente en stichting gesloten overeenkomst. Ik verwacht daarop eerdaags een antwoord.

Naast het indirecte bewijs dat ik tot dusver heb geleverd, vormt dat het directe bewijs dat het op correcte wijze uitvoeren van de wet niet tot de gemeentelijke prioriteiten behoort. En dat lijkt me iets, dat de burgemeester, die er als voorzitter van het college er op toe dient te zien dat wetten worden nageleefd, zich zou moeten aantrekken.

Maar klaarblijkelijk is het tijdperk Opstelten (in Enkhuizen) nog steeds niet afgelopen. Gewoon eisen dat iedereen je moet vertrouwen, omdat je burgemeester bent (of bent geweest). Zoiets heeft in Enkhuizen tot dusver altijd gewerkt, maar ik ben bang dat het niet langer van deze tijd is.

Baas beweert, net als Opstelten indertijd, dat dingen er niet zijn, zonder dat iemand hem daar nog in gelooft. De raad zwijgt, maar dat is, net als bij Opstelten, in hoofdzaak omdat ze geen raad weten met dit soort situaties.

Het lijkt me dat Baas er verstandig aan doet om, net als Opstelten, de eer aan zichzelf te houden.  Hij moet, net als Boland en Olierook in staat geacht worden om een smoes te verzinnen waarmee hij zijn vertrek weet te rechtvaardigen.

augustus 22, 2017 Posted by | Bovenbaas, Drommedaris | 2 reacties

Criminele raadsleden?

Don quichotIn de krant van zaterdag maar liefst twee pagina’s over de crimineel, die aast op politieke invloed. In het bericht wordt de nadruk gelegd op de (tijdens de aanstaande verkiezingen) nieuw te kiezen raadsleden. Aanbevolen werd, om nieuwe kandidaten beter te screenen.

Het probleem wordt ook in Enkhuizen serieus genomen. Op de agenda van de  presidiumvergadering van 19 juli 2017 staat het volgende onderwerp;

  • De griffier zal de besturen van de politieke partijen in Enkhuizen uitnodigen voor een informatieavond in september over integriteitstoetsing voor kandidaat raadsleden; ook de burgemeester zal tijdens deze informatieavond een bijdrage leveren.

Ja hoor, ze bedenken het waar je bijstaat. Er moet weer eens een niet bestaand probleem worden opgelost omdat ze anders niks te doen hebben.

Burgemeester en griffier die als Don Quichot en Sancho Panza ten strijde trekken tegen een vermeend gevaar. Want er is natuurlijk geen doorgewinterde crimineel die tijd en geld gaat besteden aan iemand van wie nog maar moet afgewacht of hij wordt gekozen.

En die, als dat gebeurt, helemaal niets te vertellen heeft en er gewoon zit om de dingen die hem door bestuurders en ambtenaren  worden voorgelegd goed te keuren.

Als je als crimineel invloed wilt uitoefenen dan doe je er veel verstandiger aan om aan te pappen met lieden die wel over enige invloed beschikken.

Zoals de burgemeester, de wethouder of de hoge ambtenaar. Enkhuizen is daarbij een bijzonder vruchtbaar werkterrein.

Daar kun je werkzaamheden begroten op € 100.000,- om ze een jaar later te begroten op € 20.000,- zonder dat een haan er naar kraait.

Zonder dat er ambtelijke stukken beschikbaar zijn waaruit kan worden afgeleid hoe een dergelijke ommekeer zich heeft voltrokken.

Het zou zo maar kunnen dat de twee hoofdpersonen, die toevallig allebei  Jan heten, met elkaar hebben afgesproken, “als jij nu een offerte in elkaar flanst, dan zorg ik er voor dat hij door de raad wordt aangenomen en delen we het verschil”.

“Weet je wat, we proberen het gewoon en als het niet lukt, dan proberen we het nog eens voor een lager bedrag en desnoods een derde keer.”

“Is het dan nog niet gelukt, dan laten we de boel de boel en moet je een verlies nemen van € 10.000,-, maar dat kan bruin wel trekken neem ik aan. En maak je vooral ook geen zorgen om die andere Jan, die de boel zogenaamd in de gaten moet houden.

Dat regel ik wel met hem en die is bovendien veel te druk criminele aspirant-raadsleden de pas af te snijden”.

Voor een dergelijke gang van zaken hebben we een goed Nederlands woord. We noemen het een Janboel.

 

augustus 7, 2017 Posted by | Bovenbaas, Gebakken lucht, Integer, Verkiezingen | 5 reacties

VVDD.

janboel2In de krant van gisteren maakt raadslid Pieter Heijkamp (CU/SGP) zich druk over de verstoorde verhouding tussen college en raad. Met name omdat volgens hem wethouder Olierook niet de kans heeft gekregen zich te verdedigen.

Dat is natuurlijk niet helemaal waar, Olierook koos er zelf voor zich niet te verdedigen. Hij stapte op voordat de motie van wantrouwen was aangenomen. In zijn opvatting is politiek een spel, waarbij hij er kennelijk van uitgaat dat hij het alleenrecht heeft om “vals” te mogen spelen. Dat is lange tijd (ook vanwege de kritiekloze steun van Pieter en zijn coalitiegenoten) goed gegaan. Totdat een meerderheid van de raad besloot om zelf ook maar eens “vals” te spelen en op dubieuze gronden liet weten het vertrouwen in de wethouder te hebben verloren.

De voorganger van Olierook, Boland had ook vals gespeeld in het Dromdossier (door het budgetrecht van de raad te negeren) maar die had de tegenwoordigheid van geest om tijdig zelf op te stappen. Daarbij overigens geholpen door VVD raadslid Stomp, die op merkwaardige gronden zijn steun introk voor de toenmalige coalitie.

Dezelfde Stomp die overal rondbazuint dat hij precies weet hoe de vork in steel zit, maar voor wie het belang van de stichting kennelijk zwaarder weegt dan het belang van de gemeente.

Ik ben het met Pieter eens dat het “vals” spelen van de raad geen pluim verdient, maar aan de andere kant, je kunt natuurlijk maandenlang doen of je neus bloedt en dat er voor wat betreft de afwikkeling van het Dromdossier niets aan de hand is, maar je bent bijzonder naïef als je nog steeds denkt, (wat Pieter kennelijk doet) dat Olierook op dat punt de raad niet heeft misleid.

De raad zou zich misschien eens druk moeten maken over het feit dat vanwege haar struisvogelgedrag nauwelijks nog serieus wordt genomen. Afgelopen week las ik in de krant dat het ZZM haar convenant met de gemeente heeft opgezegd.

Het plan voor vakantiewoningen (in haar bestaande vorm) zal via de rechter worden aangevochten. Als dat plan (onder druk van een rechterlijke uitspraak) aangepast zal moeten worden dan is de kans groot dat ook het hele proces over gedaan moet worden.

In plaats van de schuld daarvoor bij anderen te leggen (in dit geval het ZZM) zou ze er goed aan doen de schuld eens bij zichzelf te zoeken. Hetzelfde geldt voor de procedure die ik voer naar aanleiding van mijn Wob verzoek.

Daarin verdedigt het college het standpunt dat het volstrekt normaal is, dat haar ambtenaren afspraken maken die financiële gevolgen voor de gemeente met zich meebrengen, zonder dat die afspraken formeel worden vastgelegd ten behoeve van de politiek verantwoordelijke wethouder. Een zichzelf respecterende raad zou (op grond van dat feit alleen) de verantwoordelijke wethouder ten minste hebben berispt om herhaling te voorkomen.

De Enkhuizer raad doet niets. Men zit er bij en kijkt er naar. Door het niet vastleggen van dit soort afspraken valt de mogelijkheid tot corruptie niet meer uit te sluiten. Immers, er ontstaat een mogelijkheid dat de ambtenaar in kwestie het op een akkoordje gegooid heeft met de aannemer.

Op basis van een ondeugdelijke “offerte” wordt er geprobeerd de raad er toe te verleiden een krediet van € 100.000,- ter beschikking te stellen. Als dat mislukt, wordt er een tweede poging gedaan voor een bedrag van € 60.000,- en als dat ook mislukt verleent de betrokken ambtenaar hand en spandiensten voor een derde poging.

Voor de goede orde, ik ga er niet van uit dat de vordering van de aannemer het resultaat is van een onderonsje tussen aannemer en ambtenaar waar beiden een voordeeltje aan ontlenen. (Als jij mijn vordering goedkeurt en door de raad loodst, zit er voor jou ook wat aan), maar het valt wegens het ontbreken van gespreksverslagen niet uit te sluiten.

Voorlopig ga ik er nog steeds van uit dat die gespreksverslagen er wel zijn. Maar dan doemt er een nieuw probleem op. In dat geval heeft de gemeente onrechtmatig gehandeld door mij niet de documenten ter inzage te geven waar ik, krachtens de wet, recht op heb.

De primair verantwoordelijke voor de toepassing van de wet is de burgemeester. Die heeft persoonlijk mij er van proberen te overtuigen dat die documenten er niet zijn, dus als ze er naar het oordeel van de rechter wel zouden moeten zijn, dan ontstaat er een bijzonder pijnlijke situatie. De burgemeester mag dan aan de raad uitleggen waarom hij de wet niet heeft uitgevoerd.

Al met al een kleffe bestuurscultuur, waarin men krampachtig probeert om de schandalen (waardoor ze geteisterd wordt) binnenskamers te houden en toe te dekken. Om daar verandering in te brengen is het aanstellen van een zakencollege niet de oplossing, maar is een herstel van vertrouwen tussen kiezers en gekozenen van groter belang.

Niet door middel van klasje voor aspirant raadsleden zoals B&W voorstelt, maar door het oprichten van een vereniging VVDD. Vrienden Van De Democratie. Een vereniging die met behulp van openbare vergaderingen onze volksvertegenwoordigers dwingt om verantwoording af te leggen over het beleid dat ze voeren.  Over wat zo’n vereniging zou kunnen doen een volgende keer.

maart 15, 2017 Posted by | Boland, Bovenbaas, Olierook, Overpeinzingen, Stomp | 4 reacties