Uncle Bertie.

regenten1In mijn laatste column “Bit of a chat” stelde ik aan het einde,  dat de sketch over Dirty Uncle Bertie een perfecte illustratie was van de werkwijze (en mentaliteit) van het Enkhuizer gemeentebestuur. Het is een metafoor, dus eerst even de rolverdeling.

De vader = het college

De zoon = de gemeenteraad

De moeder = de ambtelijke organisatie

Uncle Bertie = buitenstaanders, zoals ikzelf.

De sketch komt pas echt van de grond nadat de vader zijn zoon heeft uitgelegd hoe hij (en ieder ander mens op aarde) is ontstaan. Dat deel is vergelijkbaar met de uitleg die wethouder Olierook gaf over de wijze waarop de verzwaring van het elektra netwerk in de Drommedaris tot stand was gekomen.

Beide vormen van uitleg roepen de nodige vragen op, maar in de sketch is de zoon blij dat hem een keurig alternatief is aangereikt voor de werkelijkheid die hem door zijn schoolvrienden en uncle Bertie is voorgehouden.

Zoals de zoon niets liever wil dan de waarheid van zijn vader geloven, zo wil de raad eigenlijk niets liever dan de door het college gepredikte “waarheid” geloven.

De vader bezweert de zoon geen aandacht te schenken aan wat Uncle Bertie beweert, zoals het college altijd stelt, dat de enig betrouwbare informatie van haar afkomstig is en dat de raad er daarom verstandig aan doet geen aandacht te schenken aan wat anderen (buitenstaanders) over de kwestie menen moeten te zeggen.

Na een korte toelichting waarbij de ambtelijke organisatie (moeder) ruimhartig geprezen wordt voor de inspanningen die zij verricht om uncle Bertie in toom te houden, komen vader en zoon tot een gezamenlijke conclusie. Buitenstaanders zijn betreurenswaardige wezens die ziek zijn en die daarom medelijden verdienen.

Vader en Zoon behoren, vanwege hun taalgebruik en hun manier van doen duidelijk tot de maatschappelijke bovenlaag en die is er niet aan gewend te worden tegengesproken.

De Enkhuizer gemeenteraad wordt door het college aangemoedigd om zichzelf te zien als een uitverkoren groep. Gedraagt zich daar ook naar en stelt kritische bemoeienis niet op prijs. Ook negeert men buitenstaanders met een afwijkende mening.

De sketch gaat over gezagsverhoudingen, waarbij de vader zijn zoon opdraagt om zijn versie over de voorplanting van de menselijke soort te geloven en de zoon daar, tegen beter weten in, in mee gaat.

Soortgelijke gezagsverhoudingen ontstonden er in het Dromdossier, waarbij de raad min of meer gedwongen werd elke bewering van het college te geloven, ook als er geen enkel bewijs voor bestond.

Met als gevolg dat het uiteindelijk resultaat in de sketch identiek is aan hetgeen er in het Dromdossier is gebeurd. Op nadrukkelijk advies van het college negeert de raad verdere informatie vanuit de buitenwereld (uncle Bertie) en wordt de kwestie, ogenschijnlijk in  harmonie, afgedaan.

Gaat deze autoritaire bestuurscultuur door het vertrek van Baas veranderen? Ik weet het niet, want ik zie weinig ambities in die richting vanuit de raad.

Tot slot de huiskamervraag. Is dank zij deze sketch het inzicht toegenomen over waarom de dingen in Enkhuizen gaan, zoals ze gaan? Zo ja, dan hoor ik dat graag.

Advertenties