Gevleugelde woorden

DorusHet NHD laat in de krant van afgelopen donderdag wethouder Luyckx aan het woord over achterstallig onderhoud van gymzaal de Sprong. Ik citeer de krant.

Toch is dat ook nu de boodschap van verantwoordelijk wethouder Dorus Luyckx. ,,We zijn er druk mee bezig, maar hebben de oplossing ook niet voorhanden. Er is ambtelijk overleg gaande over hoe nu verder, onder ook meer over een adequaat rooster voor wanneer De Sprong straks omgaat.’’ Er komt een nieuwe sporthal in het integraal kindcentrum (IKC), dat dan op deze plek gebouwd wordt. Luyckx snapt de onvrede, maar wil dit ’niet dramatiseren’.

stadhuisHeerlijke teksten zijn dat. “De gemeente is druk bezig zonder dat men een oplossing voor handen heeft”. Als er geen oplossing voorhanden is, waar is men van gemeentewege dan in hemelsnaam druk mee bezig?

Openhartig als altijd denk ik, dat wethouder Luyckx met zijn opmerking de spijker op zijn kop heeft geslagen. Zijn gevleugelde woorden verdienen het om, in aangepaste vorm, en in gouden letters, op het stadhuis bevestigd te worden.

HIER IS MEN VOORTDUREND DRUK BEZIG,

ZONDER EEN OPLOSSING VOORHANDEN TE HEBBEN.  

Advertenties

Kletspraat.

Ik schreef het al eerder. Af en toe kletst raadslid Langbroek uit zijn nek en gelukkig is er dan altijd een verslaggever van het NHD in de buurt, die bereid is om zijn geklets aan te horen en te publiceren.

langbroek-1
Kletspraat

Donderdag 14 maart laat Langbroek (via het NHD) weten dat het Zuiderzeemuseum nu haar ware gezicht laat zien. Zijn verwijt is dat het museum alleen aan haar eigen belang denkt en niet aan het belang van alle andere betrokkenen.

Merkwaardig verwijt. De enige die hier (onder de luide toejuichingen van Langbroek en consorten in de gemeenteraad) aan zijn eigen belang heeft gedacht is de gemeente zelf. Die heeft anderhalf jaar lang met de ontwikkelaar gesproken over tal van details aangaande de uitvoering. Zonder er ook maar een seconde bij stil te staan, of die plannen gevolgen zouden hebben voor anderen.

Pas op het laatste moment (oktober 2018) realiseerde de gemeente zich, dat het gebied ook andere belanghebbenden kent en werd er haastig een bijlage geproduceerd waarmee men het tekort aan aandacht voor de problemen van anderen probeerde te verdoezelen.

Of dat verdoezelen afdoende is, zal blijken uit een procedure die hoogst waarschijnlijk 4 jaar in beslag neemt. Maar dat is de prijs die je zult moeten betalen als je jezelf wijs maakt, dat andermans belangen er niet toe doen.

Voor het museum staan twee zaken op het spel. De toekomstige bereikbaarheid van het museum in het geval dat het bootmodel in zijn huidige vorm niet langer te handhaven is. Plus het feit, dat het voorgenomen plan ernstig afbreuk doet aan wat museale uitstraling wordt genoemd.

Naar de overtuiging van Langbroek had de museumdirectie die belangen ondergeschikt moeten maken aan wat de gemeente als haar belang ziet. Het realiseren van een wijkje met tweede woningen voor welgestelde Nederlanders en buitenlanders. Langbroek doet of het hier om een uniek project gaat.

Ik heb nieuws voor hem. Het ZZM is uniek in zijn soort, en  dergelijke enclaves voor welgestelden, zoals de gemeente die wil realiseren, worden overal elders in dit land ook gerealiseerd.

Gelukkig staat Langbroek niet alleen in zijn merkwaardige opvattingen, maar krijgt hij de steun van wethouder Struijlaart, die de krant laat optekenen dat hij “teleurgesteld is dat een door de rijksoverheid gesubsidieerd museum en een gemeentelijke overheid op deze manier tegenover elkaar staan”. 

Lees deze opmerking opnieuw en probeer te begrijpen wat Struijlaart hier wil zeggen.

Dat een onderneming/stichting, die van rijkswege wordt gesubsidieerd zich alles moet laten welgevallen wat haar door de lokale overheid door de strot wordt geduwd? Dat zij zich dus ook niet mag verweren als ze (door maatregelen van die lokale overheid) in haar bestaan wordt bedreigd?

Gelukkig beschikt het museum over een Raad van Bestuur, die er nauwlettend op toeziet dat de directie van het museum zich inzet voor het voortbestaan van het museum en ten strijde trekt tegen alles en iedereen die dat voortbestaan in gevaar brengt. Zelfs als dat de lokale overheid is.

Als Struijlaart onder gelijksoortig toezicht zijn werk zou hebben moeten doen, dan zou de nu ontstane situatie zijn voorkomen.

Maar Langbroek en consorten vinden het te veel moeite om een vinger aan de pols te houden en besteden hun tijd liever aan het verzinnen van drogredenen waarachter ze zich kunnen verschuilen, zodra blijkt dat hun toezicht heeft gefaald.

Kan hun wat schelen, want de kosten (die uit hun gemakzuchtige houding voortvloeien) kunnen immers probleemloos worden afgewenteld op de belastingbetaler.

 

Voorspelbare uitkomst.

Waar ik dan weer wel een beetje droevig van wordt, is de plichtmatige aanpak van de voorstanders van openbare (presidium) vergaderingen. Uit de bijdragen van Keesman, Raven en De Jong klonk weinig overtuiging. Alleen Langbroek deed nog even zijn best.

Voorstanders van openbaarheid waren dus SP en de lokalen. Samen goed voor acht zetels.

De tegenstanders van openbaarheid waren de landelijke partijen. VVD, D66, PvdA, CDA en CU/SGP. Niet geheel toevallig wordt ook het dagelijks bestuur van de gemeente (B&W) gevormd wordt door landelijke partijen. (VVD, CDA, PvdA)

Dat komt niet helemaal als een verrassing. Deze partijen zijn niet anders gewend dan dat ze de bestuurlijke baantjes onder elkaar mogen verdelen. En hebben er dus geen enkel belang bij, dat “buitenstaanders” in staat worden gesteld daar invloed op uit te oefenen.

Daarbij werden door de tegenstanders van openbaarheid interessante drogredenen naar voren gebracht. Van Marle (D66) zag als voordeel, dat je in beslotenheid wat meer vrijuit kon praten en ook Stomp erkende, dat hij in openbare vergaderingen zelden het achterste van zijn tong laat zien.

Waarbij beiden feitelijk erkenden, dat hun openbare optreden eigenlijk alleen maar voor de bühne is. Wat waarschijnlijk ook de verklaring vormt voor het feit, dat hun bijdragen aan de discussie zelden tot iets inspireren.

Anders gezegd, openbare vergaderingen zijn niet meer dan gebrekkige toneelstukjes die raadsleden gedwongen worden op te voeren. Het echte werk vindt, buiten het zicht van iedereen, elders plaats.

In het presidium of tijdens de zaterdag voor de raadsvergadering.

Sandstra (PvdA) had het lef om op te merken dat door het presidium genomen besluiten geen gevolgen hebben voor de door de raad te nemen besluiten. Hij weet natuurlijk wel beter. Een meerderheid in het presidium betekent namelijk altijd een meerderheid in de raad.

De gang van zaken eergisteren is daar een treffend voorbeeld van. Immers, het voorstel om de openbaarheid van presidium vergadering af te schaffen was al in het presidium besproken en had daar een meerderheid gehaald. (VVD, CDA, D66, PvdA en CU/SGP)

Door een afwezige in het meerderheidskamp zouden normaliter de stemmen gestaakt hebben en het voorstel dus niet worden aangenomen.

Dus om de meerderheid tegemoet de komen veinsde Michel de Jong dat hij hoognodig naar het toilet moest, zodat er (dank zij zijn afwezigheid) opnieuw een meerderheid ontstond, zodat het voorstel toch kon worden aangenomen.

Zodra de stemming voorbij was , meldde De Jong zich weer voor het verdere verloop van de vergadering.

Eén en ander verklaart ook het plichtmatig verzet van de minderheid. Als de kwestie in  het presidium is besproken en de koppen zijn daar geteld, dan weet de minderheid ook, dat het geen enkele zin heeft om in de openbare vergadering te proberen en deel van de meerheid te overtuigen van haar gelijk.

Kortom, de echte besluiten worden genomen tijdens de presidium vergaderingen en wat er daarna volgt, is niet meer dan wat theatraal gedoe.

Vanaf afgelopen dinsdag worden die besluiten dus, buiten het zicht van iedereen, achter gesloten deuren genomen, waarna ze vervolgens (voor de vorm) in het openbaar worden bekrachtigd.

Het is de logische en voorspelbare uitkomst van het afschaffen van de oppositie in ruil voor een raadsbreed akkoord.

 

Fucking for virginity

Mijn blog gaat over de hedendaagse regenten. Zij die zich bij voortduring bekommeren om ons welzijn en daar dus met regelmaat over vergaderen. Een vergelijking met de regenten en regentessen uit vervlogen tijden lijkt me daarom wel op zijn plaats.

Vandaar een foto van het schilderij van Adriaan Backer uit 1676 van de regenten en regentessen van het oude mannen en vrouwen gasthuis. Net als hun voorgangers zijn ook de hedendaagse regenten geheel vervuld van hun eigen importantie. Dat bleek maar weer eens tijdens de raadsvergadering gisteravond.

De vraag was, dient het presidium nog langer in het openbaar te vergaderen. Een in de ogen van burgemeester Eduard (Eddy voor zijn  schoolvrienden) heel urgente vraag die onverwijld beantwoord diende te worden.

Als gevolg van steeds frequenter voorkomende storingen in de radioverbinding heb ik het hele betoog van burgemeester Eduard niet kunnen volgen. Alleen zijn eindconclusie kwam luid en duidelijk door.

Juist omdat Eduard tegenstander is van achterkamertjes politiek is hij een voorstander van het in beslotenheid vergaderen van het Presidium. Presidium is de naam voor de vergadering van de 9 fractievoorzitters.

Ik moest onmiddellijk terug denken aan de jaren 60, toen onze bondgenoten met behulp van napalm en agent Orange voor vrede vochten in Vietnam.

“Fighting for peace is like fucking for virginity” was toen de slogan.

Vandaag de dag heet het dus, dat je achterkamertjes politiek het beste kunt bestrijden door daarover in beslotenheid te vergaderen.

En omdat Michel de Jong zich zelf opofferde door te veinzen, dat hij hoognodig naar de WC moest, bleek een meerderheid van de raad het met Eduard eens te zijn en zijn de presidium vergaderingen niet langer openbaar.

Niks nieuws onder de zon.

En dan was er natuurlijk ook mijn WOB verzoek. Of misschien beter gezegd, verzoeken.

Het eerste ging over het compromis tussen aannemer, Dromstichting en de gemeente.

Het tweede betrof het compromis tussen de architect (die de Dromverbouwing begeleidde) en de gemeente.

Over het eerste compromis bleek geen enkele correspondentie voorhanden. Het ene moment was het zus, het volgende moment was het zo, zonder dat partijen daarover schriftelijk met elkaar van gedachten hadden gewisseld.

consigliereIk heb deze gang van zaken vergeleken met de gang van zaken bij een andere organisatie, die liever ook niets op papier zet, de maffia.

Ook wel Cosa Nostra genoemd. Met burgemeester Baas in zijn rol van godfather van de organisatie en Jan Slagter als zijn trouwe consigliere.

De brandende vraag was dan ook, hebben de gemeentelijke praktijken (onder leiding van een nieuwe godfather) zich gewijzigd of zijn ze als het ware ingebakken en vormen ze daardoor een vast onderdeel van het gemeentelijke beleid?

Op het eerste gezicht lijken de praktijden te zijn gewijzigd. Want, anders dan bij het Drom-compromis, is nu wel (tamelijk onschuldige) correspondentie ter inzage gegeven.

Die correspondentie vormt geen bewijs voor wat wethouder Struijlaart beweerde (dat het de architect was die op geheimhouding had aangedrongen), maar eerder een bewijs van het tegenovergestelde.

Maar dat terzijde. Veel belangrijker was het ontbreken van correspondentie over het  compromis zoals vastgelegd in een bijlage van de overeenkomst. De toezegging, dat de architect € 39.000,- betaald zou krijgen voor een haalbaarheidsonderzoek.

Er lag al een haalbaarheidsonderzoek, dat twee jaar eerder was uitgevoerd, maar er moest natuurlijk een voorwendsel worden verzonnen om de architect € 39.000,- te kunnen uitbetalen.

De compensatie van € 39.000,- was gebaseerd op een offerte van de architect. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat (al dan niet daarin aangemoedigd door de gemeente) de architect een voorbeeld heeft genomen heeft aan de eerdere offerte van de aannemer.

Die bracht (op verzoek van de gemeente) een offerte uit ter hoogte van € 100.000,- voor werkzaamheden die de € 25.000,- niet overstegen, zonder dat de raad daar erg in had.

Dus waarom niet iets soortgelijks gedaan met een haalbaarheidsonderzoek, (dat twee jaar daarvoor ook al eens was uitgevoerd)?

Zoals de vorige raad zich gewillig liet voorliegen over de kosten van elektraverzwaring, zo laat de nieuwe raad zich gewillig voorliegen over de kosten van een haalbaarheidsonderzoek.

Niks nieuws onder de zon dus.

 

Altijd Anders

In de raadsbrief van 20 december 2017 (over de voortgang van het REZ) staat het volgende:

Nu de gemeente grond moet afvoeren en OREZ grond van elders wil gebruiken, is onderling gesproken over de mogelijkheid om werk met werk te maken. Dit heeft geleid tot de afspraak dat OREZ een gronddepot mag inrichten op de plek van de toekomstige seizoenscamping (noordkant van het plangebied). Als voorwaarde is daarbij door ons gesteld dat OREZ voor eigen rekening en risico de grond die op korte termijn uit Schepenwijk moet worden afgevoerd (ca 6.000m3), zelf afvoert naar het op te richten gronddepot op het REZ. Dit levert de gemeente een aanmerkelijke kostenbesparing
op. De grond wordt gebruikt als voorbelasting voor de camping en voor toekomstige ophoging van het te ontwikkelen recreatiegebied.

In het besluitenlijstje van het college van 3 juli  2018 staat:

Het college stemt in met de motivatie om conform het aanbestedingsbeleid SED
de werkzaamheden enkelvoudig onderhands aan te besteden.
Samenvatting
Op het bedrijventerrein Schepenwijk moeten diverse grondwerkzaamheden
worden uitgevoerd. Bij deze werkzaamheden komt vervuilde grond vrij die moet
worden afgevoerd. Het afvoeren van de vervuilde grond, dient gezien de omvang
meervoudig onderhands aanbesteed te worden. Conform het aan
bestedingsbeleid SED kan het college gemotiveerd besluiten om het afvoeren
van de grond enkelvoudig onderhands aan te besteden.

Begrijp ik het nu goed, dat aanmerkelijke kostenbesparing waar men het in december 2017 nog over had helemaal niet is opgetreden?

Dat OREZ BV tot dusver niet anders gedaan heeft dan Heymans van zijn overtollige grond (vrijgekomen bij de aanleg van de N23) af te helpen en dat Enkhuizen opdraait voor de kosten van afvoer van eigen grond die ook nog vervuild blijkt te zijn?

Waarom gaan de dingen in Enkhuizen altijd weer anders dan ze zijn voorgespiegeld? En is er nooit iemand die daar vragen over stelt?

Bombarie

kaartenhuisDe raadsbrede agenda wordt ons voorgehouden als zijnde dé oplossing voor alle problemen waar we in het verleden mee te kampen hebben gehad.

Is dat werkelijk zo, of is er sprake van een Coopertje? Tommy Cooper was een Engelse komiek/goochelaar uit de jaren 60 van de vorige eeuw, wiens handelsmerk een met veel bombarie aangekondigde goocheltruc was, die hij vervolgens volledig verprutste.

Zie bijvoorbeeld het filmpje aan het einde van deze column.

Volgens een tweet van de Raad van Enkhuizen, overgenomen door Weeff,  (die zich steeds nadrukkelijker profileert als de verslaggever van het politieke nieuws in Enkhuizen) hoeft er alleen nog maar een derde wethouder te worden gezocht.

De wethouders Struijlaart en Luyckx zijn inmiddels door de fractievoorzitters gevraagd om de profielen “Sociaal Domein” en “Fysieke Leefomgeving in te vullen. Beide hebben daar in toegestemd.

Het werkterrein voor de derde wethouder is “Economie, Toerisme, Duurzaamheid en Financiën” en lijkt me op het lijf geschreven van voormalig wethouder Boland (D66).

Gelukkig is men er in Enkhuizen raadsbreed van overtuigd geraakt dat een politieke overtuiging niet meer ter zake doet en dat het bestuur derhalve het best kan worden overgelaten aan hen die over een ambtelijke achtergrond beschikken.

Boland voldoet daar aan, dus niets lijkt me zijn benoeming in de weg te staan. De man heeft per slot van rekening reeds een ere-speld (wegens zijn verdienste voor de gemeente) gekregen.

Maar als Boland terugkeert, dan valt ook een terugkeer van Olierook niet uit te sluiten, wat dan weer ten koste zou gaan van wethouder Luyckx.

Maar genoeg gespeculeerd, in september weten of het hier inderdaad om een spectaculaire verandering gaat (waarin alles bij het oude is gebleven) of dat het kaartenhuis, dat men tot dusver heeft opgebouwd, weer op instorten staat.