Pim's Prietpraat

Bemoeienissen van een buitenstaander

Smoes verzinnen.

ivo1Zoals ik in mijn vorige column schreef, trekken burgemeester en griffier als Don Quichotte en helper Sancho ten strijde tegen allerhande vermeende gevaren. Mogelijk om de aandacht af te leiden van de echte gevaren.

Het echte gevaar bestaat er uit dat beiden inmiddels volstrekt ongeloofwaardig zijn geworden. Niet alleen vanwege de beweringen van het college (we beschikken niet over ambtelijke documenten waaruit een kostenverlaging van € 100.000,- naar € 20.000,- kan worden verklaard), maar ook de reactie van de raad (geen enkele) draagt weinig bij aan vertrouwen in het openbaar bestuur.

Als raadslid Emile van Marle tijdens de raadsvergadering (met een stem vol ongeloof) aan wethouder Olierook vraagt, “beweert U nu, dat er helemaal geen documenten zijn?”, ontwijkt Olierook een antwoord op die vraag en zegt, “ik denk dat ik duidelijk genoeg ben geweest”. Wanneer Van Marle (terecht) constateert dat dit geen antwoord op zijn vraag is, neemt burgemeester Baas het woord.

In plaats van Olierook te sommeren Van Marle te antwoorden (hetgeen je van een onpartijdig voorzitter zou mogen verwachten) geeft hij zelf het antwoord op de door van Marle gestelde vraag en bevestigt hij dat er inderdaad geen andere documenten zijn dan die ter inzage zijn gegeven.

Hetzelfde doet hij ook tegen mij. Het dossier dat mij ter inzage is gegeven is vrijwel identiek aan hetgeen de raad heeft mogen inzien. Het bevat uitsluitend documenten die betrekking hebben op de voorgeschiedenis van het conflict en geen enkel document dat een licht werpt op de oplossing die werd bereikt.

Ook tegenover mij beweert de burgemeester dat er geen andere documenten bestaan dan degenen die ter inzage zijn gegeven.

In mijn procedure voor de rechtbank heb ik twee voorbeelden van documenten gegeven die er, gegeven de veronderstelling dat de gemeente er een normale bedrijfsvoering op nahoudt, hadden moeten zijn.

Het zijn zeker niet de enige documenten. Er zijn er veel meer die ontbreken. Een ander voorbeeld is de factuur waarin aan de gemeente in rekening gebrachte kosten worden doorbelast aan de stichting.

De offerte die het college aan de raad heeft voorgelegd bevat een bedrag van € 21.756,- aan gebruikerswensen. Dat wil zeggen wensen van de toekomstige gebruiker (stichting) ten aanzien van de inrichting.

Zoals extra afzuiging in de keuken, extra wandcontacten, telefoon en data installatie, bierleiding in mantelbuis etc etc. Zaken die behoren tot de inrichting van het gebouw waarover met de stichting was overeengekomen dat ze voor rekening van de stichting zouden komen.

Met andere woorden, hoewel het logisch is dat deze kosten vermeld worden op de offerte naar de gemeente (de opdrachtgever), is het ook logisch dat ze door de gemeente worden doorbelast naar de stichting, omdat het kosten zijn die betrekking hebben op de “inrichting” van het gebouw.

Anders gezegd, de gemeente betaalt de aannemer, maar krijgt het daarvoor benodigde bedrag van de stichting.

Dat doorbelasten gebeurt natuurlijk niet alleen mondeling. Daar worden documenten (zoals een factuur) opgemaakt en die hadden zich in het dossier moeten bevinden. Dat was niet het geval. Waarom niet? Omdat daardoor een eerdere bewering over een compromis zou worden onderuitgehaald.

Als we die kosten van gebruikerswensen aftrekken van de offerte, dan resteert er een bedrag (zonder 10% winstopslag) van € 57.000.- . Met winstopslag € 62.700,-. Met andere woorden, het met veel bombarie aangekondigde compromis (waarbij de aannemer zijn aanspraken op € 100.000,- verlaagde naar € 60.000,-) is helemaal geen compromis.  Men heeft een bedrag (dat niets met de verzwaring van doen had) weggelaten uit de nieuwe berekening, waardoor het leek alsof de aannemer zijn prijs had verlaagd.

In werkelijkheid was daar echter geen sprake van.

Dat de raad zich op allerlei manieren voor de gek laat houden (en zich daardoor ook laat vernederen) is een zaak die henzelf aangaat en iets wat ze ook zelf moet oplossen. Dat ze het mij kwalijk nemen als ik daar op wijs is teleurstellend, maar het gedachtegoed van veel raadsleden is nu eenmaal kleingeestiger dan je op voorhand zou aannemen.

Wat mijzelf betreft, ik sta er op dat de Wet Openbaarheid Bestuur door het college op correcte wijze wordt uitgevoerd en toegepast. Ik verbaas me er over dat de raad daar niet net zo over denkt.

Dus heb ik het bestuur van de stichting gevraagd of ze mij willen bevestigen dat de hierboven genoemde “gebruikerswensen” inderdaad aan haar zijn doorbelast, een en ander volgens de tussen gemeente en stichting gesloten overeenkomst. Ik verwacht daarop eerdaags een antwoord.

Naast het indirecte bewijs dat ik tot dusver heb geleverd, vormt dat het directe bewijs dat het op correcte wijze uitvoeren van de wet niet tot de gemeentelijke prioriteiten behoort. En dat lijkt me iets, dat de burgemeester, die er als voorzitter van het college er op toe dient te zien dat wetten worden nageleefd, zich zou moeten aantrekken.

Maar klaarblijkelijk is het tijdperk Opstelten (in Enkhuizen) nog steeds niet afgelopen. Gewoon eisen dat iedereen je moet vertrouwen, omdat je burgemeester bent (of bent geweest). Zoiets heeft in Enkhuizen tot dusver altijd gewerkt, maar ik ben bang dat het niet langer van deze tijd is.

Baas beweert, net als Opstelten indertijd, dat dingen er niet zijn, zonder dat iemand hem daar nog in gelooft. De raad zwijgt, maar dat is, net als bij Opstelten, in hoofdzaak omdat ze geen raad weten met dit soort situaties.

Het lijkt me dat Baas er verstandig aan doet om, net als Opstelten, de eer aan zichzelf te houden.  Hij moet, net als Boland en Olierook in staat geacht worden om een smoes te verzinnen waarmee hij zijn vertrek weet te rechtvaardigen.

augustus 22, 2017 Posted by | Bovenbaas, Drommedaris | Plaats een reactie

Geloofwaardig

rechterGisteren dan eindelijk de zitting voor de bestuursrechter in Alkmaar. Gelukkig had de Enkhuizer Krant een verslaggever gestuurd, zodat we beschikken over een uitstekend verslag van die bijeenkomst dat bovendien vandaag in de krant stond.

De reden dat ik de gang naar de bestuursrechter heb gemaakt is, dat ik graag wil dat ook de lokale overheid de wet (in dit geval de Wet Openbaarheid Bestuur) op correcte wijze toepast.

Mijn opvatting is dat de gemeente mij niet alle beschikbare informatie heeft verstrekt, hetgeen zij (op grond van de wet) wel zou hebben moeten doen.

De gemeente is zich van geen kwaad bewust en stelt zich op het standpunt dat er geen andere informatie beschikbaar is dan die ze mij heeft verstrekt.

Waar ik om gevraagd heb is inzage in de correspondentie die door de gemeente is gevoerd naar aanleiding van het compromis dat men had gesloten over de kosten van de verzwaring van het elektra netwerk. Onder correspondentie versta ik alle schriftelijk vastgelegde informatie.

De gemeente heeft mij weliswaar een heleboel schriftelijke informatie verstrekt, maar met uitzondering van een raadsvoorstel (waar ik sowieso al over beschikte) had niets daarvan betrekking op het bereikte compromis. De verstrekte informatie ging over het ontstaan van het geschil en niet over de oplossing.

Over de uiteindelijke oplossing werd (behalve via het raadsvoorstel) geen schriftelijk informatie verstrekt. Volgens de gemeente omdat er niets schriftelijk was vastgelegd.

Probleem is dat de informatie met behulp van raadsvoorstellen tegenstrijdigheden bevat. Zoals bijvoorbeeld de kosten van verzwaring. Aanvankelijk werden die geschat op € 100.000,-, hetgeen uiteindelijk werd bijgesteld naar € 20.000,-.

Een opmerkelijke daling, waarop tijdens de behandeling ook geen helder antwoord is gekomen.

De overheid heeft in dit soort kwesties een streepje voor op de gewone burger. In de zin dat ze van zichzelf vindt dat ze nauwelijks iets hoeft te bewijzen, maar op haar woord geloofd dient te worden.

Dat is ook het standpunt van burgemeester Baas en consorten. Gelukkig heeft de Hoge Raad een klein voorbehoud gemaakt. Dat standpunt is alleen geldig als hetgeen de overheid beweert niet ongeloofwaardig is. Over wat wel of niet geloofwaardig is heeft iedereen zijn eigen mening.

Maar ik wilde de vraag over de geloofwaardigheid per se aan een rechter voorleggen, omdat je alleen op die manier een onafhankelijk oordeel krijgt.

Mijn taak was dan ook om de rechter er van te overtuigen, dat hetgeen de gemeente beweerde volstrekt ongeloofwaardig is. Geen idee of me dat gelukt is.

Die ongeloofwaardigheid zit hem primair in het feit dat er van de onderhandelingen met aannemer en stichting niets schriftelijk is vastgelegd. Dit is tegenstrijdig met wat er als norm geldt voor een zorgvuldige bedrijfsvoering.

Meer in detail heb ik gewezen op de afwezigheid van een tweetal documenten die in elke normale bedrijfsvoering aanwezig zouden zijn, maar hier ontbreken.

Ten eerste het gespreksverslag van de bijeenkomst met Hillen & Roosen waarin die aankondigt over te zullen gaan tot aanleg van de (noodzakelijk geachte) elektraverzwaring.

Dat moet een zucht van verlichting hebben doen opgaan op de gemeentelijk burelen. Zou H & R dat besluit namelijk niet hebben genomen, dan was er (volgens bestek) een gebouw opgeleverd waarvoor geen gebruiksvergunning kon worden afgegeven.

Een enorm gezichtsverlies voor gemeente en stichting, die al meer dan 3 maanden met elkaar aan het bakkeleien waren over de vraag wie de kosten voor zijn rekening moest nemen.

Ik zou niet weten waarom je als ambtenaar dat heugelijke feit niet zou vastleggen ten behoeve van je superieuren. Daarbij past ook dat je er op wijst, dat de gemeente een morele verplichting aangaat ten opzichte van de aannemer.

De gemeente ontkent dat zij een betalingsverplichting is aangegaan. Daarmee bedoelt ze waarschijnlijk een betalingsverplichting die juridisch afdwingbaar is. Maar zelfs dat is niet helemaal zeker. Ik heb er in eerdere berichten al op gewezen, dat het ontbreken van een opdracht niet automatisch zal leiden tot verlies van het recht op betaling. Ook al denkt Bram van der Pijll (en velen met hem) dat het wel zo is.

Maar naast een juridisch afdwingbare betalingsverplichting is er ook nog zoiets als een morele betalingsverplichting. Als je erkent dat verzwaring noodzakelijk is, instemt met de uitvoering van het werk en naar de aannemer toe geen voorbehoud maakt voor wat betreft de betaling, dan is de kans groot dat een rechter een weigering tot betaling zeer onredelijk vindt en die morele verplichting alsnog omzet in een juridische verplichting.

Zover is het echter niet gekomen. Het college heeft (met behulp van allerlei omtrekkende bewegingen) tot driemaal gepoogd haar morele verplichtingen na te komen, maar dat is haar door toedoen van de raad uiteindelijk niet gelukt.

Bewijst dat, dat daarmee de aannemer niet is betaald? Geenszins, hij kan ook betaald zijn via een andere begrotingspost. Er zijn diverse voorbeelden van betalingen die niet zijn verantwoord via het projectbudget. Ik schat ongeveer een kwart miljoen.

Maar de essentie (de verslaggever heeft dat correct weergegeven) blijft natuurlijk de vraag in hoeverre de gemeente geloofwaardig is als zij stelt dat er over de tussen gemeente en aannemer/stichting gevoerde onderhandeling niets op schrift is gesteld.

Ik heb 125 A4 tjes bagger ter inzage gekregen, waaruit van alles valt op te maken, maar niet hoe men van de oorspronkelijke kosten van verzwaring (€ 100.000,-) uiteindelijk terecht is gekomen op € 20.000,-. Uitgangspunt was niet wat de kosten waren, maar wat de stichting redelijk vond. Dat bleek € 30.000,- te zijn, waarna stichting en gemeente besloten dat de aannemer daarvan 1/3 voor zijn rekening moest nemen, zodat er nog 20.000,- resteerde die stichting en gemeente onder elkaar verdeelden.

Kortom, de nettokosten voor de voorziening waren € 20.000.- terwijl ze aanvankelijk begroot waren op € 100.000.-.

Ik begrijp dat hetzelfde dossier aan de raad ter inzage is gegeven. Ik vraag me af hoeveel er de moeite hebben genomen om het in te zien. In ieder geval is het kennelijk niemand opgevallen dat het dossier (bijvoorbeeld met behulp  van gespreksverslagen) helemaal niets prijsgeeft over hetgeen er tussen aannemer/stichting en gemeente is besproken.

Simpel gezegd, er is een politieke werkelijkheid gecreëerd, maar de juistheid ervan kan onmogelijk worden geverifieerd aan de hand van ambtelijke verslagen, want die zijn (volgens de gemeente) niet gemaakt. Aannemer en gemeente zijn twee handen op een buik. De vragen die ik aan de aannemer stelde werden linea recta doorgestuurd naar de gemeente.

De stichting is financieel volledig afhankelijk van de gemeente. Ik vind het tamelijk ondenkbaar dat ze onderweg naar het compromis dat ze heeft gesloten nooit iets heeft bevestigd of vastgelegd. Maar goed, de gemeente beweert dat dit nooit is gebeurd en als de stichting de gemeente de hand boven het hoofd wil houden, dan moet ze dat vooral blijven doen.

Mijn stelling is dat wat de gemeente beweert ongeloofwaardig is en dat zij dus dient te bewijzen, dat wat ze stelt, ook waar is.

Wat de rechter daarvan vindt weten we hopelijk over 6 weken.

 

augustus 4, 2017 Posted by | Drommedaris, WOB | 4 reacties

Beproefde werkwijze

stadhuisNaar mijn mening bestaat er zoiets als een beproefde werkwijze. In dit geval, als een werknemer afspraken maakt die resulteren in een betalingsverplichting, hij de aard en omvang van die afspraken schriftelijk voorlegt aan zijn superieuren.

Die beproefde werkwijze geldt voor het bedrijfsleven en de overheid. In de kwestie rond de verzwaring van het elektra van de Drommedaris is de gemeente van die beproefde werkwijze afgeweken. Dat is waar haar beweringen op neerkomen.

Er hebben weliswaar tot  tweemaal toe gesprekken plaatsgevonden met Hillen & Roosen  en daarin is tot tweemaal toe overeenstemming bereikt over de betaling die er aan Hillen & Roosen diende te worden verricht door de gemeente, maar van die gesprekken bestaat geen verslag.

Dat is een afwijking van de beproefde werkwijze. De arrogantie van de gemeente (maar ook van de raad) bestaat er uit, dat de gemeente alleen maar hoeft te zeggen dat ze een beproefde werkwijze niet heeft toegepast en iedereen denkt (inclusief de raad) dat zal dan wel.

De aanwezigheid van de door mij gevraagde stukken is regel. Men lijkt er van uit te gaan, dat ik dien te bewijzen dat die regel ook in dit geval van toepassing is.  Een slimme poging tot omkering van de bewijslast, waarvan moet worden afgewacht of de rechter het daarmee eens is.

Het is in mijn ogen de gemeente die moet beargumenteren waarom zij de regel (in dit bijzondere geval) niet heeft toegepast.

De mondeling gegeven reden was efficiëntie. De schriftelijke reden, zoals in haar verweerschrift is vastgelegd, is  dat alleen de raad bevoegd is besluiten te nemen aangaande aanvullende werkzaamheden. En omdat de ambtenaar geen besluit kon nemen, was er ook geen noodzaak tot het maken van een verslag.

Ik begrijp dat je met het opzetten van dat soort van redenering toch nog een leuke boterham kunt verdienen bij de gemeente, maar ik word daar heel erg droevig van.

Dat het nemen van besluiten het privilege van de raad is, weet naar ik aanneem ook de bestuursrechter wel. Maar om dat als argument te gebruiken om geen verslag te maken van de betalingsafspraken die er met derden worden gemaakt, lijkt me geen goed idee.

De afspraken met de aannemer werden gemaakt door de op één na hoogste ambtenaar van de gemeente, Jan Slagter.  Als die niet bevoegd is om namens de gemeente afspraken te maken, wie dan wel? Natuurlijk, hij zal er altijd bij zeggen dat de afspraken die hij maakt  altijd goedgekeurd moeten worden door zijn superieuren. In eerste instantie is dat de wethouder, maar uiteindelijk de raad.

Het resultaat van zijn afspraken zal hij voorleggen aan de wethouder, die vervolgens bepaalt, welke delen van het onderhandelingsresultaat aan de raad worden voorgelegd om een instemmingsbesluit te krijgen.

Kortom, het feit dat een ambtenaar in bepaalde situaties niet bevoegd is om een besluit te nemen, zegt niets over zijn bevoegdheid om namens de gemeente te onderhandelen over een (door de raad) te nemen besluit. Maar alvorens het resultaat aan de raad kan worden voorgelegd dient eerst de wethouder overtuigd te worden.

In Enkhuizen gebeurt dat kennelijk nooit op basis van een schriftelijk stuk, maar mogen de ambtenaren in kwestie in het voorbijgaan iets roepen over de overeenstemming die ze hebben bereikt. En als dit niet een correcte weergave is van de gebruikelijke gang van zaken, waarom beweert de gemeente dan, dat het in deze kwestie wel de gang van zaken is geweest?

Ik vrees, dat de werkelijke reden is, dat men om politieke redenen er voor koos te liegen over de werkelijke kosten van de verzwaring. En toen men eenmaal dat besluit had genomen, was er geen weg terug meer en werd de ene leugen op de andere gestapeld.

Met als voorlopige uitkomst, dat we kunnen concluderen dat de gemeente gebruik maakt van valse offertes om de raad ergens toe over te halen en de raad daar verder geen punt van maakt, want waarom zou je over zoiets druk maken? Gelukkig mogen wij over een half jaar zeggen wat we daar van vinden, waarna we weer 4 jaar onze mond moeten houden.

augustus 1, 2017 Posted by | Bestuurscultuur, Drommedaris, Klungelen | 5 reacties

Normaal gedrag

rechterOp 12 juni 2017 doet het college door middel van een raadsbrief verslag van een procedure die zij heeft gevoerd over het besluit om een aangevraagde subsidie uit het Europese Visserijfonds niet toe te kennen.

De door de gemeente naar voren gebrachte bezwaren tegen de afwijzing zijn gegrond verklaard.

De rijksdienst zal dus haar afwijzing op andere gronden moeten motiveren (dan wel de subsidie alsnog toekennen).

Volgens de raadsbrief zou dat toekennen inmiddels gebeurd moeten zijn. Omdat de raadsbrief niets zegt over een toekenning, neem ik aan dat het om een anders gemotiveerde afwijzing gaat.

De Europese subsidieregeling had tot doel de aandacht te kunnen vestigen op de visserijgeschiedenis en de duurzame visserijontwikkeling in Enkhuizen. Hoe dat valt te rijmen met de kosten van de verbouwing van de Drommedaris is me een raadsel.

Wat me inmiddels wel duidelijk is, is dat er een hele kudde Europese en Nederlandse ambtenaren zijn die hun brood verdienen met het ontwerpen van dit soort regelingen, om vervolgens te kunnen gaan redetwisten over de uitvoering ervan.

Ik laat dat aspect maar even voor wat het is en concentreer me op een tweetal andere constateringen van wethouder Luyckx aan het einde van zijn raadsbrief. Hij benoemt daar een tweetal andere losse eindjes in het Dromdossier.

Te weten de procedure ter afdoening van mijn WOB verzoek en de meerwerkkosten rond de elektraverzwaring in de Drommedaris. Volgens mij vergeet de wethouder nog de procedure met de architect over achterstallig loon (€ 80.000,-).

Over de verzwaringskosten het volgende.

Wat we weten is dat de Enkhuizer ambtelijke onderkoning Jan Slagter tot tweemaal toe overeenstemming heeft bereikt met aannemer Hillen & Roosen. Aanvankelijk waren ze het eens geworden over een betaling van € 100.000,- uiteindelijk bereikte men overeenstemming over een betaling van € 60.000,- .

Het bewijs voor die overeenkomsten is vastgelegd in een tweetal raadsvoorstellen waarin de raad gevraagd werd een krediet te verstrekken om de aannemer te kunnen betalen.

Er wordt zelfs een derde (verkapte) poging gedaan de raad te bewegen tot het verstrekken van een krediet. Ik beschik over een e-mail waarin de aannemer Slagter vraagt om hem te helpen bij het opstellen van een brief aan de raad. Die brief komt er ook en in de inhoud ervan wordt duidelijk dat de gevraagde hulp verleend is.

Kun je uit het feit, dat de raad tot driemaal toe geweigerd heeft een krediet beschikbaar te stellen, concluderen dat de aannemer dus niet betaald is geworden? Volgens mij niet.

In een eerdere raadsbrief erkent het college dat men zeker een kwart miljoen aan projectkosten van de Drommedaris heeft weggemoffeld. Door ze te verantwoorden  op andere (algemene) begrotingsposten.

Zeker € 130.000,- aan projectbeheerkosten (Piet Conijn?) is geboekt als zijnde kosten voor inhuur extern personeel, een bestaande begrotingspost. Andere kosten van de verbouwing werden geboekt als “onderhoud kapitaalsgoederen”. Op die manier werd zeker een kwart miljoen aan verbouwingskosten buiten het projectbudget gehouden.

Met als reden, om te kunnen betogen dat de motie Dellemans was uitgevoerd en de begrote verbouwingskosten nauwelijks waren overschreden.

Dezelfde obsessie veroorzaakt trouwens ook het gedoe rond de kosten van verzwaring. Inmiddels heeft de gemeente erkend dat die niet hoger waren dan € 20.000,-. Maar de vraag is natuurlijk, wat dient er op dat punt (volgens Luyckx) nog geregeld te worden? De betaling van iets dat twee jaar geleden is uitgevoerd?

Het feit dat de raad geweigerd heeft een krediet te verstrekken hoeft nog geen beletsel te zijn voor het college om de aannemer te betalen voor datgene waar hij (volgens het college) recht op heeft. Daarmee voorkomt het college een procedure met die aannemer over die betaling. Een procedure die men zonder twijfel zou verliezen omdat het werk noodzakelijk was en tot volle tevredenheid van iedereen is uitgevoerd.

Ik neem dan ook aan dat die betaling van de aannemer inmiddels allang heeft plaatsgevonden en op creatieve wijze in de jaarrekening zal zijn verwerkt. Het enige wat nog rest is daarover uitleg te verschaffen. Het liefst nadat de raad de jaarrekening eerst heeft goedgekeurd.

Maar zolang de raad niet om uitleg vraagt, wordt ze ook niet verschaft en belandt de kwestie rond de betaling van de aannemer, waarvan iedereen dacht te weten hoe de vork in de steel zat (niet dus) als gebruikelijk in de doofpot.

Het verantwoordelijke college is inmiddels (om geheel andere redenen) weggestuurd. Het enige wat is gebleven is de conclusie, dat de Enkhuizer bestuurscultuur bestaat uit een eindeloze herhaling van wat we list en bedrog kunnen noemen. Waar de raad helaas niet op adequate wijze op reageert, maar zelfs aan meewerkt.

Is het nieuwe college anders? De tijd zal het leren. Wat ik wel weet is dat de hoofdrolspelers in deze kwestie, burgemeester Baas en onderkoning Slagter, al het politieke gedoe moeiteloos hebben overleefd en nu hun stempel mogen drukken op de afwikkeling van het REZ.

De procedure over mijn WOB verzoek gaat over de vraag hoe “normaal” het is, dat door ambtenaren gemaakte afspraken met aannemers/projectontwikkelaars niet op papier worden gezet.

De raad van Enkhuizen heeft (door haar houding) inmiddels gedemonstreerd het volstrekt “normaal” te vinden en ook onze waakhond in de vorm van lokale pers lijkt het heel “normaal” te vinden dat je langs die weg democratische controle onmogelijk kunt maken. Ik schijn de enige te zijn die het niet normaal vindt, dat door ambtenaren gemaakte afspraken (met financiële gevolgen voor de gemeente) niet schriftelijk worden vastgelegd, zodat ze niet ter inzage kunnen worden gegeven aan hen die daar om vragen.

Het feit, dat de raad daar (om politieke reden) genoegen mee neemt is voor mij geen reden om daar dan ook maar genoegen mee te nemen.  Op 3 augustus dien ik ter zitting te verschijnen om mijn opvattingen over “normaal” gedrag te bepleiten.

juli 2, 2017 Posted by | Drommedaris | Plaats een reactie

Stempelen

stempelWie belangstelling heeft voor de grote mensen politiek kan zijn lol bijna niet op.

Een Potus die zichzelf voortdurend tegenspreekt. Opmerkelijke verkiezingsuitslagen in Frankrijk, Engeland en Duitsland. Een kabinetsformatie in eigen land met een motorblok dat gebruik maakt van sjoemelsoftware.

Tegen die achtergrond wordt het je verdiepen in de dorpspolitiek van Enkhuizen een vorm van corvee, wat steeds meer moeite kost.

Neem nu de laatste raadsvergadering van bijna twee weken geleden. Er werd gevraagd om in te stemmen met het (gewoonlijk) positieve oordeel van het college over de jaarstukken van gemeenschappelijke regelingen waar de gemeente in deelneemt.

Uiteraard stemt de raad daarmee in. Alleen van der Pijll wilde nog even de aandacht op zichzelf vestigen door zijn goedkeuring te onthouden in gevallen waarin de accountant de juistheid van de ingediende cijfers nog niet had bevestigd.

Het werk van raadsleden bestaat dus uit het instemmen met de door het college geformuleerde opvattingen. Dat is te vergelijken met het plaatsen van een stempel op een document, waardoor het document “officieel” wordt.

Voor het zetten van stempels op documenten hoef je niet te beschikken over bijzondere kwaliteiten, hetgeen bijna maandelijks door de raad wordt gedemonstreerd.

Een kind kan de was doen. Maar omdat het afstempelen van voorstellen van het college natuurlijk geestdodend werk is bedenkt de raad van tijd tot tijd zelf ook voorstellen. De afgelopen keer was dat een verdubbeling van het spoortraject tussen Hoorn en Enkhuizen.

Op dit moment vertrekt er elk half uur een trein vanuit Enkhuizen. Dat lijkt me een mooie frequentie, ook al omdat die treinen buiten de spitsuren  vrijwel leeg zijn. Verhoging van de frequentie (mogelijk door spoorverdubbeling) leidt niet automatisch tot meer passagiers.

Ook het doortrekken van een dubbelspoor naar Lelystad lijkt me niet zo’n goed idee. Op dit moment is er onvoldoende aanbod van passagiers om zelfs maar een bus naar Lelystad te laten rijden, dus een dubbelspoor naar Lelystad lijkt me een overdreven en niet te rechtvaardigen wens.

Dat het vliegveld van Lelystad in de toekomst gebruikt gaat worden voor vakantiecharters maakt dat niet anders.

De lijn Enkhuizen-Lelystad is alleen van belang voor vakantiegangers boven het Noordzeekanaal. Iedereen daar beneden kan net zo goed via Almere naar Lelystad treinen.

Maar goed dat zijn details waar de raad van Enkhuizen zich niet in verdiept. Ze waren unaniem voor. Dolblij dat ze het deze keer eens waren over iets, waar ze niets over te zeggen hebben.

En omdat ze er niet over gaan wordt de motie die ze hebben aangenomen keurig opgeborgen in het ronde archief.

Ze waren destijds ook al razend enthousiast over het plan van het college om de Floriade te organiseren. In dat geval hadden een paar miljoen bezoekers zich via de Dreef en de Piet Smitstraat naar de Noorderdijk moeten wurmen om het tentoonstellingsterrein te kunnen bereiken.

Dat soort van plannen zijn leuke werkgelegenheid voor ambtenaren en wethouders die zich anders toch maar zitten te vervelen, maar het verstandigste is natuurlijk om daar zo min mogelijk aandacht aan te besteden. Dat valt me de laatste tijd een stuk gemakkelijker dan voorheen.

Het enige waar ik nog wel aandacht aan wil besteden is de afronding van mijn WOB verzoek aangaande de Drommedaris. De zittingsdatum is inmiddels vastgesteld op 3 augustus. Ook aan mijn WOB verzoeken aangaande het gebruik van onkostenvergoedingen door Raadsfracties is nog niet geheel voldaan.

En dan natuurlijk niet te vergeten de ontwikkeling van het recreatieoord. Terwijl in buurgemeente StedeBroec de werkzaamheden rond de camping inmiddels al in volle gang zijn gezet, valt er op het Enkhuizerzand nog geen enkele activiteit te bespeuren.

Was er ooit niet afgesproken dat de raad (die afstand heeft gedaan van de mogelijkheid om invloed uit te kunnen oefenen over de voortgang van het proces) driemaandelijks geïnformeerd zou worden?

juni 18, 2017 Posted by | Drommedaris, Recreatieoord | Plaats een reactie

Buitenspel gezet.

gemeenteraad

Buitenspel

In totaal heeft het vorige college de raad tot driemaal toe verzocht om een krediet te verstrekken, van waaruit zij Hillen & Roosen zou kunnen betalen.

De raad heeft evenzovele keren geweigerd aan dat verzoek te voldoen.

Mag je daaruit concluderen dat Hillen & Roosen derhalve niet betaald is geworden? Uiteraard niet. Aanvankelijk was met H & R overeengekomen dat ze € 100.000,- betaald zou krijgen.

Vervolgens werd het bedrag na een jaar onderhandelen terug gebracht naar € 60.000,-. Over het waarom van die betaling bestaat grote onduidelijkheid. Maar dat er een betaling was overeengekomen, staat buiten kijf.

Dus als de raad weigert om een krediet te verstrekken en de aannemer daagt de gemeente niet voor de rechter om betaling af te dwingen, wat is er dan gebeurd? Het antwoord is vrij simpel. De gemeente heeft de aannemer gewoon betaald. Niet met behulp van een speciaal krediet waarom ze had gevraagd, maar vanuit een reeds bestaande en algemene begrotingspost.

De raad presenteert zichzelf graag als de instantie die een vinger aan de pols houdt wanneer het gaat over gemeentelijke financiën, in werkelijkheid heeft men (een groot deel van de tijd) geen flauw benul waar men mee instemt.

Ik schreef eerder al dat de kosten van de verbouwing van de Drommedaris een kwart miljoen hoger waren dan het college openlijk wilde erkennen. Dat valt gewoon te lezen in het betreffende raadsvoorstel. Maar wie neemt de moeite het te lezen en de inhoud tot zich door te laten dringen? Niet de raad zo lijkt het.

Als je in staat bent om, zonder dat het de raad opvalt, een kwart miljoen aan overschrijding weg te moffelen in de begroting, dan lukt dat een jaar later (met een luttel bedrag aan overschrijding van € 60.000,-) ook nog wel.

Laat ik geen namen noemen, maar er zijn raadsleden die met enige regelmaat de indruk proberen te wekken dat ze het zwarte garen hebben uitgevonden. Maar wat ze kennelijk niet door lijken te hebben is, dat het college (wanneer het haar uitkomt) de democratische controle op de door haar gemaakte afspraken onmogelijk maakt.

Of misschien hebben ze het wel door, maar weten ze niet wat ze er tegen moeten doen op het moment dat het aan de orde is.  Zo verbergt de raad zich ook nog steeds achter de illusie, dat als ZIJ geen krediet verstrekt, de aannemer niet is betaald.

Onzin natuurlijk, de aannemer heeft € 60.000,- toegezegd gekregen en dat bedrag geeft hij niet op, omdat een stelletje warhoofden in de Enkhuizer raad weigeren om een krediet voor dat bedrag te verstrekken. Dat eist hij gewoon op van de gemeente en die betaalt, omdat ze dat bedrag met hem is overeengekomen.

In zekere zin neemt hwarhoofdet college de gekozen warhoofden tegen zichzelf in bescherming.

Die beseffen inmiddels ook wel wat voor scheve schaats ze hebben gereden en hebben er alleen maar belang bij dat de kwestie in de doofpot belandt. Wie wil er nog aan herinnerd worden dat er warhoofden waren die een nieuwjaarsreceptie meenden te moeten boycotten?

Wie van onze warhoofden durft te erkennen dat zijn weigering de aannemer te betalen gebaseerd was op pure onwetendheid? Onwetendheid doelbewust veroorzaakt door het college, zonder dat onze gekozen warhoofden daar tegen op durfden te treden.

Maar goed, de Drommedaris ligt achter ons, het REZ ligt voor ons.

Daarbij gaat het om nog veel grotere bedragen. De gang van zaken doet me denken aan de ontwikkeling van de Oksel.

Toen ook een lokale pleitbezorger met een plan dat gebaseerd was op een uiterst lage grondprijs van de gemeente. Nu, opnieuw een lokale pleitbezorger (de voormalige compagnon van het Okselplan!) dat wederom gebaseerd is op een uiterst lage grondprijs van de gemeente.

Zo laag, dat zelfs onze warhoofden niet mogen weten hoe laag en inmiddels allang buitenspel gezet zijn.

juni 1, 2017 Posted by | Drommedaris, Recreatieoord | 1 reactie

Eerloos

Marcel_Olierook

Didn’t suffer fools gladly

Olierook was een wethouder die (zoals de Engelsen zeggen) “didn’t suffer fools gladly”. Hij was ontegenzeggelijk bekwaam en betrokken bij zijn onderwerpen, maar kon slecht tegen kritiek en dat was zijn politieke achilleshiel.

Op 13 juni 2016 vroeg ik mij in mijn column van die dag af of Hoogmoed opnieuw ten val zou komen. Ik zag toen al een overeenkomst tussen de gedragingen van Olierook en Boland. Beide bekwame wethouders die de verleiding niet konden weerstaan om hun hand te overspelen.

Boland wilde koste wat koste de verbouwing van de Drommedaris realiseren en had daarvoor veel meer geld uitgegeven dan hem door de raad was verstrekt. Olierook wilde koste wat koste de motie Delleman uitvoeren.

Boland was er mee weggekomen als Noorman  (financieel deskundige van CU/SGP) niet in de raad had gezeten. Boland kon net zo lang praten dat alles, wat aanvankelijk krom was, uiteindelijk recht leek. Alleen op financieel gebied was Noorman, die bovendien over de beslissende stem beschikte, zijn meerdere.

De oplossing die toen werd gevonden en waarmee een zekere motie van wantrouwen werd voorkomen was een door Stomp (VVD) aangedragen noodgreep om de steun aan zijn eigen college (maar niet het vertrouwen) op te zeggen. Waarmee de voorwaarde was geschapen voor het toenmalige college om “de eer aan zichzelf te houden” en op te stappen.

Waarna ze met vlag en wimpel konden worden uitgezwaaid. Die eervolle oplossing heeft de Enkhuizer belastingbetaler weliswaar een paar ton aan wachtgeld gekost, maar wie het breed heeft, kan het ook breed laten hangen.

Ik heb de raad destijds verweten, dat ze Boland toen niet ter verantwoording hebben geroepen. Ik heb daarover ooit nog eens een telefoongesprek met Noorman gevoerd waarin hij erkende, dat het inderdaad niet verstandig was geweest om de kwestie op zijn beloop te laten en in de doofpot te stoppen.

En dat is het probleem met de Enkhuizer raad. Men weet op elke slak zout te leggen en vangt elkaar regelmatig vliegen af, maar als het om werkelijk belangrijke zaken gaat, zoals haar budgetrecht of haar recht op volledige en juiste informatie, dan kijkt men de andere kant op en wordt er water bij de wijn gedaan.

In haar vlammende betoog tijdens de raadsvergadering afgelopen dinsdag verwijt Keesman dat de fracties zich niet aan de democratische spelregels hebben gehouden. Ik geef haar daarin gelijk, maar het heeft geen zin anderen verwijten te maken als je jezelf ook niet aan de spelregels houdt.

Toen VVD/D66 zich in 2013 niet aan de spelregels hielden en hun steun aan hun eigen college introkken heb ik daar bezwaar tegen gemaakt, maar de SP niet gehoord. Euforisch als men was over de mogelijkheid eindelijk zelf een wethouder te kunnen benoemen.

Toen diezelfde wethouder in 2016 “bewees” dat hij democratische controle op gemaakte afspraken onmogelijk had gemaakt door het niet laten uitmaken van documenten, heb ik de SP ook niet gehoord.

Wat heeft het verder nog voor zin om vertegenwoordigers te kiezen met de opdracht om (namens ons) de bestuurders te controleren, als je tegelijkertijd toestaat, dat bestuurders die controle onmogelijk maken?

Het recht op democratische controle is een van de belangrijkste fundamenten van een democratische samenleving. Onze vertegenwoordigers verkwanselen dat in ruil voor een gezellig en onbezorgd samenzijn. Het valt ze zelf niet eens op, dat ze het verkwanselen.

madZoals het ook die andere pijler van de democratie “de vrije onafhankelijke pers” het niet opvalt. Onmiddellijk bereid om elke oprisping van onze autoriteiten te noteren en te verspreiden, maar als de bijl wordt gelegd aan onze democratische normen en waarden door diezelfde autoriteiten, geeft men niet thuis.

Dat de overheid valse informatie verstrekt aan degenen die haar moeten controleren mag in Zimbabwe geen nieuws zijn, maar in democratische landen komt men daar gewoonlijk niet mee weg. Zelfs niet als de verspreider van die valse informatie president is van het machtigste land ter wereld.

Onweerlegbaar feit is, dat het college gemeend heeft de raad te moeten “informeren” met behulp van offertes die bezijden de waarheid zijn. Zowel de autoriteiten als de “vrije” pers proberen krampachtig dit feit te verzwijgen

Net als Boland heeft Olierook “de eer aan zichzelf gehouden”, want dat is het enige wat er telt in Enkhuizen. Maling aan de spelregels, als de eer van de autoriteiten maar niet wordt aangetast. Om het even of het leden van het college of om leden van de raad gaat.

Maar wie zich niet aan de spelregels houdt, handelt eerloos en dat is een status die steeds nadrukkelijker aan het gemeentebestuur van Enkhuizen begint te kleven.

maart 23, 2017 Posted by | Drommedaris, Keesman, Klungelen, Olierook, SP | Plaats een reactie

Belazeren.

Marcel_Olierook

Tegen de lamp

In de krant van vandaag gaat Margreet Keesman lekker los over het onrecht dat wethouder Olierook is aangedaan. Voor een deel heeft ze gelijk.

De aanleiding voor de motie van wantrouwen die afgelopen dinsdag werd ingediend is nogal gezocht. Maar dat is een deel van het verhaal.

Het hele verhaal is dat die motie 8 maanden geleden al had moeten worden ingediend. Toen “bewees” Olierook namelijk, dat hij niet in staat was om leiding te geven aan dat deel van de organisatie dat afspraken had gemaakt met de aannemer over de verzwaring van het elektranetwerk in de Drommedaris.

Dat “bewijs” bestond uit het feit dat er (naar zijn zeggen) geen gespreksverslag was gemaakt van die bijeenkomst met de aannemer over die verzwaring en we het moesten doen met een soort van interpretatie achteraf.

Een interpretatie die van alle kanten rammelde en waaraan ik op dit blog uitgebreid aandacht heb besteed. Uiteraard heeft (op een enkele uitzondering na) geen raadslid daar aandacht aan besteed. Want alles wat er gezegd of geschreven wordt buiten de kaasstolp waaronder ze zich maandelijks terugtrekken heeft hun belangstelling niet.

Met als uiteindelijk resultaat, dat ik (op mijn beurt) geen waarde meer hecht aan hetgeen ze elkaar onder die kaasstolp proberen wijs te maken. En dus heb ik mijn conclusie aan de bestuursrechter voorgelegd, met het verzoek daar een oordeel over uit te spreken.

Want ofwel men probeert elkaar vliegen af te vangen, of men praat alles goed. Tijd voor het oordeel van iemand die nu eens geen belang heeft bij de uitkomst en daarmee misschien een kleine bijdrage kan leveren aan de tamelijk verziekte bestuurscultuur in Enkhuizen.

Enerzijds een coalitie die alles goedpraat wat de eigen wethouders uitspoken. Anderzijds een oppositie die niet in staat blijkt tot het formuleren van een helder standpunt over wat er misgaat, om vervolgens (vanuit de onderbuik) toe te slaan met een motie van wantrouwen.

Tijdens de raadsvergadering van 5 juli 2016 bestookte Keesman haar collega raadsleden Langbroek en Quasten met de vraag of zij over enige aanwijzing beschikten dat Olierook een leugenaar was. Beiden ontweken een rechtstreeks antwoord, maar ik heb daar wat minder moeite mee. Olierook loog toen hij beweerde dat de kosten van verzwaring een bedrag van € 100.000,- omvatte.

Het bewijs voor die leugen leverde hij zelf toen hij een jaar later verklaarde dat de kosten € 20.000,- waren. De offerte die hij (als bewijs) aan de raad ter inzage gaf was een fake. Hij wist dat zelf ook. Het bewijs daarvoor zit hem in de documentatie die mij in het kader van mijn WOB verzoek ter inzage werd gegeven. Daarin ontbreekt elke notitie of een verslag met behulp waarvan je kunt verklaren hoe je van een oorspronkelijke kostprijs van € 100.000,- uit kunt komen op een kostprijs van € 20.000,-.

De simpele werkelijkheid is dat Olierook geen zin had om meerkosten (als gevolg van vertraging) voor zijn rekening te nemen, maar de schuld daarvoor in de schoenen van de stichting wilde schuiven. En om die reden met de aannemer afsprak de kosten van verzwaring en (meerkosten als gevolg van vertraging) bij elkaar op te tellen, met als “bewijs” een frauduleuze offerte voor de “verzwaring”.

krokodilIk wil niets af doen van de kwaliteiten die Olierook heeft gedemonstreerd op het gebied van het sociale domein, maar wat mij betreft houdt het op als je de raad (en indirect dus ons allemaal) probeert te belazeren. Dan mag je, wat mij betreft, vertrekken. Dat de raad daar wat soepeler over denkt (als het ze uitkomst doen ze vrolijk mee aan dat belazeren) maakt het niet anders.

Dus Keesman huilt krokodillentranen.

Vorig jaar stelde ik voor om Olierook een reprimande te geven voor het feit dat hij de raad onjuist informeerde en hem het geld te geven waar hij om vroeg. Maar als je er voor kiest te volharden in je leugens, dan moet je niet verrast opkijken als je uiteindelijk toch tegen de lamp loopt.

maart 10, 2017 Posted by | Drommedaris, Keesman, Olierook | 4 reacties

Overnemen

Marcel_Olierook

Zelfgenoegzaam

Omdat ik worstel met de gevolgen van de waterpokken die ik 65 jaar geleden heb gehad (gordelroos) ben ik gisteravond niet al te laat naar bed gegaan. Vanochtend las ik in de krant dat wethouder Olierook was opgestapt. Voor de precieze reden zal ik het audioverslag beluisteren.

Ik las ook in de krant dat Olierook zichzelf een goed wethouder vond en vindt. Zelfgenoegzaamheid is ook een kwaliteit. Daaruit blijkt dat hij in ieder geval geen last heeft van valse bescheidenheid. Wel vrees ik, dat hij zijn vermogen om leugens te vertellen (en toch te worden geloofd) ernstig heeft overschat.

Ze mogen dan traag van begrip zijn in de raad van Enkhuizen, maar uiteindelijk valt het kwartje toch wel.

Op 13 juni 2016 schreef ik een column met de titel “Komt hoogmoed opnieuw ten val?”. De eerste zin was “De kans is niet groot, maar het valt toch niet helemaal uit te sluiten dat wethouder Olierook vanwege zijn gedraai en duimgezuig uiteindelijk gevraagd zal worden om terug te treden. Eens raakt zelfs in Enkhuizen het geduld op.” Acht maanden later is het dan eindelijk zover. De kruik gaat zo lang te water tot hij barst.

Hij heeft het, dank zij een besluiteloze raad, langer weten vol te houden dan ik had verwacht. Ze zijn in Enkhuizen namelijk bijzonder tolerant aangaande portefeuillehouders die de boel belazeren.

Dat was gisteravond kennelijk niet het geval. Volgens de krant werd hem verweten dat hij de raad niet voldoende en actief had geïnformeerd. Dat vind ik nog netjes uitgelegd. Wat de Drommedaris betrof heeft hij de raad keihard  voorgelogen. De offerte die hij de raad voorhield als zijnde de kosten van de verzwaring was gewoon frauduleus.

Tot dusver heeft Olierook nog steeds geen antwoord gegeven op de vraag hoe het kan, dat hij werkzaamheden eerst “begroot” op € 100.000,- en een jaar later overeenkomt dat ze maar € 20.000,- waren.

En nu hij die vraag niet meer zelf hoeft te beantwoorden is het aan zijn opvolger om daar helderheid over te verschaffen. Ik ben benieuwd wie die klus van hem overneemt.

maart 8, 2017 Posted by | Drommedaris, Klungelen, Machtswisseling | 2 reacties

Herders en schapen.

schapenPersoonlijk denk ik, dat het gevalletje Tichelaar (die voor zijn schoonzuster een opdrachtje van € 3000,- ritselde) minder ernstig is, dan een college dat op basis van frauduleuze documenten € 100.000,- probeert te ritselen voor een aannemer.

De Drenten hebben de kwestie Tichelaar in drie dagen tot een einde gebracht, maar in Enkhuizen weten ze na twee jaar nog steeds niet wat ze moeten doen.

In Drenthe dwalen de schapen over de heide. In Enkhuizen zitten ze in de gemeenteraad.

Het Enkhuizer schaap heeft twee kenmerkende eigenschappen. Veel geblaat, weinig wol. Aanstaande dinsdagavond komt de kudde weer bijeen in de Breedstraat voor een avondje blaten. De Enkhuizer Krant zal daar waarheidsgetrouw verslag van doen.

De Enkhuizer bevolking heeft uiteraard geen enkele aandacht voor de schapen in de Breedstaat. Op de lokale sociale media gaat men los over een andere diersoort. De gans. Een aanzienlijk aantal dient van het Wilhelminaplantsoen verplaatst te worden naar een andere locatie en dat brengt beroering.

Reden voor de Enkhuizer Krant om het gemeentebestuur te bevragen over het lot van deze beesten. Dat blijkt mee te vallen, zodat alle consternatie op de sociale media voor niets lijkt te zijn geweest.

Maar als ik al maanden geleden constateer dat het college de democratische controle op de door haar gemaakte afspraken onmogelijk maakt, door geen gespreksverslagen te maken van bijeenkomsten waarin ze financiële toezeggingen doet, dan vindt de Enkhuizer Krant het niet nodig de autoriteiten daarover te bevragen.

En als ik concludeer dat het stadsbestuur zijn beleid baseert op frauduleuze documenten (hoe kan het anders dat iets, wat eerst € 100.000,- heette te kostten een jaar later nog maar € 20.000.- kostte) dan worden herders, noch schapen daarover bevraagd.

Te ingewikkeld misschien? Te pijnlijk voor de betreffende autoriteiten? Te weinig ophef daarover op de sociale media? Wie zal het zeggen? Eén ding is duidelijk, ik zal op zoek moeten naar een landelijk krant, die wel de ambitie heeft een pijler van de democratie te willen zijn. U leest vanzelf wel wanneer dat gelukt is.

maart 6, 2017 Posted by | Bestuurscultuur, Drommedaris | 2 reacties