De olifant in de kamer

De krant pakt lekker uit vandaag met de kop, dat het Enkhuizerzand (door het ingrijpen van de provincie) op losse schroeven staat.

Vervolgens schetst men de nog resterende mogelijkheden. Herinrichten overeenkomstig de wensen van de provincie, dan wel in beroep gaan tegen het besluit van de provincie.

Als gebruikelijk laat de krant de olifant in de kamer onbenoemd, waardoor het probleem nog lekker onoverzichtelijk blijft, terwijl er een voor de hand liggende oplossing is.

Namelijk, toegeven dat een vakantiedorp met 200 woningen iets te veel van het goede is en genoegen nemen met een aanzienlijk lagere hoeveelheid.

Bijvoorbeeld net zo veel als er in Broekerhaven staan, dus 80 kavels.

Probleem is dat men 200 kavels met Orez is overeengekomen en dat Droomparken haar aankoopprijs (van Orez) op basis van die hoeveelheid kavels zal hebben bepaald.

Ik heb de rekensom hier al eens uitgevoerd. Het oorspronkelijk plan telde 200 kavels met een uiteindelijke verkoopprijs van € 100.000,- per kavel. Het nieuwe (nog te maken plan) heeft maar 80 kavels met een geschatte opbrengst van 8 miljoen.

De kans is dus groot, dat Droomparken compensatie wil voor de 12 miljoen omzetverlies die het gevolg is van het toegeven aan de wens van de provincie (= minder bouwvolume).

Gaat dat de gemeente geld kosten? Op het eerste gezicht zou je denken van wel, maar ik denk dat het mee zal vallen.

Immers, de olifant in de kamer is, dat de deal die Struijlaart met Orez heeft gesloten zo ongelooflijk slecht voor de gemeente is (en zo ongelooflijk goed voor Droomparken) dat  Droomparken  zich wel twee keer zal bedenken voordat ze de hele “deal” afblaast.

Zelfs met een omzetverlies van zo’n 12 miljoen valt er voor Droomparken nog genoeg te verdienen aan een vakantiedorpje in Enkhuizen.

Alleen kunnen raad en college (die de deal met Orez tot dusver bejubeld hebben als de best mogelijke deal) nu niet plotseling erkennen, dat het in feite een volstrekt waardeloze deal was, die ze hebben gesloten/bejubeld.

En dat de huid, die de gemeente verkocht, zeker 12 miljoen meer waard was, dan ze er voor hadden bedongen.

Maar daar gaan ze, met een paar schijnbewegingen (en wat drogredenen) richting inwoners, wel uitkomen. De inwoners betalen namelijk liever wat meer belasting, dan zich ergens in te verdiepen.

Uiteindelijk zal blijken, dat dank zij de briljante onderhandelingen van de wethouder  aan de wensen van de provincie tegemoet kan worden gekomen, zonder dat dit (tegen ieders verwachting) de gemeente ook maar een cent extra zal hebben gekost.

Dat laatste zal waarschijnlijk ook niet waar zijn, maar zowel raad als college hebben er beide belang bij om dat te verbergen en dat gaat ze dus ook wel lukken.

Over de problemen met het ZZM, Heemschut en de IJsselmeervereniging een ander keer.

 

 

Beoordelingsfouten.

Hoewel iedereen dus (gelet op de ingediende zienswijze) op zijn klompen kon aanvoelen, dat de provincie (tenzij het aantal te bouwen vakantiewoningen zou worden beperkt) met een reactieve aanwijzing zou komen, roepen college en raad nu eensgezind, dat het besluit van de provincie voor hen als een verrassing komt.

In plaats van de hand in eigen boezem te steken, zoekt men zoals gebruikelijk de oorzaak van de problemen elders.

Men spreekt het vermoeden uit, dat de tussentijdse wisseling van de Provinciaal Adviseur Ruimtelijke Ordening (PARK) daar een (onoorbare?) rol in heeft gespeeld. Eerder al werd gepoogd de rol van de Commissaris van de Koning en de rol van de door hem aanbevolen bemiddelaar (tussen gemeente en ZZM) ter sprake te brengen.

Het was vooral de SP die zich daar druk over maakte, maar volgens de krant lijkt nu ook de gemeente zelf vraagtekens te plaatsen bij de PARK. Ik heb zijn rapportage ingezien en daar valt wat mij betreft weinig op aan te merken. Het hele gedoe daarover stelt dan ook weinig voor en is niet meer dan een wanhopige poging om de aandacht af te leiden van de beoordelingsfouten die college en de raad zelf hebben gemaakt.

Beoordelingsfouten van het college zouden (in theorie) door de raad moeten worden opgemerkt en gecorrigeerd. In de praktijk gebeurt dit echter zelden of nooit.

Een belangrijke beoordelingsfout van het college was “om de huid te verkopen voordat men de beer had geschoten”. Anders gezegd, de gemeente ging verplichtingen aan ten opzichte van Orez, zonder zeker te weten of zij die verplichtingen (door middel van een nog aan te nemen bestemmingplan) zou kunnen nakomen.

Nu is het goedkeuren van een bestemmingsplan door de raad zelden een probleem en ook nu leverde die goedkeuring geen enkel probleem op.

Maar het door de raad laten goedkeuren van een bestemmingsplan vormt geen garantie dat andere betrokkenen daar ook mee instemmen.

Te veronderstellen, dat andere betrokkenen (zoals het ZZM) uiteindelijk geen bezwaar zouden maken was een kolossale beoordelingsfout van het college. Met als gevolg dat men nu zit ingeklemd tussen een overeenkomst met Orez/Droomparken (waarin men  de levering van twee honderd kavels (met vergunning) heeft afgesproken) en de wens van de provincie om dat bouwvolume aanzienlijk te beperken.

We mogen er van uitgaan, dat Droomparken haar aankoop van Orez heeft gedaan met een bepaalde winstverwachting en dat zij die ook gerealiseerd wil zien. Op basis van het oorspronkelijke plan is het realistisch om te stellen dat die 200 kavels een omzet van 20  miljoen zouden genereren.

In het nieuwe plan zal die omzet veel minder zijn geworden. Wordt vervolgens ook nog het aantal te bouwen huizen aanzienlijk minder (waar de provincie op aandringt), dan komt de winstgevendheid van het plan nog verder onder druk.

Hoe ver Droomparken daarin mee zal gaan moet worden afgewacht. Maar duidelijk is, dat de gemeente zichzelf, (als gevolg van haar beoordelingsfout) behoorlijk in de nesten heeft gewerkt.

Waar we nu getuige van zijn, zijn de verwoede pogingen van college en raad om het bestaan van de eigen beoordelingsfouten te ontkennen en tegelijkertijd te wijzen op de tekortkomingen van anderen. Zoals de PARK bijvoorbeeld. Ik vrees dat dit op zichzelf een nieuwe beoordelingsfout is en wederom een bevestiging is van het incompetente handelen van college en raad.

 

Vragen stellen.

De meeste lezers van mijn blog zullen er wel rekening mee hebben gehouden, maar voor alle anderen, zoals het college, de gemeenteraad, Droomparken, de belangenvereniging van de campingbewoners en en de zeilschool (om er een paar te noemen) moet het toch als een verrassing komen dat provinciale staten van plan is de herontwikkeling van het Enkhuizerzand te blokkeren.

Door gebruik te maken van een reactieve aanwijzing waarover op 3 december besloten zal worden.

Zodat we een voorlopige tussenbalans kunnen opmaken.

  • Vanaf februari 2016 is het college met Tuin en consorten aan de gang gegaan met het maken van een plan voor de herinrichting van het Enkhuizerzand.
  • Nadat het college zich (november 2018) formeel verplicht had het plan te zullen uitvoeren, liet Droomparken (april 2019) weten inmiddels de eigenaar te zijn van dat plan.
  • Waarna (in samenspraak met Droomparken) het bestaande plan in de prullenbak werd gegooid en er samen met Droomparken een nieuw plan werd samengesteld, hetgeen door de voltallige raad met gejuich werd ontvangen.
  • In dat nieuwe plan is, volgens de provincie, onvoldoende rekening gehouden met de door de provincie ingediende bezwaren, met name op het gebied van de ruimtelijke kwaliteit.
  • Met als gevolg een “reactieve aanwijzing”, waarmee voorkomen kan worden dat er onderdelen van het bestemmingsplan in werken kunnen treden.

Daarmee zijn we terug in februari 2016 toen het toenmalige college (dat in het leven was geroepen door de SP en onder leiding stond van burgemeester Baas)  besloot om over te gaan tot onderhandse gunning aan de gelegenheidscombinatie Tuin en consorten.

Volgens mij zijn dat de enigen die van de hele operatie beter zijn geworden. Er van uit gaande, dat ze hun plan met dikke winst aan Droomparken hebben verkocht. Wat wederom de vraag oproept, wat de gemeente bezielde, om haar ziel en zaligheid te verkopen aan een gelegenheidscombinatie, die op geen enkele wijze voldeed aan de eisen, die men daar (vooraf) aan had gesteld.

Met andere woorden, welk gemeentelijk belang was er mee gediend, dat het college niet met een toekomstige eigenaar afspraken maakte, maar de voorkeur gaf aan een stroman, katvanger of hoe je zo’n tussenpersoon ook wilt noemen.

Het lijkt me een van de vele vragen die de raad zou moeten stellen, maar die zal het wel weer te druk hebben zichzelf van elke verantwoordelijkheid voor de gang van zaken vrij te pleiten.

Narrig

Waar ik wel een beetje narrig van word zijn die vrolijke, niks aan de hand berichten, die het NHD mij aanreikt. Ik weet het, ze kunnen er niks aan doen, want ze zijn nu eenmaal verslaggever en ze moeten verslag doen van wat ze wordt verteld.

Door zo’n Andries Bruil (van Droomparken) bijvoorbeeld.

Die is lekker stamppot wezen eten met de campinggasten en roept “we hebben niet voor niets voor Enkhuizen gekozen, dat is voor ons een strategische locatie.”

Oh ja, maar waar was Bruil dan toen hij kon meedoen aan een competitieve dialoog of aan de openbare inschrijving? In geen velden of wegen te bekennen. In plaats daarvan stuurde hij een katvanger, die voor hem een onderhandse gunning moest zien los te peuteren van de gemeente.

Of wil hij beweren, dat hij niet wist dat het Enkhuizerzand in de aanbieding was en er pas achterkwam toen Tuin en consorten er mee liepen te leuren?

Trouwens, toen Orez haar overeenkomst met de gemeente sloot (november 2018) bevatte die al een bepaling, die het noodzakelijk maakt een aan Bruil gelieerde onderneming in te schakelen.

Nog voordat Bruil Orez had gekocht, bepaalde hij al dat Orez gebruik moest maken van een aan hem gelieerd bedrijf bij de verhuizing van de camping.

In het gunstigste geval heeft Enkhuizen zich, door Droomparken, op spectaculaire wijze een oor aan laten naaien door in zee te gaan met Tuin en consorten. In het ergste geval wist de gemeente dat ze met een stroman onderhandelde en was er persoonlijke belang in geding om dat voor de raad (en daarmee de bevolking) geheim te houden.

Zolang er geen bewijs van het tegendeel komt, blijf ik er van uitgaan dat Bruil voor één miljoen grond gekocht heeft van de gemeente, die hij straks voor twintig miljoen kan verkopen.

En daar kan best een stamppot maaltijd met de campinggasten van af en is het ook niet moeilijk om van alles en nog wat te beloven. Zoals, dat de nieuwe camping per 1 april 2020 klaar zou zijn. Gaat niet gebeuren natuurlijk en dat weet hij zelf ook wel.

Maar wat zou het, de campinggasten kunnen nergens heen en hoe meer er uiteindelijk afhaken, hoe beter het is voor Droomparken. Want dan kunnen ze chalets verkopen en  verhuren. Wat er ook in Broekerhaven wordt gedaan door Europarcs. Daar was ruimte voor 78 chalets, met een beetje geluk halen ze uiteindelijk het dubbele in Enkhuizen.

Nu de kaarten zijn geschud en de contracten zijn getekend, mag er naar hartenlust en door iedereen worden geparticipeerd. Uiteraard met respect voor hetgeen er reeds is vastgelegd tussen gemeente en Droomparken.

En natuurlijk ook rekeninghoudende met het verdienmodel van Droomparken want Andries Bruil mag dan de goedheid zelf zijn, hij is zeker niet gek.

 

Eenzijdige voorbereiding

Ik heb REZ al eerder vergeleken met Brexit, waarvan de voorstanders denken, dat zodra het Britse parlement een besluit om uit te treden heeft goedgekeurd, het ergste voorbij is.

Het is een misvatting, het moeilijkste deel zijn de onderhandelingen met de EU, die nog moeten worden gevoerd over de nieuwe handelsrelatie.

Voor het REZ geldt precies hetzelfde. De raad denkt, als we de rijen sluiten en unaniem  het bestemmingplan goedkeuren, dan zijn de grootste problemen voor de gemeente opgelost.

Helaas, dan beginnen de problemen pas echt, omdat er dan zaken aan de orde gesteld worden, waarvan de raad heeft nagelaten om zich in te verdiepen. Omdat, zoals Keesman (SP) het uitdrukte, men dacht er van uit te kunnen gaan, dat alles wel goed geregeld zou zijn.

Gisteren stond Heemschut in de krant met de mededeling, dat als de provincie niet met een reactieve aanwijzing ingrijpt, Heemschut haar bezwaren zal voorleggen aan de Raad van State. Wat impliceert dat er voor 2023 niets zal gebeuren.

Niets? Jazeker omdat de bezwaren van Heemschut ook het terrein betroffen waarop de nieuwe camping zou worden aangelegd.

Ik had de vage hoop, dat de reactieve aanwijzing van de provincie beperkt zou blijven tot het aantal vakantiewoningen en de rest van het bestemmingsplan goedgekeurd zou worden. Maar als het terrein voor de nieuwe camping ter discussie wordt gesteld, dan heeft dat gevolgen voor de verhuizing die noodzakelijk is, voordat er met de eigenlijke herinrichting kan worden begonnen.

Maar als de nieuwe camping nog niet kan worden aangelegd, dan kan ook de verhuizing niet doorgaan. Iets waarvan de gemeente en Orez vrij recent nog riepen dat hij uiterlijk 1 juli 2020 voltooid zou zijn. Niet dus.

Wanneer houden gemeente en Orez nu eens op om Enkhuizers dingen voor te spiegelen die ze niet kunnen waar maken? Als gevolg van hun volstrekt eenzijdige voorbereiding van het project.

 

Vergeefs.

Een paar dagen geleden dacht ik nog na over een nieuw WOB verzoek, maar dat idee heb ik inmiddels weer opgegeven. Het is immers allang duidelijk dat de gemeente, als zo’n verzoek haar niet uitkomt, liever de wet overtreedt, dan haar uitvoert.

Verder is het inmiddels ook voldoende duidelijk dat de instantie, wiens taak het is er op toe te zien dat de gemeente de wet naleeft, daar niet toe bereid is.

De gemeenteraad zit niet te wachten op een waarheid die in tegenspraak is met wat ze al die tijd voor waar heeft gehouden. Liever heeft ze plausibel klinkende verklaringen, die datgene bevestigen, wat ze toch al geloofde.

De simpele feiten zijn: Een jaar geleden verkocht de gemeente grond (met een potentiële waarde van meer dan € 20 miljoen) voor minder dan een miljoen aan een pas opgericht  bedrijfje. Zonder personeel en een eigen vermogen van € 201,- .

Zodat dat bedrijfje de grond (met een paar miljoen winst) kon doorverkopen aan een project-ontwikkelaar.

Inmiddels heeft de gemeenteraad unaniem ingestemd met deze gang van zaken en is er niets dat haar er toe kan bewegen om die dwaling onder ogen te zien.

Uiteraard propaganderen college en raad (daarbij geholpen door de reguliere pers) ten behoeve van een goedgelovige bevolking een aangepaste werkelijkheid. Met veel toeters en bellen, die de aandacht moet afleiden van wat er is gebeurd.

Het zij zo. Ik heb geen zin meer. Tegen de domheid strijden zelfs goden tevergeefs.

De verlosser?

Wat me ook is opgevallen is, dat de raad Droomparken heeft binnengehaald als of het de verlosser zelf was. Wethouder Struijlaart sprak zelfs over de wens om een blijvende en goede verhouding met elkaar op te bouwen, waarbij je elkaar het vel niet over de neus zou dienen te trekken.

Dat laatste zei hij er weliswaar niet bij, maar vloeit toch een beetje voort uit het feit, dat de gemeente als de dood is, dat de financiële details van haar deal met Orez BV naar buiten komen.

Hoe die eigendomsverhouding Orez/Droomparken  precies in elkaar zit is me nog niet helemaal duidelijk. Volgens de uittreksels van de Kvk is een holding eigenaar van Orez BV. En is die holding  verkocht aan weer een andere BV, Reynaerde Leisure.

Wie daar de eigenaar van is vermeldt het uittreksel niet, maar het kan bijna niet anders of het moet Droomparken zijn. Het bestuur over Reynaerde Leisure is overigens niet in handen van Droomparken, maar van Lapsa Beheer BV.

Je kunt je dus afvragen waarom je twee BV’s nodig hebt (Orez BV en Holding Rez BV) om het recreatieoord te ontwikkelen, maar het antwoord daarop ligt besloten in wat onze gemeentelijke bollebozen met Orez BV zijn overeengekomen.

In artikel 21 van die overeenkomst staat bepaald wat er in geval van overdracht van rechten (voortvloeiende uit de overeenkomst) dient te gebeuren. Er zou aan de gemeente om goedkeuring moeten worden gevraagd. De overdracht van rechten zou pas nadat er een schriftelijke goedkeuring van de gemeente was verkregen, kunnen plaatsvinden.

De gemeente dacht dat ze zichzelf  (met die bepaling) had beschermd, maar Tuin en consorten  bleken net iets slimmer te zijn. Ze verkochten niet de eigenaar van de rechten, (Orez BV) maar de eigenaar van de eigenaar van de rechten. (Holding REZ BV).

En voor een dergelijke verkoop was geen goedkeuring van de gemeente nodig.

Het oprichten van twee BV’s had dus een vooropgezet doel. In staat te zijn de rechten (die voortvloeiden uit een overeenkomst) te verkopen, in weerwil van hetgeen daarover in de overeenkomst was bepaald.

Heel slim allemaal natuurlijk, maar om nu te zeggen: “precies het soort van bedrijf waar ik als gemeente een langdurige en innige relatie mee wil opbouwen”?

Enfin, alle betrokkenen zullen hun aandeel in de gang van zaken ontkennen. Inclusief de raad en het college die hun best zullen blijven doen om te doen voorkomen, dat alles geheel volgens plan is verlopen.

Tuin c.s hebben de gemeente een oor weten aan te naaien en Droomparken is lachende derde geworden. Verder niks meer aan te doen, want alles is in kannen en kruiken, tenzij de provincie (of de IJsselmeervereniging) nog roet in het eten gooit. Bijvoorbeeld door te eisen, dat er minder vakantiewoningen zullen worden gebouwd dan de gemeente alvast met de ontwikkelaar heeft afgesproken.

Dan zal er weer met Droomparken onderhandeld moeten worden over hun verlies van inkomsten. Of de raad dan nog steeds denkt, dat ze met de verlosser van doen heeft zien we dan wel weer.